Samenstelling

Raadpleeg voor hulpstoffen een apotheker.

Vitrakvi XGVS Aanvullende monitoring Bayer bv

Toedieningsvorm
Capsule
Sterkte
25 mg, 100 mg
Toedieningsvorm
Drank
Sterkte
20 mg/ml

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Dit geneesmiddel is geregistreerd onder voorwaardelijke toelating om het versneld beschikbaar te maken; er zijn echter nog onvoldoende gegevens over de werkzaamheid en de veiligheid.

Indicaties

Solide tumoren met een neurotrofe tyrosinereceptorkinase (NTRK)-genfusie als monotherapie bij volwassenen en kinderen. bij lokaal gevorderd of gemetastaseerde ziekte of indien operatieve resectie niet geschikt is, en indien er geen andere toereikende behandelopties zijn.

Dosering

De drank is bio-equivalent aan de capsules. Ze zijn daarom uitwisselbaar en de dosering is gelijk.

Stel een NTRK-genfusie vast vóór start van de behandeling middels een gevalideerde test.

Klap alles open Klap alles dicht

Solide tumoren met NTRK-genfusie

Volwassenen (incl. ouderen)

Capsule of drank: 100 mg 2×/dag. De behandeling voortzetten tot aan ziekteprogressie of onaanvaardbare toxiciteit.

Kinderen < 18 jaar

Capsule of drank: 100 mg/m² lichaamsoppervlak 2×/dag, maximaal 100 mg per dosis. De behandeling voortzetten tot aan ziekteprogressie of onaanvaardbare toxiciteit.

Verminderde nierfunctie: er is geen dosisaanpassing nodig.

Verminderde leverfunctie: bij een licht verminderde leverfunctie (Child-Pughscore 5–6) is geen dosisaanpassing nodig. Bij een matig tot ernstig verminderde leverfunctie (Child-Pughscore ≥ 7) de dosis halveren.

Krachtige CYP3A4-remmer: in combinatie met een krachtige CYP3A4-remmer de dosis halveren. Larotrectinib in de oorspronkelijke dosis hervatten na 3–5× de halfwaardetijd van de krachtige CYP3A4-remmer.

Ernstige bijwerkingen: zie voor dosisaanpassingen en richtlijnen voor onderbreking of staken van de behandeling bij (ernstige) bijwerkingen de officiële productinformatie CBG/EMA (rubriek 4.2, tabel 1), zie hiervoor de link onder 'Zie ook'.

Gemiste dosis of bij braken: niet twee doses tegelijk innemen om een vergeten dosis in te halen of ter compensatie van braken; neem de volgende dosis op het eerstvolgende geplande tijdstip in.

Toedieningsinformatie: voor oraal gebruik. De capsules (geheel) of drank, met of zonder voeding innemen; niet met grapefruit/pompelmoes(sap). Capsules niet openen of oplossen, omdat de inhoud erg bitter is. De drank via de mond toedienen met een doseerspuit van 1 of 5 ml of enteraal via een neus-maagsonde. Indien de drank via een neus-maagsonde wordt toegediend, mag het niet worden gemengd met een voedingsformule, vanwege de kans op verstopping van de slang.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): anemie, neutropenie, leukopenie. Duizeligheid. Misselijkheid, braken, obstipatie. Myalgie. Vermoeidheid. Gewichtstoename. Stijging ALAT, ASAT in het bloed.

Vaak (1-10%): loopstoornis, paresthesie. Smaakstoornis. Spierzwakte. Stijging alkalische fosfatase (AF) in het bloed.

Interacties

Vermijd gelijktijdig gebruik met krachtige CYP3A4-, Pgp- of BCRP-remmers (zoals ritonavir, saquinavir, ketoconazol, itraconazol, voriconazol, posaconazol, (sap van) grapefruit/pompelmoes en bittere (Sevilla-)sinaasappelen) vanwege meer kans op verhoogde blootstelling aan larotrectinib. Als gelijktijdig gebruik met een krachtige CYP3A4-remmer onvermijdelijk is, de dosis van larotrectinib aanpassen (zie ook de rubriek Dosering).

Vermijd gelijktijdig gebruik met krachtige of matige CYP3A/Pgp-inductoren (zoals carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne, rifabutine, rifampicine, sint-janskruid), vanwege meer kans op een verlaagde blootstelling van larotrectinib.

Wees voorzichtig met gevoelige CYP3A4-substraten met een smalle therapeutische breedte (zoals ciclosporine, ergotamine, fentanyl, pimozide, kinidine, tacrolimus, alfentanil, sirolimus) vanwege meer kans op bijwerkingen. Een dosisverlaging kan nodig zijn om bijwerkingen te voorkomen.

Gelijktijdig gebruik van CYP2B6-substraten (zoals bupropion, efavirenz), kan de plasmaspiegels van deze geneesmiddelen mogelijk verlagen.

Gelijktijdig gebruik met gevoelige orale OATP1B1-substraten (zoals atorvastatine, pravastatine, rosuvastatine valsartan), kan de absorptie van deze geneesmiddelen mogelijk verhogen.

Het is onbekend of larotrectinib invloed heeft op de blootstelling van orale anticonceptiva; een aanvullende anticonceptiemethode (zoals een barrièremiddel) wordt aanbevolen.

Zwangerschap

Teratogenese: Onbekend bij de mens.

Advies: Gebruik ontraden.

Vruchtbaarheid: Voer voorafgaand aan de behandeling bij vruchtbare vrouwen een zwangerschapstest uit. Een vruchtbare vrouw of man dient zeer effectieve anticonceptieve maatregelen te nemen tijdens en tot ten minste een maand na de therapie. Het is onbekend of larotrectinib invloed heeft op de blootstelling van orale anticonceptiva; een aanvullende anticonceptiemethode (zoals een barrièremiddel) wordt aanbevolen.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend. Een nadelig effect op de zuigeling kan niet worden uitgesloten.

Advies: Het geven van borstvoeding ontraden gedurende en tot ten minste 3 dagen na de therapie.

Contra-indicaties

Er zijn van dit middel geen klinisch relevante contra-indicaties bekend.

Waarschuwingen en voorzorgen

Het effect van larotrectinib kan kwantitatief verschillen afhankelijk van tumortype en gelijktijdige genoomveranderingen. Om deze reden mag dit geneesmiddel alleen gebruikt worden als er geen toereikende behandelopties zijn.

Neurologische reacties, zoals duizeligheid, loopstoornis en paresthesie zijn gemeld. De meeste neurologische reacties traden voor het eerst op binnen de eerste 3 maanden van de behandeling. Overweeg dosisverlaging of onderbreken of staken van de behandeling, afhankelijk van de ernst en duur van de symptomen.

Controleerde leverfunctie (incl. ALAT en ASAT) voorafgaand aan de eerste dosis, maandelijks gedurende de eerste 3 maanden en vervolgens periodiek. Bij stijging van de transaminasewaarden naar graad 2, de leverfunctie iedere 1–2 weken evalueren totdat de waarden zijn hersteld. Onderbreek de behandeling of staak de behandeling definitief op basis van de ernst. Pas de dosis aan indien na onderbreking, larotrectinib wordt hervat.

Voor de behandeling van vruchtbare mannen, zie de rubriek Zwangerschap.

Hulpstoffen: wees voorzichtig met propyleenglycol in de drank bij zuigelingen < 4 weken, zeker in combinatie met andere middelen die propyleenglycol of ethanol bevatten.

Overdosering

Neem voor informatie over een vergiftiging met larotrectinib contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Proteïnekinaseremmer. Larotrectinib is een ATP-competitieve en selectieve remmer van tropomyosinereceptor-tyrosinekinasen TRKA, TRKB en TRKC (gecodeerd door resp. neurotrofe-tyrosinereceptor-kinasegenen NTRK1, NTRK2 en NTRK3) met IC50 -waarden tussen 5 en 11 nm. Eerdere behandelingen met andere geneesmiddelen die dezelfde kinasen remmen, kunnen resistentie voor larotrectinib veroorzaken.

Kinetische gegevens

T max ca. 1 uur.
F 34% (spreiding 32–37%). De biologische beschikbaarheid van de capsule en de drank is equivalent.
V d ca. 0,7 l/kg.
Metabolisering voornamelijk door CYP3A4/5 in de lever tot ongewijzigd larotrectinib en een O-glucoronideconjugaat.
Eliminatie voor ca. 58% met de feces en ca. 39% met de urine.
T 1/2el ca. 3 uur.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

larotrectinib hoort bij de groep proteïnekinaseremmers.

Zie ook

Geneesmiddelgroep

Externe links