Samenstelling

AffusineWill-Pharma bv
Toedieningsvorm
Hydrofiele crème
Sterkte
20 mg/g
Verpakkingsvorm
30 g
Bevat tevens: butylhydroxyanisol.
Fucidin crème/intertulle/zalfLeo Pharma bv
Toedieningsvorm
Hydrofiele crème
Sterkte
20 mg/g
Verpakkingsvorm
30 g
Bevat tevens: butylhydroxyanisol.
(Na-zout)
Toedieningsvorm
Intertulle: steriel gaas geïmpregneerd met de zalf
Sterkte
10 × 10 cm
Verpakkingsvorm
-
(Na-zout)
Toedieningsvorm
Zalf
Sterkte
20 mg/g
Verpakkingsvorm
15 g, 30 g
De zalf en intertulle bevatten wolvet en butylhydroxytolueen.
Fusidinezuur CrèmeDiverse fabrikanten
Toedieningsvorm
Hydrofiele crème
Sterkte
20 mg/g
Verpakkingsvorm
30 g
Bevat tevens: butylhydroxyanisol.
Toedieningsvorm
Sterkte
Verpakkingsvorm
AffusineWill-Pharma bv
Hydrofiele crème20 mg/g30 g
Bevat tevens: butylhydroxyanisol.
Fucidin crème/intertulle/zalfLeo Pharma bv
Hydrofiele crème20 mg/g30 g
Bevat tevens: butylhydroxyanisol.
(Na-zout)
Intertulle: steriel gaas geïmpregneerd met de zalf10 × 10 cm-
Zalf20 mg/g15 g, 30 g
De zalf en intertulle bevatten wolvet en butylhydroxytolueen.
Fusidinezuur CrèmeDiverse fabrikanten
Hydrofiele crème20 mg/g30 g
Bevat tevens: butylhydroxyanisol.
  • Uitleg symbolen
    Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS).
    Over the counter, dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel. Aan de vergoeding van bepaalde zelfzorgmedicatie zijn nadere voorwaarden verbonden. Deze zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
    Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering. Deze voorwaarden kunnen betrekking hebben op de indicaties, de duur van de behandeling en het voorschrijven volgens een richtlijn/protocol.
    Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Bij schaafwonden, snijwonden, blaren enzovoorts, is goed reinigen van de aangedane huid meestal voldoende, eventueel gevolgd door applicatie van povidonjodium of chloorhexidine.

Cutane toepassing van een antimicrobieel middel is alleen zinvol bij niet-ernstige en niet-uitgebreide oppervlakkige huidinfecties zoals impetigo. Fusidinezuur heeft hierbij de voorkeur. Bij ernstige en/of uitgebreide infecties is orale therapie aangewezen.

Indicaties

  • Niet-ernstige oppervlakkige en niet-uitgebreide primaire huidinfecties veroorzaakt door micro-organismen die gevoelig zijn voor fusidinezuur, met name infecties veroorzaakt door stafylokokken, zoals:
    • impetigo contagiosa;
    • oppervlakkige folliculitis;
    • sycosis barbae;
    • paronychia;
    • erythrasma.
  • [Niet-geregistreerde indicatie: Secundair geïmpetiginiseerd eczeem].

Dosering

  • Oppervlakkige primaire huidinfecties, met name veroorzaakt door stafylokokken:

    Volwassenen en kinderen:

    Crème of zalf: na reiniging van huidlaesies en hun directe omgeving 3×/dag een dunne laag op de aangedane huid aanbrengen. Wordt de laesie afgedekt, dan kan minder frequent aanbrengen voldoende zijn. Volgens de NHG-standaard Bacteriële huidinfecties bij erythrasma en impetigo: 3×/dag gedurende maximaal 2 weken.

    Intertulle: op de huidlaesie aanbrengen en bedekken met een beschermend verband; in het begin dagelijks verwisselen, later al naargelang de behoefte iedere 2–3 dagen.

  • [Secundair geïmpetiginiseerd eczeem]:

    Volwassenen en kinderen:

    Volgens de NHG-standaard Eczeem: 3×/dag gedurende een week in combinatie met lokale corticosteroïden.

Bij aanbrengen contact met ogen en slijmvliezen vermijden. Fucidin Intertulle niet gebruiken op een ernstig beschadigde huid.

Bijwerkingen

Lokaal: Soms (0,1–1%): huidklachten (jeuk, branden, irritatie, pijn), roodheid, huiduitslag (erythemateuze, pustuleuze en (maculo)papuleuze reacties), (contact)eczeem.

Zelden (0,01-0,1%): blaasjes. Conjunctivitis.

Systemisch: Zelden (0,01-0,1%): overgevoeligheidsreacties, angio-oedeem, urticaria.

Verder is gemeld: periorbitaal oedeem, gegeneraliseerde huiduitslag.

Interacties

Er zijn van dit middel geen interacties bekend.

Zwangerschap

Systemisch toegediend fusidinezuur passeert de placenta.
Teratogenese: Zowel bij de mens als bij dieren geen aanwijzingen voor schadelijkheid bij lokaal gebruik.
Advies: Kan (voor zover bekend zonder gevaar) volgens voorschrift worden gebruikt.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Systemisch toegediend is fusidinezuur detecteerbaar in moedermelk.
Farmacologisch effect: Het is onwaarschijnlijk dat bij lokale toediening op niet al te grote huidoppervlakken bij de moeder werkzame hoeveelheden de zuigeling bereiken.
Advies: Kan volgens voorschrift worden gebruikt.
Overig: Fusidinezuur niet toepassen op de borsten.

Waarschuwingen en voorzorgen

Overgroei van niet-gevoelige micro-organismen, incl. schimmels, is mogelijk; in dat geval de toediening staken.

Langdurig of herhaald gebruik vermeerdert de kans op contactsensibilisatie en resistentie-ontwikkeling.

Eigenschappen

Fusidinezuur is een antimicrobieel middel. Blokkeert de verlengingsfactor G. Deze factor kan vervolgens niet meer binden aan de ribosomen en GTP, waardoor geen energie meer geleverd kan worden die noodzakelijk is voor de synthese van de bacteriële celwand. Het werkingsspectrum is smal. Algemeen gevoelig zijn: Staphylococcus aureus en Staphylococcus epidermis (incl. meticilline resistente en β-lactamase producerende stammen), Corynebacterium minutissimum, Clostridium spp., Peptococcus spp., Peptostreptococcus spp. Neisseria spp. en Bacteroides fragilis. Ongevoelig zijn: Streptococcus pyogenes, Streptococcus pneumoniae, Streptococcus viridans, meeste gram–negatieve bacillen waaronder Haemophilus influenza, Enterobacteriaceae, Pseudomonas spp., Escherichia coli en Klebsiella pneumoniae.

Kinetische gegevens

Resorptiedoor de intacte huid gering.
Eliminatievnl. met de gal.
  • Uitleg afkortingen
    F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
    T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
    V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
    T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
    T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd