Farmacotherapeutisch Kompas Mobiel

amitriptyline

N06AA09, Dit geneesmiddel valt onder: Depressie en antidepressiva


Samenstelling

Amitriptyline Tabletten [Diverse fabrikanten]Icoon

(hydrochloride)
Tablet 10 mg, 25 mg.

Sarotex [Lundbeck bv]Icoon

(als hydrochloride)
Capsule met gereguleerde afgifte 'Retard' 25 mg, 50 mg.

Tryptizol [Merck Sharp & Dohme bv]Icoon

(hydrochloride)
Tablet 25 mg, 50 mg.

Terug naar boven

Let op

Advies

Bij de behandeling van een depressie geschiedt de keuze van een geneesmiddel op basis van de ernst van de depressie, comorbiditeit, bijwerkingen, ervaring en de prijs. De werkzaamheid bij milde tot matige depressie is van alle antidepressiva gelijk. Bij ernstige depressie gaat de voorkeur uit naar de TCA's. TCA's (bv. amitriptyline, imipramine of nortriptyline) zijn de goedkoopste antidepressiva.

Medicatie neemt een beperkte plaats in bij de behandeling van enuresis nocturna. Indien gedragsregels onvoldoende effectief zijn kan een kortdurende toepassing van medicatie worden overwogen. Op grond van het bijwerkingenprofiel gaat hierbij de voorkeur uit naar desmopressine.

[Bij perifere neuropathische pijn door diabetische neuropathie en postherpetische neuralgie kan een proefbehandeling met amitriptyline worden begonnen. Amitriptyline is het best onderzocht bij diabetische neuropathie en in mindere mate bij postherpetische neuralgie.]

Bij het voorschrijven van dit geneesmiddel dient volgens de Regeling Geneesmiddelenwet de reden van voorschrijven op het recept te worden vermeld.

Terug naar boven

Eigenschappen

Tricyclisch antidepressivum (TCA) met sterk sedatieve en sterk anticholinerge en antihistaminerge werking. Het remt de synaptische heropname van noradrenaline en serotonine in de hersenen. Bij opvallend weinig werkzaamheid kan sprake zijn van een CYP2D6-polymorfisme. Werking: bij depressie na 1–2 weken, bij enuresis nocturna al in de eerste dagen.

Kinetische gegevens

Therapeutische plasmaconcentraties: 0,15–0,30 mg/l (amitriptyline plus nortriptyline). Plasma-eiwitbinding: 90%. Metabolisering: in de lever via CYP2D6 o.a. demethylering tot actief nortriptyline en hydroxylering; verder via CYP3A4, CYP2C19 en CYP1A2. Eliminatie: vnl. met de urine. T1/2el = 12–25 uur, gem. 36 uur (nortriptyline) met grote interindividuele variatie.

Terug naar boven

Indicaties

Depressies, vooral die met vitale kenmerken. Enuresis nocturna, wanneer organische oorzaken zijn uitgesloten. [Perifere neuropathische pijn].

Terug naar boven

Contra-indicaties

Herstelfase van een myocardinfarct. Terughoudendheid is geboden bij epilepsie, organische hersenbeschadiging, urineretentie, prostaathyperplasie, pylorusstenose, hart- en vaataandoeningen, hyperthyroïdie, lever- en nierfunctiestoornis.

Terug naar boven

Zwangerschap/Lactatie

Amitriptyline en de actieve metaboliet nortriptyline passeren de placenta. Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Advies: Alleen op strikte indicatie gebruiken.

Overgang in de moedermelk: Ja, ook de actieve metaboliet nortriptyline. Advies: Gebruik ontraden.

Terug naar boven

Bijwerkingen

Bij opvallend meer of ernstiger bijwerkingen kan sprake zijn van een CYP2D6-polymorfisme. Zeer vaak (> 10%): anticholinerge effecten zoals droge mond, verminderde maag-darmmotiliteit, accommodatiestoornis, palpitaties, en tachycardie; gewichtstoename, sedatie, duizeligheid, tremor, hoofdpijn, misselijkheid, overmatige transpiratie, (orthostatische) hypotensie. Vaak (1-10%): cardiovasculaire afwijkingen zoals geleidingsstoornissen en andere aritmieën, abnormaal ECG, verlengd QT- en QRS-complex, concentratiestoornis, smaakstoornis, paresthesie, ataxie, visusstoornissen, mictiestoornissen, vermoeidheid, verwardheid, libido- en erectiestoornis. Soms (0,1-1%): verhoogde intraoculaire druk, glaucoom, convulsies, oorsuizen, diarree, braken, tongoedeem, urineretentie, huidreacties, hypertensie, (hypo)manie, angst, slapeloosheid, nachtmerries. Zelden (0,1- 0,01%): gewichtsafname, verminderde eetlust, leverfunctiestoornis, verhoogd alkalinefosfatase, verhoogd transaminase, beenmergdepressie, agranulocytose, trombocytopenie, leukopenie, vergroting speekselklieren, paralytische ileus, alopecia, fotosensibilisatie, koorts, gynaecomastie, delier (bij ouderen), hallucinaties (m.n. bij schizofrenie). Verder: stijging van leverenzymwaarden, abnormaal EEG, veranderd bloedglucose, myocardinfarct, myoclonus, syncope, perifere neuropathie, coma, extrapiramidale symptomen, dysartrie, beroerte. Buikpijn, ontsteking van het mondslijmvlies, opgezette oorspeekselklier, zwarte tong, jeuk, purpura, kaalheid, SIADH, asthenie, cholestase, hepatitis, impotentie, galactorroe, agitatie, rusteloosheid. Tijdens behandeling of vlak na stoppen zijn suïcidaal gedrag of suïcidale gedachten gemeld. Bij gebruik van SSRI's en TCA's neemt, vooral bij een leeftijd > 50 jaar, het risico van botfracturen toe.

Bij enuresis nocturna zijn de meest frequente bijwerkingen: slaperigheid, anticholinerge effecten, lichte transpiratie en jeuk. Zeer zelden: na start behandeling of na dosisverhoging, syndroom dat lijkt op antipsychotisch maligne syndroom (spierstijfheid, koorts, tachycardie, tremor).

Terug naar boven

Interacties

De werking van alcohol en andere centraal dempende stoffen kan worden versterkt evenals die van kinidine en andere membraanstabiliserende anti-aritmica, parasympathicolytica en sympathicomimetica zoals adrenaline en noradrenaline. Het bloeddrukverlagend effect van centraal werkende antihypertensiva zoals clonidine kan afnemen. Enzyminducerende stoffen als barbituraten en carbamazepine kunnen de plasmaspiegels van tricyclische antidepressiva verlagen. In combinatie met CYP2D6-remmers, zoals cimetidine, kinidine, paroxetine, fluoxetine, sertraline en ritonavir, kan het nodig zijn de amitriptyline-dosering te verlagen. In combinatie met middelen met een serotonerge werking kan het "serotonine syndroom" optreden. In combinatie met CYP3A4-remmers zoals ketoconazol en ritonavir zijn klinisch relevante interacties te verwachten. De resorptie van verschillende geneesmiddelen wordt verminderd door vertraagde maaglediging en versterkte afbraak. In combinatie met MAO-remmers zijn ernstige intoxicaties (hyperpyretische en hypertensieve crises, ernstige convulsies en sterfgevallen) voorgekomen. Deze reactie kan tot 14 dagen na de laatste gift van een MAO-remmer optreden. Gelijktijdig gebruik met MAO–remmers is gecontra–indiceerd. Schildklierhormonen versterken de werking.

Terug naar boven

Waarschuwingen en voorzorgen

Bij opvallend weinig werkzaamheid of bij meer of ernstiger bijwerkingen kan sprake zijn van een CYP2D6-polymorfisme; zie ook onder Doseringen. Het gebruik kan leiden tot verminderd reactie- en concentratievermogen. Vele dagelijkse bezigheden (bv. autorijden) kunnen daarvan hinder ondervinden. Toepassing als antidepressivum wordt ontraden bij kinderen jonger dan 12 jaar. Voorzichtigheid is geboden bij ouderen vanwege verhoogde gevoeligheid voor de anticholinerge en cardiovasculaire bijwerkingen. Vanwege meer kans op cariës is gebitscontrole aangewezen. Een onderliggende psychose of manie kan manifest worden of verergeren. Het verdient aanbeveling in de eerste tien weken van behandeling het bloedbeeld te controleren bij optreden van keelpijn en koorts. Regelmatige controle van de bloeddruk is nodig. Bij suïcidaal gedrag of suïcidale gedachten in de anamnese, evenals bij patiënten jonger dan 25 jaar, bestaat een vergroot risico van suïcide en suïcidale gedachten. Ter voorkoming van suïcidepogingen is nauwkeurige observatie noodzakelijk, met name in de eerste week van de therapie en dient de patiënt niet over grote hoeveelheden antidepressiva te kunnen beschikken. Bij verergering van de aandoening, bij suïcidale neigingen of andere psychiatrische symptomen overwegen om de therapie te wijzigen. Een kuur mag niet plotseling worden gestaakt; de dosering moet geleidelijk worden verminderd. Dit middel kan door pupilverwijding de oogdruk verhogen en een aanval van acuut glaucoom veroorzaken. De urine kan blauwgroen verkleuren. Amitriptyline niet gebruiken voor depressie bij personen die jonger zijn dan 18 jaar, omdat de werkzaamheid en de langetermijngevolgen op groei en ontwikkeling voor deze leeftijdsgroep niet is vastgesteld.

Terug naar boven

Overdosering

Kan letaal zijn.

Symptomen: ernstige hypotensie, convulsies, ademhalingsdepressie, ernstige aritmieën, cardiale shock en coma. Verandering in ECG is een belangrijke indicator voor toxiciteit.

Terug naar boven

Dosering

De dosering dient individueel te worden ingesteld. Het verdient aanbeveling te beginnen met een zo laag mogelijke dosering teneinde de ernst van de bijwerkingen te minimaliseren.

Depressies: Volwassenen: begindosering gewone tablet: 25 mg 3×/dag. Zo nodig geleidelijk verhogen tot 150 mg, soms tot 300 mg/dag. Bij dosering van 300 mg kan hospitalisatie gewenst zijn. De hogere dosis bij voorkeur in de namiddag of 's avonds geven. Alternatieve methode: instellen met 50–100 mg 's avonds of voor het slapen gaan en zonodig verhogen tot 150 mg in de avond óf 75 mg 's morgens en 75 mg 's avonds. Begindosering 'retard–vorm': 50 mg 1×/dag voor het slapen gaan. Na één week de dosering zo nodig verhogen met 50 mg tot 100–150 mg voor het slapen gaan. Bij voldoende effect deze dosering minstens 4 weken handhaven, daarna verminderen tot onderhoudsdosering. Onderhoudsdosering: 50–100 mg per dag, 's avonds. De behandeling voortzetten totdat de patiënt 4–6 maanden volledig symptoomvrij is; daarna uitsluipen. Ouderen: begindosering gewone tablet: 10 mg 3×/dag. Zo nodig geleidelijk verhogen met 10–20 mg om de andere dag tot 100–150 mg/dag. De additionele doses bij voorkeur 's avonds geven. Begindosering 'retard–vorm': 25 mg 1×/dag voor het slapen gaan. Na één week de dosering zo nodig verhogen tot 50–75 mg voor het slapen gaan. Bij voldoende effect deze dosering minstens 4 weken handhaven, daarna verminderen tot een onderhoudsdosering van 25–50 mg/dag 's avonds.

Enuresis nocturna: 1–1,5 mg/kg lichaamsgewicht per dag. Kinderen 5–10 jaar: 10–25 mg 's avonds; 11–16 jaar: 25–50 mg 's avonds.

[Perifere neuropathische pijn: Volwassenen: begindosering 's avonds 10–25 mg/dag, op geleide van effect en bijwerkingen elke 3–7 dagen geleidelijk verhogen tot maximaal 75–150 mg/dag; ouderen begindosering 10 mg 1× per dag.]

Bij CYP2D6-polymorfismen: poor metabolizers: dosis verlagen op geleide van de plasmaspiegel; intermediate metabolizers: verlaag de dosis met 25% en volg de plasmaspiegel; ultrarapid metabolizer: dosis verhogen op geleide van de plasmaspiegel.

De tabletten heel doorslikken met een ruime hoeveelheid water.

Terug naar boven

Verklaring van de symbolen

  • Icoon

    Aan de aanspraak op dit middel zijn voorwaarden gesteld, zie bijlage 2 horende bij de Regeling zorgverzekering.

  • Icoon

    Dit middel is niet opgenomen in het geneesmiddelenvergoedingssysteem.

  • Icoon

    Dit middel is nog niet beoordeeld, nog in beoordeling of opnieuw in beoordeling.

  • Icoon

    Zelfzorgmiddel ('over the counter').

  • Icoon

    'New chemical entity' - nieuwe chemische stof.

  • Let op icoon

    Dit geneesmiddel wordt door de Commissie Farmacotherapeutisch Kompas op farmacotherapeutische gronden afgewezen.

Bron: website Farmacotherapeutisch Kompas; copyright Zorginstituut Nederland.