Geneesmiddelen

Stofnaam

Geneesmiddel

Indicatie

Toediening

enoximon

Perfan

hartfalen, acuut hartfalen, chronisch

parenteraal (inj/inf)

milrinon

Corotrope, Milrinon

hartfalen, acuut hartfalen, chronisch

parenteraal (inj/inf)

Een volledig overzicht van alle indicaties per geneesmiddel kunt u vinden in de geneesmiddelteksten.

Werking

Werkingsmechanisme

De stoffen in deze groep remmen selectief het enzym fosfodi-esterase-3 in cardiale en vasculaire spiercellen. Hierdoor neemt de c-AMP-concentratie toe.

Dit heeft de volgende effecten:

  • meer calciumionen tijdens de systole in de myocyt terwijl tijdens de diastole de calciumconcentratie sneller afneemt;
  • minder beschikbaar calcium in de gladde spiercellen van de vaatwand.

Effect

Hemodynamische verbetering door:

  • snelle toename van het hartminuutvolume;
  • vasodilatatie.

Typerende bijwerkingen

Relatief frequent:

  • cardiovasculaire bijwerkingen: hypotensie, aritmie;
  • gastro-intestinale bijwerkingen (vooral enoximon): anorexie, misselijkheid, braken, diarree;
  • hoofdpijn.

Minder frequent:

  • trombocytopenie;
  • oligurie.

Meer informatie

De cardiovasculaire bijwerkingen van fosfodi-esterase-3-remmers berusten op de inotrope en perifeer vasodilatoire eigenschappen van deze middelen. Een verminderde afbraak van c-AMP met daardoor een toename van de c-AMP-concentratie ligt hieraan ten grondslag. De cardiovasculaire neveneffecten uiten zich onder andere in hypotensie, ventriculaire tachycardie, supraventriculaire tachycardie en atriumfibrilleren.

Langdurig gebruik van fosfodi-esterase-3-remmers is geassocieerd met een verhoogde mortaliteit bij chronisch hartfalen. Deze middelen worden daarom enkel kortdurend (en niet als onderhoudsbehandeling) toegepast. Bij uitzondering wordt milrinon langdurig (langer dan 48 u) gebruikt om patiënten voorafgaand aan een operatieve behandeling hemodynamisch stabiel te houden. Het gebruik van deze middelen dient daarnaast beperkt te worden tot patiënten die ondanks een hoge vullingsdruk van de linker ventrikel hypotensief zijn.

Literatuur

  1. Aronson JK, et al. (eds). Meyler's side effects of drugs. 16th ed. Amsterdam: Elsevier, 2016.
  2. Brunton LL, et al. (eds). Goodman & Gilman’s The pharmacological basis of therapeutics. 12th ed. New York: McGraw-Hill, 2011.