Geneesmiddelenoverzicht antidota, ijzerbindende middelen

Deze hoofdrubriek bevat 1 rubrieken:

Toon geneesmiddelen

Toon geneesmiddelen

Toon geneesmiddelen

Meer informatie over chronische nierschade. Een volledig overzicht van alle indicaties per geneesmiddel kunt u vinden in de geneesmiddelteksten.

antidota, ijzerbindende middelen

Werking

Werkingsmechanisme

  • De ijzerbindende middelen vormen een complex met driewaardige ijzerionen (Fe3+). Hierdoor kunnen ze ijzer mobiliseren uit met name ferritine en hemosiderine.

Effect

  • Bevordering van de uitscheiding van ijzer via de nieren of de feces;
  • Preventie van ijzer-geïnduceerde orgaanschade, reductie van morbiditeit en mortaliteit.

Typerende bijwerkingen

Relatief frequent:

  • gastro-intestinale bijwerkingen, zoals misselijkheid, braken, diarree, obstipatie, dyspepsie en buikpijn;
  • overgevoeligheidsreacties;
  • huidafwijkingen (deferasirox), lokale irritatie en zwelling (deferoxamine);
  • neutropenie, agranulocytose (deferipron);
  • stijging van de serumcreatininewaarde (deferasirox);
  • roodbruin-verkleuring van de urine (deferoxamine, deferipron).

Minder frequent:

  • groeivertraging en botaandoeningen bij jonge kinderen (deferoxamine);
  • 'Adult Respiratory Distress Syndrome' (ARDS) (deferoxamine);
  • opportunistische infecties (deferoxamine);
  • neurotoxiciteit, gehoor- en visusstoornissen (deferoxamine, deferasirox).

Meer informatie

Deferoxamine:

Bij deferoxamine treden regelmatig bijwerkingen op gerelateerd aan de parenterale toedieningsvorm. Na subcutane toediening kan zich lokale irritatie en zwelling voordoen. Snelle intraveneuze infusie kan leiden tot een collaps met blozen, tachycardie, hypotensie en zelden shock. Mogelijk komt hypotensie tot stand door vrijgave van histamine [1].

ARDS: Bij continue infusie van deferoxamine gedurende meer dan 24 uur zijn een aantal, soms fatale, gevallen van ARDS gemeld, gepaard gaande met o.a. longoedeem, hypoxie, respiratoir falen. De ademhalingsproblemen kunnen 32–72 uur na de start van de infusie beginnen [1].

Opportunistische infecties: Bij toepassing voor ijzerstapelingsziekte, bij dialysepatiënten of een acute ijzerintoxicatie kan deferoxamine de ontwikkeling van levensbedreigende opportunistische infecties bevorderen. In het bijzonder infecties met micro-organismen die ijzerafhankelijk en normaal gesproken weinig infectieus zijn, bv. met Yersinia enterocolitica en Yersinia pseudotuberculosis. Ook meerdere fatale gevallen van mucormycose zijn gemeld. Deferoxamine functioneert als een siderofoor voor deze micro-organismen en vermindert daarnaast de beschikbaarheid van ijzer opgeslagen in macrofagen, waardoor de afweerfunctie vermindert en het immuunsysteem negatief wordt beïnvloedt. Risicofactoren zijn diabetes mellitus, een verminderde afweer en gebruik van immunosuppressiva [1].

Bij jonge kinderen kan hoog gedoseerd deferoxamine leiden tot osteopathie en groeivertraging [1].

Neurotoxiciteit: Langdurig gebruik van hoge doses deferoxamine, in gevallen van transfusie-afhankelijke thalassemie major, kan leiden tot neurotoxiciteit (met bv. paresthesieën, areflexie, afname van de vibratie- en positiezin, spierzwakte van de armen). Daarnaast zijn zowel afwijkingen van het gehoor (o.a. doofheid, oorsuizen) als van het gezichtsvermogen (o.a. wazig zien, visusverlies, nacht- en kleurenblindheid) gemeld. Bij tijdig vaststellen zijn deze veranderingen meestal reversibel. Patiënten met een laag plasmaferritine, die dialyse ondergaan, zijn hier bijzonder gevoelig voor. De kans op ototoxiciteit is beperkt als de verhouding tussen de dosis per dag (mg/kg) en het ferritinegehalte (microg/l) lager blijft dan 0,027 [1,2].

Deferasirox en deferipron:

Ook bij gebruik van deferasirox zijn gehoor- en visusstoornissen gemeld, achteruitgang van het gehoor komt ook bij deferipron voor [1].

Agranulocytose is de belangrijkste en meest ernstige bijwerking van deferipron, die de toepassing beperkt. Deze is waarschijnlijk het gevolg van een T-celgemedieerde immuunreactie, geïnduceerd door een reactieve metaboliet van deferipron. Vaker wordt een milde(re) neutropenie gezien [1].

Meest geziene bijwerkingen van deferasirox zijn nierfunctiestoornissen, gastro-intestinale klachten en huidafwijkingen. Deze klachten zijn dosisafhankelijk, meestal mild tot matig en doorgaans van voorbijgaande aard, ook na voortzetten van de therapie. Gastro-intestinale ulceratie en bloedingen zijn gemeld [1,2]. Gebruik van deferasirox gaat vaak gepaard met een stijging van de serumcreatininewaarde van meer dan 33%. De oorzaak van deze stijging is niet bekend. Bij een derde van de patiënten is dit irreversibel, ook acuut nierfalen is gemeld. Ook kan een stijging van de leverfunctiewaarden optreden, (fataal) leverfalen is gemeld [1,2].

Een roodbruine verkleuring van de urine kan optreden door complexvorming van deferoxamine of deferipron met ijzer.

Literatuur

  1. Aronson JK, et al. (eds). Meyler's side effects of drugs. 16th ed. Amsterdam: Elsevier, 2016
  2. Brunton LL, et al. (eds). Goodman & Gilman’s The pharmacological basis of therapeutics. 13th ed. New York: McGraw-Hill, 2018

Kosten

Kosten laden…

Zie ook

Indicaties

Vergelijken

antidota, ijzerbindende middelen vergelijken met een andere geneesmiddelgroep.