Geneesmiddelen

Stofnaam

Geneesmiddel

Indicatie

Toediening

amlodipine/indapamide

Natrixam

hypertensie, essentiële of primaire

oraal

amlodipine/valsartan/hydrochloorthiazide

amlodipine/​valsartan/​hydrochloorthiazide, Exforge HCT

hypertensie, essentiële of primaire

oraal

olmesartan/amlodipine/hydrochloorthiazide

Olmesartan/​​amlodipine/​​hydrochloorthiazide

hypertensie, essentiële of primaire

oraal

Een volledig overzicht van alle indicaties per geneesmiddel kunt u vinden in de geneesmiddelteksten.

Werking

Werkingsmechanisme

Dihydropyridinen (amlodipine)

verminderen de contractie van vooral glad spierweefsel van perifere en coronaire arteriën door:

  • afname van de intracellulaire calciumconcentratie door het remmen van de langzame calciuminstroom in glad spierweefsel van de arteriën;
  • afgifte van stikstofmonoxide (NO) uit het vasculaire endotheel.

ACE-remmers (perindopril):

  • remmen het 'angiotensine converting enzyme', het enzym dat angiotensine I (AT I) omzet in angiotensine II (AT II). Hierdoor nemen de plasmarenine-activiteit (door vermindering van de negatieve terugkoppeling naar de secretie van renine) en de ACE-activiteit toe. De aldosteronsecretie neemt hierdoor af.
  • remmen de inactivering van bradykinine. Toename van bradykinine zou mede een rol kunnen spelen bij de werking van de ACE-remmer.

Angiotensinereceptorblokkers (ARB's) (olmesartan, valsartan):

  • grijpen evenals de ACE-remmers in op het renine-angiotensine-aldosteronsysteem (RAAS), maar dan op een andere plaats. ARB's blokkeren selectief de angiotensine II-receptor (type I). Hierdoor remmen zij de werking van angiotensine II met als gevolg een remming van de aldosteronsecretie.

Thiaziden (hydrochloorthiazide, indapamide):

Thiaziden blokkeren het Na+/2Cl--cotransport in de distale tubulus. Hierdoor:

  • remmen zij de passieve terugresorptie van natrium– (en chloride)-ionen en water; en verhogen daarmee het aanbod aan natriumionen in de distale tubulus en de corticale verzamelbuis;

  • bevorderen zij de uitscheiding van kalium door de activering van het Na+/K+-countertransport (door verhoogd aanbod natriumionen);

  • bevorderen zij de uitscheiding van magnesium (door verhoogd aanbod natriumionen; onbekend mechanisme);

  • remmen zij de uitscheiding van calcium (door verhoogd aanbod natriumionen; onbekend mechanisme).

Effect

  • daling van de bloeddruk.

Typerende bijwerkingen

Zie, vanwege de diversiteit binnen deze groep, voor de bijwerkingen de afzonderlijke groepsteksten:

ACE-remmers en ARB's kunnen hyperkaliëmie veroorzaken, terwijl thiazidediuretica hypokaliëmie kunnen veroorzaken.