Samenstelling

Zie voor hulpstoffen de productinformatie van CBG/EMA of raadpleeg een apotheker.

Increlex XGVS Aanvullende monitoring Ipsen Farmaceutica bv

Toedieningsvorm
Injectievloeistof
Sterkte
10 mg/ml
Verpakkingsvorm
flacon 4 ml

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Mecasermine heeft een significant effect op het verbeteren van de lengtegroei bij kinderen met ernstige primaire insulineachtige groeifactor 1-deficiëntie (IGFD). Er dient een afweging plaats te vinden tussen de toename van de eindlengte tegen de complicaties van de behandeling.

Dit geneesmiddel is geregistreerd onder uitzonderlijke omstandigheden; vanwege de zeldzaamheid van de ziekte zijn er relatief weinig gegevens over de werkzaamheid en de veiligheid.

Indicaties

  • Langdurige behandeling van groeistoornissen bij kinderen en adolescenten van 2 tot 18 jaar oud met bevestigde ernstige primaire insulineachtige-groeifactor 1-deficiëntie (IGFD) door mutaties in de groeihormoon (GH)-receptor, de post-GHR-signaalroute, of met IGF 1-gendefecten.

Doseringen

Klap alles open Klap alles dicht

Groeistoornissen met insulineachtige-groeifactor-1-deficiëntie (IGFD)

Kinderen 2–18 jaar

Let op! Controleer het preprandiale bloedglucose bij aanvang van de behandeling en totdat een goed verdragen dosis is vastgesteld. Als hypoglykemie ontstaat, de dosis verlagen. Zet de bloedglucosecontrole voort, ongeacht preprandiale toestand, bij frequente symptomen van hypoglykemie.

Aanbevolen begindosis: 0,04 mg/kg lichaamsgewicht 2×/dag als subcutane injectie. Bij uitblijven van significante bijwerkingen gedurende ten minste 1 behandelweek de dosering in stappen van 0,04 mg/kg opvoeren tot maximaal 0,12 mg/kg 2×/dag. Beoordeel het effect van de behandeling op basis van de lengtegroeisnelheid.

Toediening

  • Als subcutane injectie kort vóór of na een maaltijd of tussendoortje. Als de patiënt om welke reden dan ook niet in staat is te eten, dit geneesmiddel niet toedienen.
  • De dosis mag niet worden verhoogd om één of meer gemiste doses in te halen.
  • De injectieplaats voor iedere injectie afwisselen, om lipohypertrofie te voorkomen.
  • Niet i.v. toedienen.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): hypoglykemie. Hoofdpijn. Otitis media. Braken, buikpijn. Gewrichtspijn, pijn in ledematen. Hypertrofie van de injectieplaats, blauwe plekken op de injectieplaats.

Vaak (1-10%): thymushypertrofie. Hypoglykemisch insult, hyperglykemie. Convulsies, duizeligheid, tremor. Papiloedeem. Hypoacusis, oorpijn, vocht in het middenoor. Hartruis, tachycardie. Tonsilhypertrofie (m.n. de eerste 1–2 jaar), adenoïdhypertrofie, slaapapneusyndroom, snurken. Huidhypertrofie, abnormale haarstructuur. Scoliose, spierpijn. Melanocytaire naevus. Gynaecomastie. Pijn, irritatie, erytheem, induratie of hemorragie op de injectieplaats.

Soms (0,1–1%): depressie, nervositeit. Goedaardige intracraniële hypertensie. Cardiomegalie, ventrikelhypertrofie, mitralis- of tricuspidalisklepinsufficiëntie. Huiduitslag of zwelling op de injectieplaats, lipohypertrofie. Gewichtstoename.

Verder zijn gemeld: systemische overgevoeligheid (anafylaxie, gegeneraliseerde urticaria, angio-oedeem, dyspneu), lokale allergische reacties op de injectieplaats (jeuk, urticaria). Alopecia. Diverse benigne en maligne neoplasmata (incl. zeldzame maligniteiten, die gewoonlijk niet bij kinderen worden waargenomen).

Interacties

Bij diabetes mellitus kan het nodig zijn de dosis van insuline en/of andere bloedglucoseverlagende middelen te verlagen.

Zwangerschap

Teratogenese: Zowel bij de mens als bij dieren, onvoldoende gegevens.

Advies: Gebruik ontraden.

Overige: Vóór aanvang behandeling, zwangerschap uitsluiten. Een vruchtbare vrouw dient adequate anticonceptieve maatregelen te nemen gedurende de behandeling.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend.

Advies: Het gebruik van dit geneesmiddel of het geven van borstvoeding ontraden.

Contra-indicaties

  • actieve of vermoede neoplasie;
  • voorgeschiedenis of aandoening die leidt tot een verhoogd risico op benigne of maligne neoplasie.

Waarschuwingen en voorzorgen

De diagnose ernstige primaire IGFD wordt gedefinieerd door een lengte standaarddeviatiescore ≤ –3,0, een basale IGF-1 spiegel lager dan het 2,5e percentiel voor leeftijd en geslacht, voldoende groeihormoon, uitsluiting van secundaire vormen (zoals ondervoeding, hypopituïtarisme, hypothyroïdie, chronische behandeling met farmacologische doses anti-inflammatoire steroïden). De diagnose zo nodig bevestigen door middel van een IGF-1-generatietest.

De kans op benigne en maligne neoplasie neemt toe door behandeling met mecasermine. IGF-1 kan een rol spelen bij maligniteiten in alle organen en weefsels. Wees alert op symptomen die mogelijk wijzen op neoplasie, en staak de behandeling in dat geval.

Maak een echocardiogram voorafgaande aan en na staken van de behandeling. Controleer patiënten met afwijkingen hierop of met cardiovasculaire symptomen regelmatig echocardiografisch.

Mecasermine kan hypoglykemie veroorzaken. Wees voorzichtig bij jonge kinderen, kinderen met een hypoglykemie in de voorgeschiedenis of met een onregelmatig eetpatroon. Met name in het begin van de behandeling tot 2–3 uur na toediening risicovolle bezigheden vermijden. Patiënten met een voorgeschiedenis van ernstige hypoglykemie moeten glucagon bij de hand hebben.

Intracraniële hypertensie is gerapporteerd. Bij aanvang en tijdens de behandeling, alsmede bij klinische symptomen zoals visusveranderingen, hoofdpijn, misselijkheid en/of braken wordt fundoscopisch onderzoek aanbevolen.

Hypertrofie van lymfoïde weefsel (bv. de tonsillen) is gemeld. Controleer periodiek op complicaties als snurken, slaapapneu en chronische middenoorontsteking.

Femorale epifysiolyse en progressie van scoliose kunnen optreden bij patiënten die snel groeien. Controleer tijdens behandeling op symptomen zoals mank lopen en pijn in heupen of knieën.

Bij allergische reacties de behandeling onmiddellijk onderbreken. Bij allergische reactie, bij onverwacht hoge IGF-1-bloedwaarden of uitblijven groeirespons een test uitvoeren op antistoffen.

Indien na een jaar geen respons is opgetreden, de behandeling heroverwegen.

De behandeling beëindigen wanneer de epifysairschijven gesloten zijn.

De veiligheid en werkzaamheid bij kinderen < 2 jaar zijn niet vastgesteld.

Hulpstoffen: Benzylalcohol, in de injectievloeistof, in grote hoeveelheden kan zich ophopen in het lichaam en metabole acidose veroorzaken; wees voorzichtig tijdens zwangerschap, lactatie en bij een verminderde lever- of nierfunctie. Benzylalcohol kan toxische en anafylactoïde reacties veroorzaken bij kinderen < 3 jaar.

Overdosering

Symptomen

Acute overdosering kan tot hypoglykemie leiden. Langdurige overdosering kan leiden tot verschijnselen van acromegalie of gigantisme tot gevolg hebben. Verder kan bij overdosering het risico op benigne en maligne neoplasmata toenemen.

Neem voor meer informatie over een vergiftiging met mecasermine contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Recombinante humane insuline-achtige groeifactor 1 (rhIGF-1). Onder normale omstandigheden bindt groeihormoon (GH) aan de GH-receptor in de lever en andere weefsels en stimuleert de synthese en secretie van IGF-1. Activering in de doelweefsels van de IGF-1-receptor type 1, die homoloog is aan de insulinereceptor, leidt tot weefselgroei en tot veranderingen in het koolhydraat- en bot/mineraalmetabolisme.

Kinetische gegevens

Overig In bloed bindt IGF-1 zich aan zes IGF-bindende eiwitten waarvan ca. 80% als complex met IGFBP-3 en een zuurlabiele eenheid.
V d ca. 0,26 l/kg bij een dosering van 45 microg/kg en neemt toe indien de dosis hoger wordt.
Metabolisering zowel in lever als de nieren.
T 1/2el ca. 6 uur; de klaring is omgekeerd evenredig met de serum-IGFBP-3-spiegels.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd