Geneesmiddelenoverzicht neuraminidaseremmers

Deze hoofdrubriek bevat 1 rubrieken:

Meer informatie over influenza. Een volledig overzicht van alle indicaties per geneesmiddel kunt u vinden in de geneesmiddelteksten.

neuraminidaseremmers

Werking

Werkingsmechanisme

Neuraminidaseremmers:

  • remmen selectief het virale neuraminidase, een oppervlakteglycoproteïne met enzymatische activiteit op het virion van influenza A- en B-virussen. Hierdoor wordt het vrijkomen van recent gevormde virusdeeltjes uit geïnfecteerde cellen geremd. De verdere verspreiding van het virus in het lichaam en de besmettelijkheid van het virus nemen af.

Effect

  • verlichten en verkorten van de duur van de symptomen van het influenza A- of B-virus;
  • verminderen de besmettelijkheid van het influenza A- of B-virus;
  • voorkomen een infectie met het influenza A- of B-virus na blootstelling aan het virus.

Typerende bijwerkingen

Relatief frequent:

  • gastro-intestinale klachten (oseltamivir), diarree (i.v. zanamivir);
  • hoofdpijn (oseltamivir);
  • piepende ademhaling, bronchospasmen (geïnhaleerd zanamivir).

Minder frequent:

  • neuropsychiatrische bijwerkingen (oseltamivir, zanamivir);
  • acute achteruitgang van de longfunctie, bij patiënten met een onderliggende longaandoening (geïnhaleerd zanamivir).

Meer informatie

Oseltamivir wordt oraal toegediend en zanamivir per inhalatie of intraveneuze infusie. Met geïnhaleerd zanamivir treden minder bijwerkingen op dan met oseltamivir. Bij jonge kinderen en ouderen kan de orale toedieningsweg echter voordelen bieden doordat zij vaak niet over voldoende inhalatiekracht of -techniek beschikken om een adequate depositie van zanamivir in de longen te bereiken.

Oseltamivir: De meest voorkomende bijwerkingen van oseltamivir zijn weinig typerend, zoals hoofdpijn en milde gastro-intestinale klachten als misselijkheid, buikpijn en soms braken. Deze klachten treden meestal gedurende de eerste twee dagen van behandeling op en verdwijnen daarna. Ze geven doorgaans nauwelijks aanleiding tot staken van de therapie. Het innemen van oseltamivir met voedsel vermindert de kans op gastro-intestinale klachten [1,2].

Voor oseltamivir en zanamivir zijn meldingen gedaan van neuropsychiatrische bijwerkingen (o.a. afwijkingen passend bij een delier, zoals verwardheid, hallucinaties, agitatie, angst en nachtmerries). Een causaal verband is echter tot op heden niet aangetoond [1]. Deze symptomen kunnen ook onderdeel van de ziekte influenza zijn.

Zanamivir per inhalatie wordt over het algemeen goed verdragen. Uit grote klinische studies blijkt dat het bijwerkingenprofiel van geïnhaleerd zanamivir vergelijkbaar is met dat van placebo [1]. Met geïnhaleerd zanamivir zijn zelden een piepende ademhaling ('wheezing') of bronchospasmen gemeld bij patiënten zonder bekende longziekte. Een acute achteruitgang van de longfunctie, tevens met fatale afloop, is gemeld bij patiënten met astma of COPD [2].

Literatuur

  1. Aronson JK, et al. (eds). Meyler's side effects of drugs. 16th ed. Amsterdam: Elsevier, 2016.
  2. Brunton LL, et al. (eds). Goodman & Gilman’s The pharmacological basis of therapeutics. 13th ed. New York: McGraw-Hill, 2018.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook

Indicaties

Vergelijken

neuraminidaseremmers vergelijken met een andere geneesmiddelgroep.