Samenstelling

Zie voor hulpstoffen de productinformatie van CBG/EMA of raadpleeg een apotheker.

Magnence als aspartaatdihydraat Kora Corporation Ltd t/a Kora Healthcare

Toedieningsvorm
Poeder voor drank
Sterkte
243 mg
Verpakkingsvorm
sachet

Bevat per sachet: 243 mg = 10 mmol magnesium.

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Voor dit geneesmiddel is geen advies vastgesteld.

Indicaties

  • Profylaxe en behandeling van magnesiumdeficiëntie bij een leeftijd ≥ 2 jaar.

Doseringen

De duur van de magnesiumsuppletie individueel bepalen.

Klap alles open Klap alles dicht

Profylaxe en behandeling van magnesiumdeficiëntie

Volwassenen (inclusief ouderen)

1–2 sachets (= 10–20 mmol Mg) per dag.

Kinderen 10–18 jaar

1 sachet (= 10 mmol Mg) per dag.

Kinderen 4–10 jaar

0,5 sachet (= 5 mmol Mg) of 1 sachet (= 10 mmol Mg) per dag.

Kinderen 2–4 jaar

0,5 sachet (= 5 mmol Mg) per dag.

Verminderde nierfunctie: bij lichte of matige nierinsufficiëntie is dosisaanpassing niet nodig. Bij ernstige nierinsufficiëntie is gebruik gecontra-indiceerd.

Toediening

  • Voor gebruik oplossen in 50–200 ml water, thee of sinaasappelsap; bij gebruik van een halve sachet: oplossen in 50–200 ml water. Roer totdat de oplossing in water troebel tot transparant is. In sinaasappelsap of thee zijn inactieve deeltjes zichtbaar.
  • Kan in 200 ml water via een gastrische, duodenale of nasale voedingssonde worden toegediend.
  • Onmiddellijk na reconstitutie gebruiken, of binnen 24 uur wanneer opgelost in fleswater en bewaard bij een temperatuur < 25 graden.

Bijwerkingen

Soms (0,1-1%): na een hoge dosis: diarree, zachte ontlasting, irritatie van het maag-darmkanaal. Bij diarree, de dagelijkse dosis verlagen of de behandeling tijdelijk staken. Na verbetering en/of verdwijnen van de symptomen de dagelijkse dosis geleidelijk verhogen of de behandeling met een lagere dosering hervatten.

Zeer zelden (< 0,01%): bij hoge doses en langdurig gebruik: vermoeidheid kan wijzen op een verhoogde magnesiumspiegel, met name bij een nierfunctiestoornis.

Interacties

Omdat magnesiumaspartaat de absorptie van andere geneesmiddelen kan beïnvloeden, en vice versa, is bij combinatie met onderstaande middelen een tijdsinterval bij inname nodig:

  • magnesiumaspartaat ten minste 1 uur na natriumfosfaat;
  • tetracycline ten minste 2–3 uur vóór of na magnesiumaspartaat;
  • kinidine, nitrofurantoïne, ijzer, bisfosfonaten en eltrombopag 3–4 uur vóór of na magnesiumaspartaat.

Vanwege verhoogd magnesiumverlies kan bij inname van de volgende middelen een verhoging van de dosis van magnesiumaspartaat nodig zijn:

  • diuretica, vanwege verhoogde urineproductie met hypermagnesurie;
  • cetuximab en erlotinib, deze EGF-receptorantagonisten kunnen ernstige hypomagnesiëmie veroorzaken (EGF is een magnesiotroop hormoon);
  • protonpompremmers zoals omeprazol, omdat langdurige behandeling hiermee ernstige hypomagnesiëmie kan veroorzaken, waarschijnlijk door een gestoorde absorptie;
  • aminoglycosiden zoals gentamicine en immunosuppressiva zoals ciclosporine en tacrolimus, deze kunnen leiden tot hypomagnesiëmie door hypermagnesurie;
  • foscarnet, dit kan leiden tot hypomagnesiëmie omdat het een krachtig chelator is van bivalente kationen.

Zwangerschap

Teratogenese: Geen aanwijzingen voor schadelijkheid (ruime ervaring).

Advies: Kan worden gebruikt.

Vruchtbaarheid: Geen aanwijzingen voor effecten bij mannen en vrouwen (ruime ervaring).

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja.

Farmacologisch effect: Magnesium komt van nature voor in de moedermelk; de toename die magnesiumaspartaat in therapeutische doses veroorzaakt, is waarschijnlijk niet klinisch relevant.

Advies: Kan worden gebruikt.

Contra-indicaties

  • ernstige nierinsufficiëntie (glomerulaire filtratiesnelheid < 30 ml/min);
  • bradycardie.

Waarschuwingen en voorzorgen

Houd bij een vastgestelde hypomagnesiëmie rekening met een hypocalciëmie en hypokaliëmie en corrigeer deze zo nodig, omdat magnesiumtekort vaak het gevolg is van deze aandoeningen.

Controleer het serum-magnesiumgehalte tijdens de behandeling regelmatig, bijvoorbeeld elke 3–6 maanden, met name bij kinderen en bij patiënten met een nierfunctiestoornis.

Vermoeidheid die ontstaat bij hoge doses of langdurig gebruik kan wijzen op hypermagnesiëmie, met name bij een nierfunctiestoornis.

Wees voorzichtig bij het onderling uitwisselen van magnesiumpreparaten, omdat de biologische beschikbaarheid van magnesiumpreparaten kan variëren.

De veiligheid en werkzaamheid van magnesiumaspartaat bij kinderen < 2 jaar zijn nog niet vastgesteld.

Hulpstoffen: Sucrose kan bij gebruik ≥ 2 weken de tanden beschadigen. Wees voorzichtig bij diabetes mellitus, vanwege het suikergehalte.

Overdosering

Hypermagnesiëmie en magnesiumintoxicatie treden vrijwel alleen op bij zeer ernstig verminderde nierfunctie (en na parenterale toediening van hoge doses; zie ook magnesiumsulfaat (mineraal)).

Neem voor (meer) informatie over een vergiftiging met magnesiumaspartaat contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Magnesium is een mineraal. Het speelt een rol bij de overdracht van zenuwprikkels, bij de spiercontractie, bij cellulaire elektrolythomeostase en bij veel enzymatische processen. Magnesium werkt als een fysiologische calciumantagonist; het reguleert de contractiliteit van het hart en stabiliseert het hartritme.

Kinetische gegevens

Resorptie langzaam en onvolledig, voornamelijk in de dunne darm. De absorptie vanuit de darm is afhankelijk van de magnesiumstatus; bij een lager magnesiumgehalte wordt meer magnesium in de darmen geabsorbeerd.
T max 2–3 uur.
Overig 60% van magnesium is aanwezig in bot, 20% in skeletspieren, 19% in andere weke delen en < 1% in de extracellulaire vloeistof.
Eliminatie vrijwel volledig met de urine.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd