Samenstelling

Noradrenaline (als waterstoftartraat) Diverse fabrikanten

Toedieningsvorm
Concentraat voor infusievloeistof
Sterkte
1 mg/ml
Verpakkingsvorm
ampul 1 ml, 5 ml

Bevat tevens: natriummetabisulfiet. De pH is circa 3,4–4,4.

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

De toepassing van noradrenaline-injecties komt in aanmerking bij hypotensie ten gevolge van shock en is beperkt tot de kliniek.

Indicaties

  • Als adjuvans bij acute hypotensie ten gevolge van shock.

Dosering

Noradrenaline niet i.m. of s.c. toedienen.

Klap alles open Klap alles dicht

Als adjuvans bij acute hypotensie:

I.v. als infusie: begindosering 8–12 microg/min, toedienen als 4 mg/l (oplosmiddel glucose 5%). Onderhoudsdosering 2–4 microg/min. De concentratie van de oplossing zo nodig aanpassen op geleide van de vochtbalans.

Bij staken de infusie geleidelijk verminderen om een plotselinge sterke bloeddrukdaling te voorkomen.

Bijwerkingen

Hoofdpijn, duizeligheid, tremor. Ademhalingsmoeilijkheden, apneu. Rusteloosheid, angst, slapeloosheid, zwakheid. Anafylactische shock, bronchospasmen, vooral bij astmapatiënten of bij overgevoeligheid voor sulfiet. Precordiale pijn, palpitaties, bradycardie, (fatale) hartritmestoornissen, stresscardiomyopathie, kransslagaderspasme, myocardinfarct. Zwelling van de schildklier. Weefselnecrose op de injectieplaats. Bij langdurig gebruik bij ernstige shock fatale myocarditis, bleekheid, bloedingen, oedeem, necrose van het maag-darmstelsel, nieren of lever.

Interacties

Noradrenaline is gecontra–indiceerd bij algemene anesthesie met cyclo–propaan, halothaan of andere gehalogeneerde koolwaterstoffen vanwege de kans op aritmieën.

Tricyclische antidepressiva en MAO-remmers versterken het bloeddrukverhogend effect van noradrenaline.

Bij combinatie met niet selectieve β-blokkers kan het overblijvende α-effect hypertensie en bradycardie veroorzaken.

Het vasopressor-effect van noradrenaline wordt door α-sympathicolytica verminderd, maar niet opgeheven.

Wees terughoudend bij combinatie met digoxine, omdat deze combinatie verlengde AV-geleidingstijd en bradycardie kan veroorzaken.

Zwangerschap

Noradrenaline passeert de placenta.
Teratogenese: Onvoldoende gegevens.
Farmacologisch effect: Door een verminderde doorbloeding van de placenta kunnen foetale hypoxie en sterke uteruscontractie optreden.
Advies: Gebruik is gecontra–indiceerd.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend.
Farmacologisch effect: Onwaarschijnlijk vanwege korte halfwaardetijd én omdat noradrenaline niet oraal opgenomen wordt.
Advies: Kan (voor zover bekend zonder gevaar) volgens voorschrift worden gebruikt na de neonatale periode bij een gezonde zuigeling.

Contra-indicaties

  • overgevoeligheid voor sulfiet.

Zie voor meer contra-indicaties de rubrieken Zwangerschap en Interacties.

Waarschuwingen en voorzorgen

De infusieplaats regelmatig en de bloeddruk continu controleren; de bloeddruk niet verder verhogen dan normotensie.

Weesbedacht op een afname van de bloedtoevoer naar de vitale organen.

Bij toediening via de venen van de fossa antecubitalis bestaat een heel klein risico van flebitis. Injectie in de beenvenen moet worden vermeden, in het bijzonder bij ouderen, bij aandoeningen van het perifere vaatstelsel in de onderste extremiteiten, diabetes mellitus en de ziekte van Buerger. Na extravasatie zo snel mogelijk 5–10 mg fentolamine in 10–15 ml NaCl-oplossing in het gebied infiltreren.

Voorzichtig toepassen bij hyperthyreoïdie, hart– en vaatziekten of hypertensie.

Overdosering

Symptomen
Fotofobie, hyperhidrose, braken, retrosternale of faryngeale pijn, ernstige hypertensie (met als gevolg hevige hoofdpijn), cerebrale bloeding, convulsies.

Neem voor meer informatie over een vergiftiging met noradrenaline contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Overwegend α-sympathicomimetisch effect met tevens werking op β1-receptoren en nauwelijks effect op β2-receptoren. Noradrenaline is een krachtige vasoconstrictor, waardoor zowel de diastolische als de systolische bloeddruk stijgt. De hartfrequentie wordt relatief weinig beïnvloed: de positief-inotrope en positief-chronotrope effecten worden gecompenseerd door de reflexbradycardie die optreedt als gevolg van de sterke bloeddrukstijging.

Bloeddrukverhogende werking: i.v. snel. Werkingsduur: tot 1–2 min na einde infuus.

Aanleiding tot het niet meer gebruiken van de International Nonproprietary Name 'norepinefrine' zijn verschillende Centrale Medicatie-incident Registratie-meldingen.

Kinetische gegevens

Metaboliseringtot inactieve metabolieten in lever en andere weefsels (sympathische zenuwuiteinden).
Eliminatiemet de urine, vnl. als metabolieten.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd