CFH-Advies
Indien voor een medicamenteuze behandeling van erectiele disfunctie wordt gekozen gaat de voorkeur uit naar orale PDE-5-remmers vanwege de werking en eenvoudiger gebruik. De effectiviteit van tadalafil lijkt in dezelfde orde van grootte als van sildenafil en het bijwerkingenprofiel vergelijkbaar. Een nadeel van PDE-5-remmers is de potentieel gevaarlijke interactie met nitraten. Bij de behandeling met een PDE-5-remmer gaat op grond van de ruimere ervaring de voorkeur uit naar sildenafil. De verbetering van de inspanningstolerantie die met tadalafil bij patiënten met PAH II en III
optreedt, lijkt op basis van indirecte vergelijking vergelijkbaar met die, die met sildenafil wordt bereikt.
Zowel sildenafil als de endotheline-1-receptorantagonisten bosentan en ambrisentan zijn bij WHO-klasse II echter beter onderzocht dan tadalafil. Dit geldt eveneens voor gebruik bij
WHO-klasse III. Door de afwezigheid van de dosisafhankelijke, soms ernstige
leverfunctiestoornissen die met het gebruik van bosentan en ambrisentan samenhangen, is het
bijwerkingenprofiel van tadalafil en sildenafil gunstiger dan de profielen van bosentan en
ambrisentan. De effectiviteit van de combinatie van tadalafil met andere endotheline-1-receptor-antagonisten is niet overtuigend aangetoond. Let op: aan de verstrekking van Revatio zijn voorwaarden gesteld; zie achter punt 28Bijlage 2, horende bij de Regeling zorgverzekering.
Selectieve, reversibele remmer van het enzym cGMP-specifieke fosfodiësterase type 5. Dit enzym is verantwoordelijk voor de afbraak van cyclisch–guanosinemonofosfaat (cGMP). Tadalafil zorgt hiermee voor een verhoging van de cGMP-concentratie in het corpus cavernosum. cGMP ontstaat door vrijgekomen stikstofmonoxide (NO) tijdens seksuele stimulatie en veroorzaakt een verslapping van de gladde spieren in het corpus cavernosum, waardoor dit zich kan vullen met bloed. In het pulmonale vaatstelsel zorgt cGMP voor relaxatie van de gladde spiercellen van de longvaten met als gevolg vasodilatatie van het pulmonale vaatbed en in mindere mate van de systemische circulatie. Werking: na 16-30 min (verkrijging erectie), circa vier weken (verbetering loopafstand bij pulmonale hypertensie). Werkingsduur: 36 uur (verkrijging erectie).
Kinetische gegevens Resorptie: snel. Voedsel heeft geen effect op resorptie. Tmax = 120 min. Plasma-eiwitbinding: 94%. Vd = ca. 0,9 l/kg. Metabolisering: voornamelijk door het CYP3A4 tot weinig actieve metabolieten. Eliminatie: vnl. als inactieve metabolieten met de feces (61%), met de urine (36%). T1/2 = ca. 17½ uur.
Cialis: Behandeling van erectiestoornissen. Voor de werkzaamheid is seksuele prikkeling noodzakelijk. Adcirca: Pulmonale arteriële hypertensie (PAH) WHO-klasse II en III. Werkzaamheid is aangetoond bij primaire pulmonale hypertensie en pulmonale hypertensie geassocieerd met bindweefselziekte.
Myocardinfarct binnen een termijn van 90 dagen, hartfalen ≥ NYHA-klasse II of een CVA binnen een termijn van zes maanden (bij de indicatie erectiele disfunctie), hypotensie (< 90/50 mm Hg), ongecontroleerde hypertensie of ongecontroleerde aritmie (bij de indicatie erectiele disfunctie), angineuze klachten tijdens seksuele gemeenschap. Visusverlies in één oog als gevolg van een niet-arterieel anterieur ischemisch oogzenuwlijden wel of niet gerelateerd aan eerdere blootstelling aan een PDE-5-remmer.
Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Bij dieren geen aanwijzingen voor schadelijkheid. Advies: Gebruik ontraden.
Overgang in de moedermelk: Onbekend (bij de mens), ja (bij dieren). Advies: Tijdens gebruik geen borstvoeding geven.
Bij erectiele disfunctie: Zeer vaak (> 10%): hoofdpijn, dyspepsie. Vaak (1-10%): blozen, neusverstopping, duizeligheid, palpitaties. Buikpijn, gastro-oesofageale reflux. Spierpijn, rugpijn. Soms (0,1-1%): Bloeddrukveranderingen, tachycardie, pijn op de borst. Huiduitslag, hyperhidrose. Wazig zien, gezwollen oogleden, oogpijn, conjunctieve hyperemie. Bloedneus. Zelden (0,01-0,1%): migraine, syncope, myocardinfarct, bij bestaande risicofactoren tevens CVA en TIA. Langdurige erecties. Gezichtsoedeem. Gezichtsvelddefect. Bij pulmonale hypertensie: Vaak (1-10%): hypotensie. braken, wazig zien, bloedneus, toegenomen uterusbloeding. Verder zijn nog gemeld: hypertensie, pijn op de borst, hartkloppingen, tachycardie, beroerte, myocardinfarct. Gezichtsoedeem. Migraine. huiduitslag, urticaria. Gastro-oesofageale reflux. Verder zijn bij beide indicaties nog gemeld: ernstige overgevoeligheidsreacties (stevens-johnsonsyndroom, exfoliatieve dermatitis); overige cardiovasculaire bijwerkingen (instabiele angina pectoris, ventriculaire aritmieën, plotselinge hartdood), bij zowel patiënten met pre-existente cardiovasculaire risicofactoren als bij patiënten die deze risicofactoren niet hadden. Verder priapisme. Retinale bloedvatafsluiting, niet-arteriële anterieur ischemisch oogzenuwlijden. Plotselinge doofheid. Toevallen, voorbijgaande amnesie.
Comedicatie met nitraten is gecontra-indiceerd vanwege een potentiëring van het hypotensieve effect; in dit kader kan ook een ernstige reactie optreden met nicorandil. Indien nitraten medisch geïndiceerd zijn deze pas toedienen 48 uur na de laatste dosis tadalafil en onder nauwlettende medische supervisie en hemodynamische controle. Comedicatie met α-blokkers wordt niet aanbevolen in verband met mogelijk optreden van symptomatische hypotensie. Gelijktijdig gebruik van matig sterke tot sterke CYP3A4-remmers zoals itraconazol, ketoconazol, erytromycine, claritromycine, ritonavir en grapefruitsap kunnen de plasmaspiegel van tadalafil klinisch belangrijk verhogen en CYP3A4-inductoren zoals rifampicine, fenytoïne en carbamazepine verlagen. Bosentan vermindert de systemische blootstelling aan tadalafil; de werkzaamheid van tadalafil bij patiënten die reeds bosentan gebruiken is niet overtuigend aangetoond. De werkzaamheid en veiligheid van een combinatie van tadalafil en een prostacycline-analoog zijn niet onderzocht.
Waarschuwingen en voorzorgen
Voorzichtigheid is geboden bij anatomische deformatie van de penis (angulatie, fibrose, ziekte van Peyronie), bij ziekten die predisponeren tot priapisme (sikkelcelanemie, multipel myeloom, leukemie) en bij hogere gevoeligheid voor vaatverwijders (hypotensie, vochtdepletie, autonome disfunctie, linker ventrikel uitstroom-obstructie, multipel systeem atrofie). Tevens is voorzichtigheid geboden bij ernstige nierfunctiestoornissen (≤ 30 ml/min) of ernstige leverfunctiestoornissen (child-pughscore 10–15). Vanwege het ontbreken van onderzoeksgegevens en ervaring wordt gebruik van tadalafil bij de indicatie pulmonale hypertensie ontraden bij klinisch significante aorta- en mitralisklepaandoening, pericardconstrictie, restrictieve of congestieve cardiomyopathie, significante linkerventrikeldisfunctie, levensbedreigende aritmieën, symptomatische kransslagaderaandoening en ongecontroleerde hypotensie. Bij het optreden van plotselinge visusstoornissen de behandeling staken en onmiddellijk specialistisch oogonderzoek verrichten. De werkzaamheid is niet vastgesteld bij een erectiestoornis door een ruggenmergletsel, bekkenoperatie of radicale niet-zenuwsparende prostatectomie. Niet combineren met andere medicatie/behandelmethoden voor erectiestoornissen. De werkzaamheid van tadalafil is niet vastgesteld voor pulmonale hypertensie WHO-klasse IV; de baten/risico-verhouding is niet bekend voor WHO-klasse I. Indien zich bij gebruik van tadalafil bij pulmonale hypertensie een levensbedreigend pulmonaal oedeem ontwikkelt, dient de diagnose pulmonale hypertensie geassocieerd met pulmonale occlusieve aandoeningen overwogen te worden. De werkzaamheid en veiligheid bij kinderen en adolescenten (< 18 j.) met pulmonale hypertensie zijn onvoldoende vastgesteld.
De behandeling van pulmonale arteriële hypertensie dient alleen geïnitieerd en gecontroleerd te worden door een arts met ervaring met dergelijke behandelingen. Bij klinische verslechtering alternatieve therapieën overwegen.
erectiestoornissen: Richtlijn van het 'zo nodig' regime: 10 mg, in te nemen 30 minuten tot 12 uur vóór de seksuele activiteit. Bij onvoldoende respons 20 mg. Bij ernstige verminderde nierfunctie is de maximale dosis 10 mg. Er zijn geen gegevens beschikbaar over doseringen hoger dan 10 mg bij gestoorde leverfunctie. Maximale doseerfrequentie is 1×/dag. Vanwege het ontbreken van veiligheidsgegevens en de lange werkingsduur wordt langdurige dagelijkse inname van deze doses ontraden. Richtlijn van 'dagelijks gebruik': 5 mg 1×/dag op een vast tijdstip. Vanwege het ontbreken van een breukgleuf is een lagere dosering niet mogelijk. Bij ernstig verminderde nierfunctie wordt de toepassing 1×/dag niet aanbevolen. Bij leverfunctiestoornissen is deze niet beoordeeld.
Primaire pulmonale hypertensie en pulmonale hypertensie geassocieerd met bindweefselziekte WHO-klasse II en III: Volwassenen: Aanbevolen dosering is 40 mg 1×/dag. Bij licht tot matig-ernstig verminderde nierfunctie of licht tot matig gestoorde leverfunctie is de startdosering 20 mg 1×/dag. Daarna eventueel verhogen tot 40 mg 1×/dag. Vanwege de beperkte ervaring bij gestoorde leverfunctie deze patiënten zorgvuldig volgen. Bij ernstige levercirrose wordt gebruik van tadalafil ontraden.
|