decitabine

Samenstelling

Dacogen XGVSAanvullende monitoring Janssen-Cilag bv

Toedieningsvorm
Poeder voor concentraat voor infusievloeistof
Sterkte
50 mg
Verpakkingsvorm
flacon 50 mg

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

decitabine vergelijken met een ander geneesmiddel.

Advies

Voor de behandeling van acute myeloïde leukemie (AML) staat op HOVON de geldende behandelrichtlijn en de concept-richtlijn 2018, met de plaats van decitabine daarbij.

Indicaties

  • Nieuw gediagnosticeerde of secundaire acute myeloïde leukemie (AML), indien standaard inductiechemotherapie niet in aanmerking komt.

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Acute myeloïde leukemie (AML):

Volwassenen (incl. ouderen):

Monotherapie: gebruikelijke en tevens maximale dosis: i.v. 20 mg/m² lichaamsoppervlak/dag via infusie in 1 uur gedurende 5 achtereenvolgende dagen per behandelcyclus van 4 weken; minimaal 4 behandelcycli worden aanbevolen. De behandeling voortzetten tot aan ziekteprogressie of toxiciteit.

Verminderde nier- of leverfunctie: Op grond van een populatie-farmacokinetische analyse is een dosisaanpassing niet nodig. Zie ook de rubriek Waarschuwingen en voorzorgen.

Ernstige bijwerkingen: bij (ernstige) immunosuppressie en geassocieerde complicaties de behandeling uitstellen, zie ook de rubriek Waarschuwingen en voorzorgen/myelotoxiciteit. Een verlaging van de dosis wordt niet aanbevolen. Bij vaststelling van een interstitiële longziekte de behandeling staken.

Toedieningsinformatie: na reconstitutie verder verdunnen tot een eindconcentratie van 0,15–1,0 mg/ml en i.v. toedienen over een periode van 1 uur. Een centraal veneuze katheter is niet nodig. Geen andere geneesmiddelen via dezelfde i.v. toegang/lijn toedienen.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): pneumonie (bij ca. 24%, CTCAE-graad 3–4 bij ca. 20%), urineweginfectie, overige infecties (bij ca. 63%, CTCAE-graad 3–4 bij ca. 39%: schimmel-, viraal, bacterieel). (Febriele) neutropenie (bij ca. 34%, CTCAE-graad 3–4 bij ca. 32%), trombocytopenie (bij ca. 41%, CTCAE-graad 3–4 bij ca. 38%; incl. hieraan gerelateerde bloedingen onder andere in het CZS en gastro-intestinaal), anemie (bij ca. 38%, CTCAE-graad 3–4 bij ca. 31%), leukopenie. Misselijkheid (bij ca. 33%), braken, diarree (bij ca. 31%). Koorts. Hoofdpijn. Hyperglykemie, afwijkende leverfunctiewaarden.

Vaak (1-10%): sepsis, incl. septische shock. Overgevoeligheidsreactie, incl. anafylaxie. Stomatitis. Sinusitis. Hyperbilirubinemie.

Soms (0,1-1%): cardiomyopathie. Pancytopenie. Acute febriele neutrofiele dermatose (Sweet-syndroom).

Verder zijn gemeld: interstitiële longziekte. Enterocolitis, waaronder neutropenische colitis, caecitis.

Interacties

Er zijn van dit middel geen klinisch relevante interacties bekend.

Zwangerschap

Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Bij dieren schadelijk gebleken.
Advies: Gebruik ontraden.
Vruchtbaarheid: Bij mannelijke dieren veroorzaakte decitabine atrofie van de testes, die niet herstelde binnen de geplande herstelperiode. Verder is er voldoende bewijs dat decitabine een mutagene stof is. Raad daarom een vruchtbare vrouw of man voorafgaand aan de behandeling aan om advies in te winnen over cryopreservatie van respectievelijk eicellen of sperma.
Overige: Een vruchtbare vrouw of man dient adequate anticonceptieve maatregelen te nemen gedurende de therapie en een man tevens tot ten minste drie maanden na de therapie. Het is niet bekend of decitabine de werkzaamheid van hormonale anticonceptiva kan verminderen; daarom een additioneel barrièremiddel overwegen.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend. Gezien het werkingsmechanisme is een schadelijk effect van decitabine op de zuigeling niet uit te sluiten.
Advies: Het geven van borstvoeding is gecontra-indiceerd.

Contra-indicaties

Zie voor contra-indicaties de rubriek Lactatie.

Waarschuwingen en voorzorgen

Myelotoxiciteit:: controleer regelmatig en in elk geval vóór het starten van iedere nieuwe cyclus het volledige bloedbeeld inclusief complete bloedtellingen. Overweeg om een nieuwe cyclus uit te stellen bij optreden van myelosuppressieve complicaties zoals: febriele neutropenie (temperatuur ≥ 38,5° C en ANC < 1 × 109/l), een actieve infectie waarvoor i.v. behandeling of uitgebreide zorg nodig is of een bloeding (met trombocyten < 25 × 109/l of iedere bloeding in het CZS). Hervat de behandeling na verbetering of stabilisatie van de symptomen. Indien de hematologische waarden na 4 cycli niet op het niveau van baseline zijn teruggekeerd of indien ziekteprogressie optreedt, overwegen om te stoppen met decitabine. Wees alert op tekenen van koorts of bloedingen.

Hartziekte: de veiligheid en werkzaamheid bij ernstig hartfalen of een klinisch onstabiele hartziekte zijn niet vastgesteld. Gevallen van cardiomyopathie met hartfalen zijn gemeld, soms reversibel na staken van de behandeling of verlaging van de dosering. Controleer op symptomen van hartfalen, in het bijzonder bij een hartziekte in de voorgeschiedenis.

Lever- en nierfunctie:de veiligheid en werkzaamheid bij leverinsufficiëntie of ernstige nierinsufficiëntie (creatinineklaring < 30 ml/min) zijn niet vastgesteld, daarom voorzichtig toedienen bij deze groepen. De leverfunctie en nierfunctie vóór aanvang van de behandeling en regelmatig tijdens de behandeling controleren.

Interstitiële longziekten: let op verergering van bestaande longklachten of het ontstaan van nieuwe pulmonale symptomen. Bij decitabine zijn longinfiltraten, organiserende pneumonie en longfibrose waargenomen. Bij het optreden van longklachten die wijzen op een interstitiële longziekte (ILD) de behandeling staken en de oorzaak onderzoeken; bij vaststelling van behandelinggerelateerde ILD de behandeling definitief staken.

Kinderen: niet toepassen bij kinderen < 18 jaar omdat werkzaamheid niet werd vastgesteld.

Voor behandeling van vruchtbare mannen en vrouwen, zie de rubriek Zwangerschap.

Overdosering

Neem voor meer informatie over een vergiftiging met decitabine contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Pyrimidine-antagonist (cytidinedeoxynucleoside-analoog). Wordt intracellulair gefosforyleerd tot actief decitabinetrifosfaat, dat in het DNA wordt geïncorporeerd en selectief DNA-methyltransferase remt. Dit leidt via hypomethylering van de genpromotor tot reactivering van tumorsuppressorgenen, inductie van celdifferentiatie en apoptose.

Kinetische gegevens

V dca. 1,7 l/kg.
Metaboliseringin de lever, de nier, het darmepitheel en het bloed, primair door desaminering tot inactieve metabolieten door cytidinedesaminase.
Eliminatiemet de urine 90% vnl. als metaboliet, 4% onveranderd.
T 1/2ca. 68 min.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

decitabine hoort bij de groep pyrimidine-antagonisten.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook

Geneesmiddelgroep

Externe links