Samenstelling

Alfuzosine Tabletten (hydrochloride) Diverse fabrikanten

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
2,5 mg
Toedieningsvorm
Tablet met gereguleerde afgifte
Sterkte
10 mg

Xatral (hydrochloride) Sanofi-Aventis

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
2,5 mg
Toedieningsvorm
Tablet met gereguleerde afgifte 'XR'
Sterkte
10 mg

De 'XR' tablet bevat ricinusolie.

Uitleg symbolen

Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Het effect van medicamenteuze behandeling bij mictieklachten bij mannen (LUTS, BPH) is beperkt. Indien tot een proefbehandeling wordt besloten, gaat bij matig ernstige klachten in de eerstelijnszorg de voorkeur uit naar een α1-blokker met gereguleerde afgifte. In de tweedelijnszorg kan, bij een groter prostaatvolume (EUA: > 40 ml), aan de α1-blokker een 5-α-reductaseremmer worden toegevoegd.

De keuze tussen de α1-blokkers met gereguleerde afgifte (alfuzosine, doxazosine en tamsulosine) wordt gemaakt op basis van prijs, zie www.medicijnkosten.nl.

Indicaties

Functionele symptomen van benigne prostaathyperplasie .

Gerelateerde informatie

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Functionele symptomen van benigne prostaathyperplasie:

Volwassenen:

10 mg als tablet met gereguleerde afgifte 1×/dag na het avondeten.

Bij milde tot matige leverinsufficiëntie: begindosering 2,5 mg 1×/dag; indien nodig verhogen tot 2,5 mg 2×/dag. De eerste dosis van 2,5 mg dient voor het slapen gaan te worden ingenomen.

Vanwege het ontbreken van klinische veiligheidsgegevens de 10 mg tablet niet gebruiken bij ernstig verminderde nierfunctie (creatinineklaring < 30 ml/min).

De tablet met gereguleerde afgifte in zijn geheel innemen met ruim water, niet vermalen of delen.

Bijwerkingen

Vaak (1-10%): zwakte, asthenie, malaise, hoofdpijn. Maag-darmklachten zoals misselijkheid, buikpijn, diarree, droge mond.

Soms (0,1-1%): (orthostatische) hypotensie. Syncope, tachycardie, palpitaties, pijn op de borst, blozen en oedeem. Slaperigheid, vertigo en duizeligheid. Huiduitslag, jeuk. Visusstoornis. Rinitis.

Zeer zelden (< 0,01%): urticaria, angina pectoris bij coronaire insufficiëntie, angio–oedeem. Hepatotoxiciteit.

Verder zijn nog gemeld: atriumfibrilleren. Ischemische hersenaandoeningen bij patiënten met onderliggende cerebrovasculaire verstoringen. Intraoperatief 'floppy iris'-syndroom (IFIS). Braken. Hepatocellulaire beschadiging, cholestatische leverziekte. Priapisme. Neutropenie, trombocytopenie.

Bijwerkingen die bij de directe afgifte tabletten (2,5 mg) vaker (1-10%) voorkomen zijn: duizeligheid, vertigo en (orthostatische) hypotensie.

Interacties

Gelijktijdig gebruik met andere α1-blokkers is gecontra–indiceerd.

Wees voorzichtig bij combinatie met andere antihypertensiva, nitraten en fosfodiësterase-(type 5)-remmers (PDE-5-remmers).

Combinatie met anesthetica kan leiden tot een instabiele bloeddruk.

Combinatie met sterke CYP3A4-remmers (ketoconazol, itraconazol, ritonavir) kan de bloedspiegel van alfuzosine verhogen.

Zwangerschap

Gezien de geregistreerde indicatie niet van toepassing.
Teratogenese: Onbekend.

Lactatie

Er zijn geen gegevens over het gebruik van alfuzosine tijdens borstvoeding.

Contra-indicaties

  • orthostatische hypotensie in de anamnese;
  • ernstige leverinsufficiëntie.

Zie ook de rubriek Interacties.

Waarschuwingen en voorzorgen

Vóór aanvang van, en met regelmaat tijdens, de behandeling een rectaal toucher uitvoeren en zonodig PSA bepalen.

In het begin van de behandeling de bloeddruk controleren. Bij gebleken hypotensie na gebruik van andere α-blokkers de behandeling voorzichtig beginnen. Bij ouderen, te hoge dosering of bij hypertensie kan in de eerste uren na inname orthostatische hypotensie optreden; instrueer de patiënt bij tekenen hiervan (duizeligheid, zwaktegevoel, zweten) te gaan liggen totdat de symptomen zijn verdwenen. Bij coronairlijden kan te snelle of te uitgesproken bloeddrukdaling verergering van de angineuze klachten veroorzaken; in dat geval behandeling staken. Wees voorzichtig bij acuut hartfalen.

Controleer bij risicopatiënten vóór en tijdens de behandeling het QT-interval.

Huidig of vroeger gebruik van α1-blokkers melden aan de oogarts voorafgaand aan een cataractoperatie vanwege kans op IFIS.

De werkzaamheid is niet aangetoond bij kinderen van 2–16 jaar.

Overdosering

Neem voor informatie over een vergiftiging met alfuzosine (telefonisch) contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum (er is geen monografie).

Eigenschappen

Selectieve postsynaptische α1-blokker met quinazolinestructuur. Bij benigne prostaathyperplasie kan door α-adrenerg receptorantagonisme de tonus van het spierweefsel van de prostaat en urinewegen worden beïnvloed, waardoor de urinestroom verbetert. Evenals andere α1-blokkers heeft het een bloeddrukverlagend effect via vermindering van de systeemweerstand. Werking: na 1–2 uur (gewone tablet), 1–2 dagen (vertraagde afgifte tablet).

Kinetische gegevens

Resorptiegoed, bij ouderen (> 75 jaar) sneller.
Fca. 65% (tablet 2,5 mg).
T max1 uur (0,5–6) voor de 2,5 mg tablet, 9 uur voor de 'XR'-tablet.
OverigPlasmaconcentratie: grote interindividuele verschillen, bij ouderen hoger.
Eiwitbindingca. 90%.
Metaboliseringin de lever door voornamelijk CYP3A4 tot onwerkzame metabolieten.
Eliminatievnl. met de feces, ook met de urine.
T 1/2el3–5 uur (2,5 mg), 9,1 uur ('XR').

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

alfuzosine hoort bij de groep alfablokkers.

alfuzosine vergelijken met een ander geneesmiddel

Zie ook