Samenstelling

Daraprim GlaxoSmithKline bv

Toedieningsvorm
Tablet
Sterkte
25 mg

Uitleg symbolen

Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Bij de behandeling van toxoplasmose dient pyrimethamine samen met sulfadiazine te worden gegeven.

Bij het bestrijden van malaria staat voorkómen van muggenbeten en primaire profylaxe voorop. De keuze van de profylactische behandeling wordt bepaald door de reisbestemming, karakteristieken van de persoon en de duur van het verblijf. De GGD's en gespecialiseerde centra beschikken over de meest recente gegevens van resistentie in malariagebieden en meest recente richtlijnen voor malariaprofylaxe. In sommige gevallen kan het gewenst zijn een noodbehandeling mee te nemen. De behandeling van malaria wordt bepaald door de ernst van de ziekte en gebeurt in overleg met een gespecialiseerd centrum. Er is vanwege de veel voorkomende resistentie, geen plaats meer voor pyrimethamine bij de behandeling van malaria.

Indicaties

  • Behandeling van actieve toxoplasmose, in combinatie met een synergistisch middel zoals sulfadiazine.

Pyrimethamine is officieel ook geregistreerd voor de behandeling van malaria die door gevoelige stammen van Plasmodium falciparum wordt veroorzaakt, in combinatie met een sulfonamide (veelal sulfadoxine) en andere anti-malaria middelen. Omdat er wereldwijd een resistentie bestaat tegen deze therapie en in Nederland geen sulfonamide beschikbaar is voor deze indicatie (met een doseringsadvies), wordt deze indicatie in deze preparaattekst niet verder behandeld.

Gerelateerde informatie

Dosering

De tabletten hebben een breukgleuf, zodat per 12,5 mg kan worden gedoseerd.

Klap alles open Klap alles dicht

Behandeling van actieve toxoplasmose:

Volwassenen en kinderen ≥ 6 jaar:

In combinatie met sulfadiazine of een ander synergistisch middel én folinezuursuppletie (calciumfolinaat) ter vermindering van de kans op beenmergdepressie: eerste dag 50 mg, daarna 25 mg 1×/dag. Vanaf de eerste dag sulfadiazine geven: 150 mg/kg lichaamsgewicht/dag in 4 doses, max. 4 g/dag.

Kinderen 3–6 jaar:

In combinatie met sulfadiazine én folinezuursuppletie (calciumfolinaat): eerste dag 2 mg/kg lichaamsgewicht/dag (maximaal 50 mg), daarna 1 mg/kg lichaamsgewicht/dag (maximaal 25 mg) 1×/dag. Vanaf de eerste dag sulfadiazine geven: 150 mg/kg lichaamsgewicht/dag in 4 doses, max. 2 g/dag.

Kinderen 10 maanden–2 jaar:

In combinatie met sulfadiazine én folinezuursuppletie (calciumfolinaat): 1 mg/kg lichaamsgewicht/dag 1×/dag (geen oplaaddosis). Vanaf de eerste dag sulfadiazine geven: 150 mg/kg sulfadiazine per dag in 4 doses, max. 1,5 g/dag.

Behandelduur: De behandeling dient gedurende 3–4 weken te worden gegeven. Indien voortgezette behandeling nodig is, dienen er 30–40 dagen tussen de behandelingen te liggen.

Bij ouderen: geen ervaring, mogelijk zijn zij gevoeliger voor een folaattekort; toepassing van folinezuursuppletie is daarom essentieel.

Verminderde nierfunctie: een dosisaanpassing is niet nodig, wel voorzichtig toepassen.

Verminderde leverfunctie: er is geen algemene aanbeveling voor dosisreductie, overweeg in individuele omstandigheden de dosis aan te passen.

Zie voor de behandeling van congenitale toxoplasmose: het Kinderformularium van het NKFK. Bij pasgeborenen het risico van toediening van het sulfonamide afwegen tegen het therapeutisch voordeel.

Toedieningsinformatie: geef instructies voor het breken van tabletten bij toepassing bij kinderen < 6 j.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): hoofdpijn. Misselijkheid, braken, diarree. Huiduitslag. Anemie.

Vaak (1-10%): leukopenie, trombocytopenie. Duizeligheid.

Soms (0,1-1%): abnormale huidpigmentatie. Koorts.

Zeer zelden (< 0,01%): buccale ulceratie, koliek. Dermatitis. Pancytopenie. Pneumonie met cellulaire en eosinofiele pulmonale infiltratie. Convulsies (indicatie toxoplasmose).

De kans op bloedbeeldafwijkingen is groter indien géén folinezuursuppletie (calciumfolinaat) wordt gegeven bij langer gebruik (indicatie toxoplasmose).

Interacties

Pyrimethamine kan de plasmaconcentraties van kinine verhogen met mogelijk toxische effecten.

Pyrimethamine vergroot als foliumzuurantagonist het risico van hematologische bijwerkingen (agranulocytose) door dapson.

Elvitegravir, lopinavir en ritonavir remmen het metabolisme van pyrimethamine, waardoor de kans op bijwerkingen kan toenemen.

Mogelijk verlagen antacida de absorptie van pyrimethamine.

Bij gelijktijdig gebruik van een trimethoprim/sulfonamide-combinatie en pyrimethamine kan megaloblastaire anemie optreden. Wees voorzichtig met de combinatie met andere myelosuppressieve geneesmiddelen zoals zidovudine en cytostatica (zoals methotrexaat). Fatale beenmergaplasie is gemeld na toediening van daunorubicine, cytarabine en pyrimethamine bij patiënten met een acute myeloïde leukemie.

Bij kinderen met leukemie van het centrale zenuwstelsel zijn convulsies gezien bij gelijktijdig gebruik van methotrexaat en pyrimethamine.

Gelijktijdig gebruik van lorazepam kan aanleiding geven tot hepatotoxiciteit.

Zwangerschap

Pyrimethamine passeert de placenta.
Teratogenese: Bij de mens onvoldoende gedocumenteerde gegevens. Ruime ervaring met het gebruik heeft tot nu toe geen negatieve effecten laten zien. Bij dieren bij hogere dosering aanwijzingen voor schadelijkheid (gespleten gehemelte, oligodactyli, microftalmie). Aangezien er sprake is van combinatietherapie met een sulfonamide, moeten ook gegevens hiervan in ogenschouw worden genomen, zie voor de behandeling van toxoplasmose ook sulfadiazine#zwangerschap.
Farmacologisch effect: Op grond van de farmacologische werkzaamheid is foliumzuurdepletie bij het kind mogelijk.
Advies: De fabrikant ontraadt het gebruik tijdens het 1e trimester. Alleen op strikte indicatie gebruiken tijdens het 2e en 3e trimester; tevens folinezuursuppletie (calciumfolinaat) toepassen in doseringen die gebruikelijk zijn voor zwangeren. Bij de behandeling van actieve toxoplasmose alleen behandelen bij vrouwen met serologische testen, die gedurende de zwangerschap positief worden en bij vrouwen bij wie tijdens de zwangerschap de antilichaamtiters tegen Toxoplasma stijgen.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja.
Farmacologisch effect: Zie voor informatie over de sulfonamide die bij toxoplasmose wordt gebruikt ook: sulfadiazine#lactatie.
Advies: De fabrikant adviseert de borstvoeding tijdens de behandeling te staken; volgens Lareb kan pyrimethamine waarschijnlijk veilig volgens voorschrift worden gebruikt.

Contra-indicaties

Omdat pyrimethamine in combinatie met een sulfonamide wordt toegepast, dient tevens met de hiervoor geldende contra-indicaties rekening te worden gehouden, zie m.b.t. de behandeling van toxoplasmose ook: sulfadiazine#contra-indicaties

Waarschuwingen en voorzorgen

Wees voorzichtig bij lever- of nierziekten en bij folaattekort door ziekte of ondervoeding. Herhaald gebruik bij ernstige nierfunctiestoornissen, aantoonbare leverparenchymbeschadiging en bloeddyscrasie wordt ontraden.

Convulsies: Wees voorzichtig bij toxoplasmosebehandeling van patiënten met een voorgeschiedenis van convulsies; vermijd hoge oplaaddoses.

Beenmergdepressie: Bij dagelijkse toediening is bij 25–50 % van de patiënten een verlaagde hematopoëse waargenomen. Geef folinezuur (calciumfolinaat) om de kans op beenmergdepressie te verminderen. Gedurende de therapie en tot twee weken na staken ervan wekelijks volledige bloedtellingen uitvoeren. Bij patiënten bij wie het immuunsysteem onderdrukt wordt tweemaal per week bloedtellingen uitvoeren.

Geef bij tekenen van een folaattekort, folinezuur (calciumfolinaat), omdat foliumzuur een folaattekort niet corrigeert vanwege de dihydrofoliumzuur-reductaseremming door pyrimethamine.

Kristalurie: In verband met het gebruik van een sulfonamide zorgdragen voor voldoende vloeistofinname ter vermijding van kristalurie.

Overdosering

Symptomen
Acute overdosering: braken, convulsies, ataxie, bevingen, respiratoire depressie, circulatoir collaps. Chronische overdosering: slapeloosheid, beenmergdepressie (door foliumzuurtekort).

Therapie
Acute overdosering: ondersteunend en zonodig medicatie tegen de convulsies. Chronische overdosering: folinezuur (calciumfolinaat) i.m. geven (om een mogelijk foliumzuurtekort tegen te gaan) totdat de symptomen van toxiciteit zijn verdwenen. Het kan overigens wel 7–10 dagen duren voordat de symptomen van leukopenie volledig tot uiting komen; daarom zeker gedurende deze periode folinezuur toedienen.

Neem voor meer informatie over een vergiftiging met pyrimethamine contact op met het Nationaal Vergiftigingen Informatie Centrum.

Eigenschappen

Dihydrofoliumzuurreductaseremmer, waarvan de affiniteit voor het protozoaire enzym veel groter is dan voor het menselijke. In combinatie met een sulfonamide treedt synergisme op in de remming van de aanmaak van dihydrofoliumzuur uit para-aminobenzoëzuur. Dit leidt tot een blokkade in het foliumzuurmetabolisme van Plasmodium falciparum en Toxoplasma gondii die, in tegenstelling tot de mens, niet in staat zijn reeds gevormd foliumzuur te gebruiken.

Bij de behandeling van toxoplasmose worden alleen de tachyzoïeten gedood; de bradyzoïeten in de weefselcysten blijven vitaal maar zijn in rust en kunnen op een later tijdstip bij verminderde weerstand weer actief worden.

Kinetische gegevens

Resorptiegoed.
T max2–4 uur.
Eiwitbinding80–90%.
OverigPyrimethamine wordt vooral teruggevonden in de nieren, longen, lever en milt. De concentratie in het cerebrospinaalvloeistof is 10–27% van die in het serum.
Metaboliseringin de lever.
Eliminatievnl. met de urine (onveranderd en als metabolieten).
T 1/2elca. 85 uur.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

pyrimethamine hoort bij de groep malariamiddelen.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook