sofosbuvir

Samenstelling

Sovaldi Aanvullende monitoring Gilead Sciences bv

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
400 mg

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

sofosbuvir vergelijken met een ander geneesmiddel.

Advies

Preventie van een hepatitis C-infectie bestaat uit het in acht nemen van niet-medicamenteuze maatregelen. Er is geen medicamenteuze profylaxe. De behandeling van een chronische hepatitis C-infectie, als initiële therapie of na falen van eerdere behandeling, bestaat uit een combinatie van direct-werkende antivirale middelen. De keuze voor een behandelregime wordt o.a. bepaald door het HCV-genotype en de mate van reeds aanwezige fibrose in de lever. Zie voor meer informatie en de meest recente behandeladviezen het HCV-richtsnoer (maart 2019) (bv. de rubrieken: onbehandelde patiënten, eerder behandelde patiënten, gedecompenseerde cirrose).

Indicaties

  • In combinatie met andere geneesmiddelen voor de behandeling van chronische hepatitis C (CHC) bij volwassenen en kinderen vanaf 12 jaar.

Gerelateerde informatie

Dosering

De hier volgende aanbevelingen voor de behandelduur en combinaties zijn afkomstig van de fabrikant van sofosbuvir. Zie ook de link in de rubriek Advies voor aanbevelingen volgens het HCV-richtsnoer.

Klap alles open Klap alles dicht

Behandeling van chronische hepatitis C :

Volwassenen (incl. ouderen):

In combinatie met andere geneesmiddelen: 400 mg 1×/dag. Een verlaging van de dosis wordt niet aanbevolen.

De behandelduur voor de therapie met sofosbuvir + ribavirine is: 12 weken (CHC genotype 2), 24 weken (CHC genotype 3); bij genotype 1, 4, 5 of 6, dit regime (24 weken) alleen gebruiken bij patiënten die niet in aanmerking komen of intolerant zijn voor peginterferon α) of tot aan een levertransplantatie (bij patiënten met CHC die wachten op een levertransplantatie).

De behandelduur voor de therapie met sofosbuvir + ribavirine + peginterferon α is: 12 weken (CHC genotype 1, 3, 4, 5 of 6).

In alle bovenstaande gevallen waar de behandelduur 12 weken is kan de behandeling na 12 weken eventueel verlengd worden tot maximaal 24 weken, vooral bij aanwezigheid van 1 of meer risicofactoren voor een lagere respons op interferon-gebaseerde behandelingen (bv. gevorderde fibrose of cirrose, hoge virusconcentratie bij aanvang, zwart ras, eerdere afwezigheid van respons op ribavirine + peginterferon α, genotype IL28B non-CC).

Ná het ontvangen van een levertransplantaat is de behandelduur 24 weken, in combinatie met een aanvangsdosis ribavirine van 400 mg verdeeld over 2 doses per dag. Indien dit goed wordt verdragen de dosering ribavirine geleidelijk ophogen tot 1000 mg (< 75 kg lichaamsgewicht) of 1200 mg (≥ 75 kg). Indien de aanvangsdosis niet goed wordt verdragen de dosis verlagen op geleide van de hemoglobinespiegel. In klinisch onderzoek werd de dosering bij goed verdragen opgehoogd na 2 en na 4 weken, vervolgens niet eerder dan eens per 4 weken.

Voor de combinatie van sofosbuvir + daclatasvir, zie daclatasvir#doseringen.

Kinderen vanaf 12 jaar:

In combinatie met andere geneesmiddelen: 400 mg 1×/dag. Een verlaging van de dosis wordt niet aanbevolen.

De behandelduur voor de therapie met sofosbuvir + ribavirine is: 12 weken (CHC genotype 2), 24 weken (CHC genotype 3).

Bij genotype 2, waar de behandelduur 12 weken is kan de behandeling ná 12 weken eventueel verlengd worden tot maximaal 24 weken, vooral bij aanwezigheid van 1 of meer risicofactoren voor een lagere respons op interferon-gebaseerde behandelingen (bv. gevorderde fibrose of cirrose, hoge virusconcentratie bij aanvang, zwart ras, eerdere afwezigheid van respons op ribavirine + peginterferon α, genotype IL28B non-CC).

De dosering van ribavirine bij kinderen is gebaseerd op het lichaamsgewicht, bij < 47 kg: 15 mg/kg/dag; 47-49 kg: 600 mg/dag; 50-65 kg: 800 mg/dag; 66-80 kg: 1000 mg/dag; > 81 kg: 1200 mg/dag.

Bij ernstige bijwerkingen: dosisverlaging van sofosbuvir wordt niet aanbevolen. In de officiële productinformatie (CBG/EMA) staat globaal wanneer van welk middel de dosis verlaagd moet worden en in detail informatie met betrekking tot ribavirine (rubriek 4.2, tabel 2). De doseringsinformatie (incl. dosisaanpassingen) van de andere geneesmiddelen staan in de betreffende preparaatteksten. Als tijdens de therapie deze geneesmiddelen definitief moeten worden gestaakt, moet óók sofosbuvir worden gestaakt:

Co-infectie met HIV: de hier beschreven aanbevolen doseringen gelden ook voor patiënten met een co-infectie van HIV.

Verminderde leverfunctie: er is geen dosisaanpassing noodzakelijk bij lichte tot ernstige leverfunctiestoornis, zie voor toepassing bij kinderen echter ook de rubriek Waarschuwingen en voorzorgen achter Onderzoeksgegevens.

Verminderde nierfunctie: bij een lichte of matig-ernstige nierfunctiestoornis is geen dosisaanpassing nodig; wegens een gebrek aan gegevens kan geen dosisaanbeveling worden gedaan voor een ernstige nierfunctiestoornis (creatinineklaring < 30 ml/min) of voor een terminale nierziekte waarbij hemodialyse wordt toegepast.

Bij braken binnen 2 uur na inname van de tablet een extra tablet innemen. Indien > 2 uur zijn verstreken, dan is géén extra dosis nodig.

Bij vergeten van een dosis de tablet alsnog zo snel mogelijk innemen indien dit binnen 18 uur na het gebruikelijke tijdstip van innemen wordt bemerkt. Indien > 18 uren zijn verstreken de gemiste dosis niet meer inhalen.

Toedieningsinformatie: de tablet heel innemen (vanwege de bittere smaak van de werkzame stof) en met voedsel (voor een betere absorptie).

Bijwerkingen

In combinatie met ribavirine: zeer vaak (> 10%): vermoeidheid, prikkelbaarheid, slapeloosheid, hoofdpijn. Misselijkheid. Verhoogd bilirubine in bloed. Verlaagd hemoglobine.

Vaak (1–10%): concentratiestoornis. Depressie. Dyspepsie, obstipatie. (Inspannings)dyspneu, hoesten. Spierpijn, artralgie, rugpijn, spierspasmen. Koorts, asthenie. Nasofaryngitis. Droge huid, jeuk, alopecia. Anemie.

In combinatie met ribavirine + peginterferon α: zeer vaak (> 10%): koorts, koude rillingen, influenza-achtig beeld, vermoeidheid, prikkelbaarheid. Duizeligheid, hoofdpijn. Slapeloosheid. Verminderde eetlust. Misselijkheid, braken, diarree. Dyspneu, hoesten. Myalgie, artralgie. Huiduitslag, jeuk. Verhoogd bilirubine in het bloed. Anemie, neutropenie, verkleining lymfocyten- en trombocytenaantal.

Vaak (1–10%): concentratiestoornis, geheugenstoornis, migraine. Depressie, angst, agitatie. Pijn op de borst, asthenie. Inspanningsdyspneu. Wazig zien. Gewichtsverlies. Droge mond, gastro-oesofageale reflux, obstipatie. Droge huid, alopecia. Rugpijn, spierspasmen.

In combinatie met amiodaron zijn gevallen van ernstige bradycardie en hartblok waargenomen, soms in combinatie met het gebruik van andere geneesmiddelen die de hartslag verlagen, zie ook rubriek Waarschuwingen en voorzorgen.

Verder is bij gebruik van sofosbuvir gemeld: het Stevens-Johnson-syndroom.

Het veiligheidsprofiel bij personen die een levertransplantaat hebben ontvangen, is hetzelfde als hierboven vermeld. Wel komt een daling van de hemoglobinespiegel < 6,2 mmol/l bij ca. 33% voor; in klinisch onderzoek kreeg ca. 20% epoëtine en/of een bloedproduct.

Ook bij kinderen 12-18 jaar is het veiligheidsprofiel hetzelfde als hierboven vermeld.

Meer bijwerkingen zijn mogelijk, zie ook:

Interacties

Sofosbuvir is een substraat voor P-glycoproteïne (Pgp) en 'breast cancer resistance protein' (BCRP). Vanwege een verminderd therapeutisch effect is combinatie met krachtige inductoren van Pgp of BCRP zoals rifampicine, rifabutine, carbamazepine, fenytoïne, fenobarbital en sint-janskruid gecontra-indiceerd. Het effect van een inductor kan nog tot ten minste twee weken na het staken van het gebruik ervan aanhouden. De combinatie met matig-sterke Pgp-inductoren zoals modafinil en oxcarbazepine wordt niet aanbevolen.

Combinatie met amiodaron wordt sterk ontraden, vanwege het optreden van ernstige (levensbedreigende) bradycardie en AV-blokkade (zie ook rubriek Waarschuwingen en voorzorgen).

Omdat de leverfunctie tijdens de behandeling van hepatitis kan veranderen, moet bij gebruik van vitamine K-antagonisten de INR nauwkeurig gecontroleerd worden.

Mogelijk moet de dosering bloedglucoseregulerende middelen aangepast worden, door een verbetering van de bloedglucoseregulatie.

Sofosbuvir kan wél gelijktijdig worden toegediend met middelen die Pgp of BCRP remmen en met diverse antivirale geneesmiddelen tegen HIV (efavirenz, emtricitabine, tenofovir, rilpivirine, darunavir + ritonavir en raltegravir).

Er zijn geen gegevens beschikbaar over combinatie met boceprevir; de combinatie wordt niet aanbevolen.

Zwangerschap

Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Bij dieren geen aanwijzingen voor schadelijkheid. Sofosbuvir wordt echter gebruikt in combinatie met andere geneesmiddelen (waaronder in selecte gevallen ribavirine en/of peginterferon α).
Advies: Gebruik (alleen of in combinatie met peginterferon α) ontraden. In combinatie met (andere) direct werkende middelen tegen hepatitis C: raadpleeg de geneesmiddeltekst van het betreffende middel. In combinatie met ribavirine: het gebruik van ribavirine is gecontra-indiceerd tijdens de zwangerschap in verband met significante teratogene en embryocide effecten.
Overig: In combinatie met ribavirine zijn strikte anticonceptieve maatregelen van toepassing, ook gedurende een periode na de beëindiging van de behandeling.

Meer details:

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend. Een nadelig effect op de zuigeling kan niet worden uitgesloten.
Advies: Het gebruik van dit geneesmiddel in combinatie met ribavirine of het geven van borstvoeding is gecontra-indiceerd. In combinatie met (alleen) peginterferon α wordt het geven van borstvoeding ontraden, raadpleeg bij gebruik van (andere) direct werkende middelen tegen hepatitis C de betreffende geneesmiddeltekst. Borstvoeding door vrouwen met een co-infectie met HIV wordt ontraden om het overdragen van HIV te voorkomen.

Contra-indicaties

Zie voor contra-indicaties de rubrieken Zwangerschap, Lactatie en Interacties.

Waarschuwingen en voorzorgen

Co-infectie hepatitis B: vóór aanvang van de behandeling controleren op co-infectie met het hepatitis B-virus (HBV) omdat gevallen van reactivatie van HBV (waaronder enkele met fatale afloop) gemeld zijn na behandeling met directwerkende antivirale middelen. Patiënten met een vastgestelde co-infectie zorgvuldig controleren en behandelen volgens de geldende behandelrichtlijnen.

Bij gebruik in combinatie met amiodaron (en soms andere middelen die de hartslag vertragen) zijn ernstige bradycardie en AV-blokkade gemeld. De kans hierop is groter indien ook β-blokkers worden gebruikt of bij onderliggende hartaandoeningen en/of gevorderde leverziekte. De combinatie van sofosbuvir en amiodaron bij voorkeur vermijden; alléén toepassen als alternatieve anti-aritmica niet worden verdragen of gecontra-indiceerd zijn. Als de combinatie noodzakelijk is, bij het starten van sofosbuvir de patiënt minimaal 48 uur continu monitoren in een passende setting. Omdat amiodaron een extreem lange halfwaardetijd heeft (20–100 dagen) deze observatie ook doen als met sofosbuvir wordt gestart bij een patiënt die in de afgelopen paar maanden is gestopt met amiodaron. Instrueer de patiënt die deze combinatie gebruikt om direct contact op te nemen als symptomen van bradycardie of hartblok optreden.

Bij diabetici kan na aanvang van de behandeling een verbetering van de bloedglucoseregulatie optreden, wat mogelijk leidt tot symptomatische hypoglykemie; de bloedglucosewaarden, vooral tijdens de eerste drie maanden, nauwlettend controleren en zo nodig de (dosering van) bloedglucoseregulerende middelen aanpassen.

Onderzoeksgegevens: De klinische onderzoeken met sofosbuvir zijn vooral uitgevoerd in combinatie met daclatasvir of ribavirine óf met ribavirine + peginterferon α. Daarnaast zijn er een aantal combinatiepreparaten met sofosbuvir op de markt gekomen: ledipasvir/sofosbuvir, sofosbuvir/velpatasvir en sofosbuvir/velpatasvir/voxilaprevir. Dit zijn dan ook vooralsnog de aanbevolen combinaties. Kijk in de preparaattekst van daclatasvir voor meer informatie over de combinatie ermee. De werkzaamheid en veiligheid van sofosbuvir zijn niet vastgesteld bij:

  • ernstig verminderde nierfunctie (GFR < 30 ml/min) of bij toepassing van hemodialyse;
  • kinderen jonger dan 12 jaar;
  • kinderen met levercirrose;
  • kinderen met genotype 1, 4, 5 of 6;

Overdosering

Voor informatie over een vergiftiging met sofosbuvir neem contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Sofosbuvir is een remmer van het RNA-afhankelijke RNA-polymerase van HCV NS5B, een enzym dat essentieel is voor virale replicatie, en werkt tegen alle genotypen van het hepatitis C-virus (=pan-genotypisch). Het is een nucleotide prodrug: bij intracellulair metabolisme in de lever wordt het omgezet in het farmacologisch actieve uridine-analoog trifosfaat. Dit wordt door NS5B-polymerase in HCV-RNA ingebouwd, wat leidt tot ketenterminatie. De actieve metaboliet remt geen menselijke DNA- en RNA-polymerasen en is geen remmer van mitochondriaal RNA-polymerase.

Kinetische gegevens

Resorptiehet grootste gedeelte < 2 uur na inname.
T max½–2 uur.
Metaboliseringin hoge mate in de lever tot de actieve metaboliet (uridine analoog trifosfaat) en inactieve metabolieten. De actieve metaboliet wordt niet waargenomen in de circulatie.
Eliminatievnl. met de urine (ca. 80%), grotendeels als inactieve metaboliet, ca. 3,5% als sofosbuvir. Ongeveer 14% wordt uitgescheiden met de feces en ca. 2,5% met de uitgeademde lucht.
T 1/2elca. 0,4 uur (sofosbuvir).

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

sofosbuvir hoort bij de groep HCV polymeraseremmers.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook

Geneesmiddelgroep

Indicaties

Externe links