Samenstelling

Erwinase (Erwinia L-asparaginase = crisantaspase) Eusa Pharma

Toedieningsvorm
Poeder voor injectievloeistof
Sterkte
10.000 IE

Kan tevens kleine hoeveelheden L–glutaminase bevatten.

Paronal (E. coli-asparaginase = colaspase) Takeda Nederland bv

Toedieningsvorm
Poeder voor injectievloeistof
Sterkte
10.000 IE

Kan tevens kleine hoeveelheden L–glutaminase bevatten.

Uitleg symbolen

Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Zie voor de behandeling van acute lymfatische leukemie de behandelrichtlijn via HOVON ALL. NB: de richtlijn is nog in ontwikkeling.

Indicaties

Voornamelijk in combinatietherapie bij acute lymfatische leukemie (ALL), m.n. bij kinderen, om een remissie te induceren.

Dosering

Onderzoek de patiënt op overgevoeligheid door middel van een intradermale injectie van 50 IE (Erwinase) of 1–10 IE (Paronal) vóór iedere behandeling, gevolgd door 3 uur (Erwinase) of 1 uur (Paronal) observatie.

Ter preventie van uraatnefropathie door massale cellysis, voldoende vloeistof toedienen, de urine alkaliseren en allopurinol overwegen.

Klap alles open Klap alles dicht

Als onderdeel van combinatietherapie bij acute lymfatische leukemie:

Volwassenen en kinderen:

Paronal: intraveneus infuus gedurende ten minste 30 min: gebruikelijke dosis 50–200 IE/kg lichaamsgewicht per dag of elke 2 dagen, gedurende 10–28 dagen. De dosis kan verhoogd worden tot 1000 IE/kg lichaamsgewicht per dag om de behandelduur te verkorten en zo de kans op allergische reacties te verminderen.

Erwinase: intraveneus, intramusculair, subcutaan: gebruikelijke dosis 6000 IE/m² lichaamsoppervlak (200 IE/kg lichaamsgewicht) 3×/week gedurende 3 weken.

Paronal:: langzaam (≥ 30 min) direct intraveneus infunderen; als dit niet mogelijk is dan, in verband met de labiliteit van de werkzame stof, direct in de slang van een lopend infuus (electrolytoplossing, bv. fysiologisch zout) toedienen.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): coagulopathie (o.a. hypercoagulatie, hypofibrinogenemie, daling antitrombine III, proteïne C en proteïne S) vaak gepaard gaand met bloeding of trombotische complicaties (cerebraal, pulmonaal, perifeer). Anorexie, misselijkheid, braken. Koorts.

Vaak (1-10%): overgevoeligheidsreactie (o.a. dyspneu, jeuk, gezichtsoedeem, erytheem, urticaria). Diarree, buikpijn. Pancreatitis, hepatische steatose. Neurotoxiciteit, duizeligheid, hoofdpijn, slaperigheid, angst, verwardheid, epileptische aanvallen, lethargie. Malaise, perifeer oedeem. Reactie op de injectieplaats (o.a. pijn, erytheem, oedeem). Trombocytopenie, (hemolytische) anemie. Verhoogd serumamylase, -lipase, bilirubine, ASAT, ALAT en AF, hypercholesterolemie, hypernatriëmie, verhoogde ureumwaarde.

Soms (0,1-1%): anafylaxie (incl. shock). Laryngeaal oedeem, bronchospasmen, rinitis, hypoxie, ademhalingsstilstand. Rinitis. Hyperlipidemie, hyperglykemie.

Zelden (0,01-0,1%): parese, dysfasie, dysfagie, encefalopathie (als gevolg van excessieve ammoniaproduktie), verminderd bewustzijn, coma. Myocardinfarct. Leverinsufficiëntie.

Zeer zelden (< 0,01%): (febriele) neutropenie. Infectie, sepsis. Hemorragische of necrotiserende pancreatitis. Spierpijn, reactieve artritis.

Verder zijn gemeld: hyper- of hypotensie, diabetes (incl. ketoacidose), hyperlipidemie, daling van thyroxine-bindend globuline (TBG), secundaire hypothyreoïdie. Blozen. Speekselklierontsteking. Artralgie. Desoriëntatie, opwinding, hallucinaties. Toxische epidermale necrolyse. Hepatomegalie, cholestatische icterus, hypoalbuminemie, hyperammoniëmie. Onvolledige blaaslediging, acute nierinsufficiëntie, proteïnurie, hypoproteïnemie, prerenale uremie, uraatnefropathie. Leukopenie, beenmergdepressie.

Interacties

Bij gelijktijdig gebruik van asparaginase en methotrexaat kan het effect van methotrexaat worden verzwakt of versterkt, afhankelijk van de dosering en het tijdstip van toedienen. Toediening van asparaginase vlak vóór of gelijktijdig met vincristine of prednison kan gepaard gaan met een verhoging van de toxiciteit.

Zwangerschap

Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens. Bij dieren in klinisch relevante doseringen schadelijk gebleken (skeletmalformaties, spina bifida, exencefalie, abdominale expulsie, afwijkingen in longen en nieren).
Advies: Gebruik is gecontra-indiceerd.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend. Een nadelig effect bij de zuigeling kan niet worden uitgesloten.
Advies: Het gebruik of het geven van borstvoeding is gecontra-indiceerd.

Contra-indicaties

Pancreatitis. Ernstige leverfunctiestoornissen.

Waarschuwingen en voorzorgen

Vóór en tijdens de behandeling regelmatig bloedbeeld, lever- en nierfunctie, serumamylase, serumlipase, glucosespiegel, urinezuur, stollingstijden, fibrinogeen- en antitrombine III-spiegel controleren, zo nodig de dosis verlagen, de toediening staken en stollingsfactoren suppleren. De kans op een overgevoeligheidsreactie neemt toe na meerdere toedieningen; aangezien de twee enzymvormen (uit E.coli of Erwinia) immunologisch verschillend zijn, kan geprobeerd worden over te stappen. Bij symptomen van pancreatitis de behandeling staken en niet hervatten. Wees voorzichtig bij (optreden van) infectieziekte (vooral varicella), bestaande beenmergdepressie en nierfunctiestoornissen. Bij optreden van ernstige lokale reacties op de injectieplaats de toediening staken en gepaste maatregelen nemen. Bij contact van het poeder of de oplossing met de huid, mucosa of de ogen gedurende ten minste 15 minuten spoelen met veel water.

Overdosering

Neem voor informatie over een vergiftiging met asparginase contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Enzym met oncolytische werking, waarvan het werkzame bestanddeel is afgescheiden door Erwinia chrysanthemi (crisantaspase) of Escherichia coli (colaspase). Het katalyseert de splitsing van L-asparagine, een voor bepaalde tumorcellen essentieel aminozuur, in L-asparaginezuur en ammoniak. Hierdoor wordt de groei van deze tumorcellen geremd. Eén eenheid l-asparaginase is de enzymactiviteit die onder gestandaardiseerde omstandigheden per minuut 1 micromol ammoniak uit L-asparagine afsplitst.

Kinetische gegevens

V d70–80% van het plasmavolume.
OverigGeringe passage bloed-hersenbarrière.
Metaboliseringin de lever.
T 1/2el4–22 uur.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

asparaginase hoort bij de groep oncolytica, overige.

asparaginase vergelijken met een ander geneesmiddel

Zie ook