Samenstelling

AdcetrisTakeda Nederland bv
(vedotine)
Toedieningsvorm
Poeder voor concentraat voor infusie
Sterkte
50 mg
Verpakkingsvorm
-
Toedieningsvorm
Sterkte
Verpakkingsvorm
AdcetrisTakeda Nederland bv
(vedotine)
Poeder voor concentraat voor infusie50 mg-
  • Uitleg symbolen
    Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS).
    Over the counter, dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel. Aan de vergoeding van bepaalde zelfzorgmedicatie zijn nadere voorwaarden verbonden. Deze zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
    Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering. Deze voorwaarden kunnen betrekking hebben op de indicaties, de duur van de behandeling en het voorschrijven volgens een richtlijn/protocol.
    Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Voor brentuximab is geen advies vastgesteld over de plaats in de medicamenteuze behandeling.

Indicaties

  • CD30-positief Hodgkinlymfoom (HL) bij volwassenen met meer kans op een recidief of progressie na autologe stamceltransplantatie (ASCT);
  • Gerecidiveerd of refractair CD30-positief Hodgkinlymfoom (HL) bij volwassenen:
    • na autologe stamceltransplantatie (ASCT);
    • na ten minste twee eerdere behandelingen, wanneer ASCT of combinatiechemotherapie geen optie is.
  • Gerecidiveerd of refractair systemisch anaplastisch grootcellig lymfoom (sALCL) bij volwassenen.

Dosering

Bij een hoge tumorlast vóór en tijdens de behandeling maatregelen nemen ter preventie van uraatnefropathie zoals een adequate hydratie, alkaliseren van de urine en zonodig toedienen van allopurinol. Tevens de nierfunctie bewaken. Dit vanwege het mogelijk optreden van het tumorlysissyndroom.

Controleer de patiënt tijdens en na infusie op infusiegerelateerde reacties en onderbreek bij optreden hiervan de behandeling, tot de symptomen zijn verdwenen. Hervat de infusie in een langzamer tempo en geef bij iedere volgende infusie premedicatie (zoals paracetamol, antihistaminica of corticosteroïden).

  • CD30-positief Hodgkinlymfoom (HL) met meer kans op recidief of progressie na ASCT, al gerecidiveerd of refractair CD30-positief HL, gerecidiveerd of refractair anaplastisch grootcellig lymfoom:

    Volwassenen:

    Aanbevolen dosering: 1,8 mg/kg lichaamsgewicht eenmaal per 3 weken als i.v. infusie gedurende 30 min. Als de patiënt zwaarder is dan 100 kg in de berekening een gewicht van 100 kg gebruiken. Bij CD30-positief HL met meer kans op recidief of progressie na ASCT: de behandeling pas beginnen ná herstel van ASCT.

Bij verminderde leverfunctie en bij ernstige nierfunctiestoornis: (creatinineklaring < 30 ml/min): 1,2 mg/kg lichaamsgewicht eenmaal per 3 weken als i.v.-infusie gedurende 30 min. Als de patiënt zwaarder is dan 100 kg, in de berekening een gewicht van 100 kg gebruiken.

De behandeling voortzetten tot aan ziekteprogressie of onaanvaardbare toxiciteit. Indien stabiele ziekte wordt bereikt bij gerecidiveerd of refractair CD30-positief HL en gerecidiveerd of refractair anaplastisch grootcellig lymfoom gedurende minimaal 8 en maximaal 16 cycli (= ca. 1 jaar) behandelen. Bij CD30-positief HL met meer kans op recidief of progressie na ASCT maximaal 16 cycli (= ca. 1 jaar) behandelen.

Zie voor dosisaanpassingen en richtlijnen voor onderbreking of staken van de behandeling bij (ernstige) bijwerkingen (neutropenie, perifere neuropathie) de officiële productinformatie CBG/EMA (rubriek 4.2, tabellen 1 en 2).

Brentuximab via een aparte intraveneuze lijn toedienen als infusie (niet als 'push' of bolus) en niet mengen met andere geneesmiddelen.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): ontwikkeling van perifere sensorische en/of motorische neuropathie komt bij 56–69% voor en is meestal reversibel. Verder: bovenste luchtweginfectie. Misselijkheid, braken, diarree, obstipatie, buikpijn. Gewichtsverlies. Alopecia, jeuk. Myalgie, artralgie. Vermoeidheid, koorts, rillingen, infusiegerelateerde reactie (vaker en ernstiger bij antilichaamvorming tegen brentuximab). Neutropenie.

Vaak (1-10%): sepsis, septische shock (incl. met fatale afloop), pneumonie (soms Pneumocystis jiroveci-pneumonie), herpes zoster, herpes simplex. Hoest, dyspneu. Duizeligheid, demyeliniserende polyneuropathie. Huiduitslag. Rugpijn. Anemie, trombocytopenie. Hyperglykemie. Verhoging ALAT en/of ASAT.

Soms (0,1-1%): orale candidiasis, bacteriëmie door stafylokokken. Acute pancreatitis (fatale afloop is gemeld). Tumorlysissyndroom.

Zelden (0,01–0,1%): Stevens-Johnsonsyndroom, toxische epidermale necrolyse.

Verder zijn gemeld: anafylactische reacties (o.a. angio-oedeem, hypotensie, bronchospasmen, urticaria), febriele neutropenie. Gastro-intestinale complicaties zoals darmobstructie, ileus, enterocolitis, neutropenische colitis, perforatie en hemorragie (soms met dodelijke afloop), erosie, ulcus. Progressieve multifocale leuko-encefalopathie (PML).

Interacties

Gelijktijdig gebruik met bleomycine veroorzaakt pulmonale toxiciteit en is gecontra-indiceerd.

In vivo is MMAE een substraat voor Pgp. Gelijktijdig gebruik met krachtige remmers van zowel CYP3A4 als Pgp zoals azoolantimycotica (bv. itraconazol, voriconazol, posaconazol) en HIV-proteaseremmers kan de concentratie van MMAE verhogen; indien hierdoor neutropenie optreedt de dosering zonodig aanpassen.

Gelijktijdig gebruik met krachtige inductoren van CYP3A4 (zoals carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne, rifampicine, sint-janskruid) kan mogelijk de concentratie van MMAE verlagen. Denk eraan dat het effect van de inductoren nog enkele weken na het staken van het gebruik ervan kan aanhouden.

Wees voorzichtig met gelijktijdig gebruik van andere hepatotoxische geneesmiddelen.

Brentuximab kan aanleiding geven tot hyperglykemie, pas zo nodig een antidiabetische behandeling aan.

Zwangerschap

Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Bij dieren schadelijk gebleken (embryofoetale sterfte).
Advies: Alleen op strikte indicatie gebruiken.
Overige: Een vruchtbare vrouw dient twee adequate anticonceptiemethoden gebruiken gedurende én tijdens 6 maanden na de therapie. Behandeling bij de man kan leiden tot gedeeltelijk reversibele testiculaire toxiciteit (atrofie en degeneratie van de testes) en verminderde vruchtbaarheid. Een vruchtbare man dient adequate anticonceptieve maatregelen te nemen gedurende én tot ten minste zes maanden na de therapie. Raad een vruchtbare man voorafgaand aan de behandeling aan om advies in te winnen over cryopreservatie van sperma.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend. Een nadelig effect bij de zuigeling kan niet worden uitgesloten.
Advies: Het gebruik van dit geneesmiddel of het geven van borstvoeding ontraden.

Contra-indicaties

Zie de rubriek Interacties.

Waarschuwingen en voorzorgen

Controleer vóór iedere toediening en zonodig vaker het volledige bloedbeeld in verband met beenmergremming en controleer bij neutropenie tevens op koorts en pas zonodig de dosering aan. Controleer op het ontstaan van mogelijk ernstige en opportunistische infecties. Reactivatie van het JC-virus kan leiden tot progressieve multifocale leuko-encefalopathie (PML); controleer op tekenen van PML zoals ontwikkeling of verslechtering van neurologische, cognitieve of gedragsmatige afwijkingen. Als de diagnose PML wordt bevestigd de behandeling definitief staken.

Ernstige gevallen van hepatotoxiciteit hebben zich voorgedaan. Vóór aanvang en regelmatig tijdens de behandeling de leverfunctie controleren. Wees voorzichtig bij bestaande leveraandoeningen en bij gelijktijdig gebruik van andere hepatotoxische geneesmiddelen. Bij optreden van hepatotoxiciteit de dosis uitstellen, wijzigen of de behandeling staken. De veiligheid en werkzaamheid van brentuximab bij een leverfunctiestoornis is niet vastgesteld.

Ernstige gastro-intestinale complicaties zijn gemeld; bij nieuwe of verergerende gastro-intestinale symptomen onmiddellijk diagnostiek verrichten.

Bij nieuwe of verergerende ernstige pijn in de bovenbuik, de volgende behandeling uitstellen en een acute pancreatitis uitsluiten; bij vaststelling hiervan de behandeling definitief staken.

De perifere neuropathie is een kenmerkend effect van de cumulatieve blootstelling aan brentuximab en is doorgaans reversibel. Controleer op symptomen van neuropathie zoals hypo-esthesie, paresthesie, neuropathische pijn of zwakte en pas zonodig de dosering aan, stel de behandeling uit of staak de behandeling.

Bij nieuwe of verergering van pulmonale symptomen pulmonale toxiciteit zoals pneumonitis, interstitiële longziekte en ARDS uitsluiten; zo nodig de behandeling onderbreken

Controleer serumglucosewaarde bij patiënt die hyperglykemie heeft doorgemaakt.

De veiligheid en werkzaamheid bij een nierfunctiestoornis is niet vastgesteld, controleer hierbij daarom zorgvuldig. De klaring van MMAE is ca. 2× lager bij een lage serumalbumineconcentratie (< 30 g/l) of creatinineklaring < 30 ml/min. De veiligheid en werkzaamheid bij kinderen < 18 jaar en ouderen ≥ 65 jaar zijn niet vastgesteld. Voor behandeling van vruchtbare mannen, zie de rubriek Zwangerschap.

Overdosering

Voor meer informatie over een vergiftiging met brentuximab het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Brentuximab vedotine is een antilichaam-geneesmiddelconjugaat geproduceerd door middel van recombinante DNA–technologie in ovariumcellen van de Chinese hamster. Bindt aan CD30 op CD30-positieve tumorcellen. Het vormt hiermee een complex, waarna het intracellulair omgezet wordt in het monomethylauristatine E (MMAE). MMAE bindt aan tubuline, waardoor het tubulinenetwerk ontregeld raakt, de celcyclus tot stilstand komt en apoptose van de cel plaatsvindt.

Kinetische gegevens

OverigDe biologische beschikbaarheid van MMAE daalt met ca. 50–80% na toediening van meerdere doses.
T maxca. 2 dagen (MMAE).
V dca. 0,1–0,14 l/kg (brentuximab vedotine), 0,1–0,5 l/kg (MMAE).
Metaboliseringin geringe mate, in de lever, door CYP3A4 en mogelijk ook door CYP2D6 (MMAE).
Eliminatiemet de feces ca. 72% en met de urine ca. 28% (MMAE en metabolieten).
T 1/2elca. 4–6 dagen (brentuximab vedotine); 3–4 dagen (MMAE). Langer bij een lage serumalbumineconcentratie (< 30 g/l) of een ernstige nierfunctiestoornis (MMAE; bij een creatinineklaring < 30 ml/min).
  • Uitleg afkortingen
    F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
    T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
    V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
    T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
    T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie