estradiol/​nomegestrol

Samenstelling

Zoely Bijlage 2Aanvullende monitoring Merck Sharp & Dohme bv

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld

Strip met 24 witte tabletten en 4 gele placebo-tabletten. Bevat per witte tablet: estradiol (als hemihydraat) 1,5 mg en nomegestrol(acetaat) 2,5 mg.

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

estradiol/​nomegestrol vergelijken met een ander geneesmiddel.

Advies

Bij de keuze van een hormonaal anticonceptivum gaat de voorkeur uit naar een oraal preparaat met 30 microg ethinylestradiol in combinatie met het progestageen levonorgestrel, omdat het een lage dosis oestrogeen bevat in combinatie met een progestageen met het minste risico op veneuze trombose.

Het is nog niet bekend hoe het risico van de combinatie estradiol/nomegestrol zich verhoudt tot de anticonceptiepillen met het minste risico op veneuze trombose. Geadviseerd wordt deze combinatie niet voor te schrijven aan vrouwen die voor het eerst hormonale anticonceptie gebruiken.

Aan de vergoeding van estradiol/nomegestrol zijn voorwaarden verbonden, zie Regeling zorgverzekering, bijlage 2.

Indicaties

  • Hormonale anticonceptie.

Gerelateerde informatie

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Hormonale anticonceptie:

Volwassenen:

1 witte tablet per dag gedurende 24 dagen, gevolgd door 1 gele placebotablet per dag gedurende 4 dagen (cyclus van 28 dagen). Volgende strip starten direct na de voorgaande strip. Een onttrekkingsbloeding begint meestal op de tweede tot derde dag na inname van de laatste actieve tablet, en is mogelijk niet voorbij voordat wordt begonnen met de volgende strip.

Bij geen hormonaal anticonceptivum in de voorafgaande maand: De eerste tablet op de eerste dag van de natuurlijke cyclus innemen (d.i. op de eerste dag van de menstruatie). Er zijn dan geen aanvullende anticonceptieve maatregelen nodig.

Bij overschakeling van een ander combinatie oraal anticonceptivum (OAC): bij voorkeur beginnen op de dag na inname van de laatste actieve tablet, uiterlijk op de dag na de gebruikelijke stopweek of na de laatste placebotablet van het voorafgaande OAC.

Bij overschakeling van een gecombineerd anticonceptivum in de vorm van een vaginale ring of transdermale pleister: bij voorkeur beginnen op de dag van verwijdering, maar uiterlijk op de dag dat de nieuwe ring of pleister geplaatst had moeten worden.

Bij overschakeling van een progestageenmethode: van de minipil op een willekeurige dag overschakelen, van een implantaat of intra-uterien systeem op de dag van verwijdering en van een injectiepreparaat op de dag waarop de volgende injectie zou worden gegeven. Tijdens de eerste 7 dagen na de overschakeling is gebruik van een aanvullend barrièremiddel noodzakelijk.

Na een abortus in het eerste trimester: de vrouw kan direct beginnen, aanvullende anticonceptieve maatregelen zijn niet nodig.

Na bevalling of na een abortus in het tweede trimester: beginnen tussen de 21e–28e dag na de partus of abortus, indien later wordt begonnen de eerste 7 dagen aanvullend een barrièremiddel gebruiken. Indien inmiddels geslachtsgemeenschap heeft plaatsgevonden, zwangerschap uitsluiten of de eerste menstruatie afwachten alvorens te starten met het gebruik. Voor gebruik tijdens lactatie, zie de rubriek Lactatie.

Adviezen bij afwijkend gebruik:

Volwassenen:

Een tablet is vergeten indien > 24 uur te laat ingenomen. Indien één tablet wordt vergeten blijft de betrouwbaarheid gehandhaafd. De vergeten tablet kan tot 48 uur na inname van de vorige tablet alsnog worden ingenomen. Indien één tablet wordt vergeten in de eerste maand van het pilgebruik, gelden dezelfde adviezen als hierna worden beschreven voor het vergeten van twee of meer tabletten. Het beleid is afhankelijk van in welke week van de cyclus de tabletten zijn vergeten.

Dag 1–7: Bij vergeten van 2–7 tabletten: de laatst vergeten tablet alsnog innemen, de strip afmaken en aanvullende anticonceptieve maatregelen nemen totdat de pil 7 dagen achtereenvolgens is ingenomen. Indien tijdens de 5 dagen vóór de tweede vergeten tablet of 7 dagen na de laatste vergeten tablet onbeschermde seksuele gemeenschap heeft plaatsgevonden, kan een noodanticonceptivum worden overwogen (zie Noodanticonceptie).

Dag 8–17: Bij vergeten van 2–3 tabletten: de laatst vergeten tablet alsnog innemen en de strip afmaken. Er zijn geen aanvullende anticonceptieve maatregelen nodig (mits continuïteit gewaarborgd). Bij vergeten van 4–7 tabletten: de laatst vergeten tablet alsnog innemen en de strip afmaken. Bovendien is aanvullende anticonceptie nodig totdat de pil 7 dagen achtereenvolgens is ingenomen.

Dag 18–24: Bij vergeten van 2–7 tabletten: de laatst vergeten tablet alsnog innemen en daarna minimaal 7 dagen achtereen een actieve tablet slikken (eventueel kunnen 2 strips achter elkaar worden geslikt). Een andere mogelijkheid is direct beginnen met de placebotabletten (waarbij het totale aantal placebotabletten plus vergeten actieve tabletten niet meer dan 4 mag zijn), gevolgd door een nieuwe strip. Er zijn geen aanvullende anticonceptieve maatregelen nodig. Bij incorrect gebruik in de 7 dagen voorafgaand aan de eerste vergeten tablet, de eerste optie nemen én een aanvullende anticonceptieve methode gebruiken gedurende 7 dagen.

Bij hevig braken of waterdunne diarree: indien binnen 3–4 uur na inname van een actieve tablet hevig braken of waterdunne diarree optreedt, kan enkele uren later een nieuwe tablet worden ingenomen. Dit kan tot uiterlijk 48 uur na inname van de laatste tablet die nog goed in het lichaam is opgenomen. Als deze periode voorbij is, gelden de adviezen zoals bij het vergeten van de pil. Bij één niet opgenomen tablet door hevig braken of waterdunne diarree blijft de betrouwbaarheid gehandhaafd (met uitzondering van de eerste maand van het gebruik).

Bij uitstellen maandelijkse bloeding: zonder inname van de gele placebotabletten doorgaan met een nieuwe pilstrip zoveel dagen als men wenst. Tijdens de verlenging kan doorbraakbloeding of 'spotting' optreden. Na de placebotabletten van de tweede strip de reguliere inname hervatten.

Veranderen begindag van de maandelijkse bloeding: De placebofase (gele tabletten) inkorten. Hoe korter de placebofase, des te meer kans op het uitblijven van een onttrekkingsbloeding en het optreden van doorbraakbloeding of 'spotting' tijdens het gebruik van de volgende strip.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): acne. Doorbraakbloeding of 'spotting'.

Vaak (1–10%): verminderd libido. Depressieve stemming, stemmingswisselingen. Hoofdpijn, migraine. Misselijkheid. Menorragie, pijnlijke borsten, onderbuikpijn. Gewichtstoename.

Soms (0,1–1%): toegenomen eetlust, vochtretentie. Opvlieger. Overmatig zweten, haaruitval, jeuk, droge huid, seborroe. Hypomenorroe, gezwollen borsten, galactorroe, premenstrueel syndroom (verergering van), borstgezwel, dyspareunie, vaginale droogheid. Prikkelbaarheid, oedeem. Stijging van leverenzymwaarden.

Zelden (0,01–0,1%): verminderde eetlust. Verhoogd libido. Aandachtsstoornis. CVA, TIA. Intolerantie voor contactlenzen of droge ogen. Veneuze trombo-embolie. Droge mond. Cholelithiasis, cholecystitis. Chloasma, hypertrichose.

Verder zijn gemeld: overgevoeligheidsreacties.

Interacties

Tijdens en tot 4 weken na gebruik van leverenzyminducerende stoffen (bv. bosentan, carbamazepine, fenobarbital, fenytoïne, felbamaat, (fos)aprepitant, griseofulvine, modafinil, oxcarbazepine, perampanel, primidon, rifabutine, rifampicine, rufinamide, sint-janskruid, topiramaat) is de anticonceptiepil minder betrouwbaar door verlaging van de spiegels van het oestrogeen en progestageen. Indien deze interactie niet kan worden vermeden, de anticonceptiepil vervangen door een levonorgestrelbevattend spiraaltje, een koperhoudend spiraaltje of de prikpil. Een andere optie is het gebruik van condooms in combinatie met de anticonceptiepil; deze gebruiken tot ten minste 4 weken na staken van de inductor. Als de inductor nog in gebruik is na de laatste actieve tablet, dan direct beginnen met een volgende strip zonder de gebruikelijke placebofase.

Veel combinaties van HIV-proteaseremmers en niet-nucleoside reverse-transcriptase remmers, incl. combinaties met HCV-remmers kunnen de spiegels van het oestrogeen of progestageen uit de anticonceptiepil verlagen of verhogen; raadpleeg de voorschrijfinformatie van deze middelen.

Bij gelijktijdig innemen met colesevelam of colestyramine neemt de resorptie af; de anticonceptiepil ten minste 4 uur vóór colesevelam of colestyramine innemen.

Oestrogenen uit de anticonceptiepil en aromataseremmers of tamoxifen kunnen elkaars werking verminderen.

Door gebruik van hormonale anticonceptiva kan de plasmaspiegel van lamotrigine dalen en die van ciclosporine stijgen.

Wees voorzichtig met gelijktijdig gebruik van de HCV-combinatietherapie ombitasvir/​paritaprevir/​ritonavir met of zonder dasabuvir; verhoogde ALAT-waarden kwamen vaker voor bij vrouwen die anticonceptiva met ethinylestradiol gebruikten.

Het gebruik van anticonceptieve steroïden kan de uitslag van bepaalde laboratoriumtesten beïnvloeden.

Zwangerschap

Gezien de geregistreerde indicatie niet van toepassing.
Teratogenese: In het geval van accidenteel (door)gebruik van de anticonceptiepil tijdens de vroege zwangerschap zijn er geen aanwijzingen voor nadelige effecten op de zwangerschap of foetus.
Overige: Vóór begin van het gebruik, zwangerschap uitsluiten. Mocht zich tijdens het gebruik het vermoeden van zwangerschap voordoen, dan de toediening staken en gebruik maken van een (betrouwbare) niet-hormonale methode van anticonceptie, totdat zwangerschap is uitgesloten.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja, zowel oestrogenen als progestagenen in geringe mate.
Farmacologisch effect: Er zijn geen negatieve effecten op de zuigeling gezien. In de eerste zes weken na de bevalling, kan de combinatiepil de borstvoeding mogelijk nadelig beïnvloeden (gering effect op de productie en samenstelling van de moedermelk). Daarbij kan de combinatiepil de kans op trombose (bij de moeder) in de eerste weken na de bevalling verder verhogen.
Advies: Gebruik ontraden tijdens de eerste 6 weken na de bevalling; daarna kan dit middel waarschijnlijk veilig worden gebruikt.

Contra-indicaties

  • Aanwezigheid van of kans op veneuze trombo-embolie (VTE):
    • actuele of doorgemaakte VTE (bv. diepveneuze trombose, longembolie);
    • al dan niet erfelijke predispositie voor VTE, zoals geactiveerd proteïne C (APC)-resistentie, proteïne C–, proteïne S– of antitrombinedeficiëntie;
    • zware operatie met langdurige immobilisatie;
    • veel kans op VTE (zie Waarschuwingen/Voorzorgen).
  • Aanwezigheid van of kans op arteriële trombo-embolie (ATE):
    • actuele of doorgemaakte ATE (zoals myocardinfarct) of prodromale aandoeningen (zoals angina pectoris en TIA);
    • actueel of doorgemaakt CVA;
    • al dan niet erfelijke predispositie voor ATE, zoals hyperhomocysteïnemie of aanwezigheid van anti-fosfolipide-antilichamen;
    • voorgeschiedenis van migraine met focale neurologische symptomen;
    • veel kans op ATE, zoals bij diabetes mellitus met vasculaire symptomen, ernstige hypertensie of ernstige dyslipoproteïnemie (zie W/V).
  • Geslachtshormoon-afhankelijke maligne aandoeningen.
  • Bestaande of eerder doorgemaakte ernstige leveraandoeningen zolang de leverfunctiewaarden niet zijn genormaliseerd.
  • Actuele of doorgemaakte levertumoren.
  • Pancreatitis of een voorgeschiedenis hiervan die samenhangt met ernstige hypertriglyceridemie.
  • Onverklaarde vaginale bloedingen.

Waarschuwingen en voorzorgen

Veneuze trombo-embolie (VTE): Bij gebruik van een gecombineerd hormonaal anticonceptivum neemt de kans op het ontstaan van VTE toe. Het is nog niet bekend hoe het risico met estradiol/nomegestrol zich verhoudt tot de anticonceptiepillen met het laagste risico (producten met levonorgestrel, norgestimaat, norethisteron). De meeste kans bestaat in het eerste jaar van het gebruik en mogelijk neemt de kans toe nadat het gebruik gedurende vier weken of langer is onderbroken. Bij aanwezigheid van één of meerdere risicofactoren voor VTE, het gebruik afwegen. Bij verdenking op een erfelijke predispositie, de vrouw doorverwijzen voor verder onderzoek. Risicofactoren zijn een toenemende leeftijd (> 35 j.), positieve familie-anamnese (VTE op lage leeftijd bij een eerstegraads familielid), immobilisatie, een operatieve ingreep (m.n. operatie van de benen of neurochirurgie), grote traumata, een recente bevalling of miskraam in het tweede trimester, obesitas (BMI > 30 kg/m²) en mogelijk oppervlakkige flebitis en varicosis.

Arteriële trombo-embolie (ATE): Het gebruik van een gecombineerd hormonaal anticonceptivum hangt samen met meer kans op het ontstaan van arteriële complicaties (myocardinfarct of beroerte). Bij aanwezigheid van één of meerdere risicofactoren voor ATE, het gebruik afwegen. Bij verdenking op een erfelijke predispositie de vrouw doorverwijzen voor verder onderzoek. Risicofactoren zijn een toenemende leeftijd, roken (m.n. bij vrouwen > 35 j.), obesitas (BMI > 30 kg/m²), hypertensie, migraine en positieve familie-anamnese (ATE op lage leeftijd bij een eerstegraads familielid). Wees voorzichtig bij andere aandoeningen waarbij vaatstoornissen kunnen optreden zoals kanker, diabetes mellitus, hartklepziekte en atriumfibrilleren, dyslipoproteïnemie, systemische lupus erythematodes, hemolytisch uremisch syndroom, chronische inflammatoire darmziekte en sikkelcelanemie.

Tumoren: In epidemiologisch onderzoek is toename van de kans op mammacarcinoom gerapporteerd, alsmede van optreden van cervixcarcinoom bij langerdurend gebruik. Deze toegenomen kans verdwijnt binnen 10 jaar na staken van de inname. Bij hevige pijn in de bovenbuik, leververgroting of symptomen van een abdominale bloeding de mogelijkheid van een levertumor in de diagnosestelling betrekken.

Staak de toediening bij een toename in frequentie of ernst van migraine, bij de eerste symptomen van tromboflebitis of trombo-embolie, bij stijging van de bloeddruk die onvoldoende op antihypertensieve therapie reageert en bij cholestatische icterus. Bij abnormale leverfunctiewaarden de toediening onderbreken totdat normalisatie optreedt.

Depressie is gemeld; adviseer de vrouw contact op te nemen met de arts bij symptomen hiervan, ook kort na aanvang van de behandeling.

Andere aandoeningen: Bij hypertriglyceridemie, of een positieve familie-anamnese hiervoor, bedacht zijn op meer kans op pancreatitis. Erfelijk angio–oedeem kan verergeren door exogene oestrogenen. Bij diabetes mellitus met name in het begin van het gebruik zorgvuldig controleren, omdat de perifere insulineresistentie en glucosetolerantie kan worden beïnvloed. Bij predispositie voor melasma blootstelling aan zonlicht of UV-straling vermijden.

Beoordeling van eventueel onregelmatig bloedverlies is pas zinvol na een periode van 3 cycli, omdat vooral tijdens de eerste maanden van gebruik 'spotting' of doorbraakbloeding optreedt. Indien het anticonceptivum niet volgens de aanwijzingen is ingenomen voorafgaand aan een uitgebleven onttrekkingsbloeding of indien er tweemaal geen onttrekkingsbloeding optreedt, zwangerschap uitsluiten alvorens het gebruik voort te zetten.

De veiligheid en werkzaamheid zijn niet vastgesteld bij adolescenten < 18 jaar.

Eigenschappen

De werkzame tabletten bevatten een combinatie van een vaste hoeveelheid oestrogeen en progestageen. Nomegestrol is een hoogselectief progestageen, afgeleid van het natuurlijke progesteron. Het heeft een antigonadotrope, een progesteronreceptor-gemedieerde anti-oestrogene werking en een matige anti-androgene werking.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

estradiol/nomegestrol hoort bij de groep anticonceptiva, combinatiepreparaten.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook

Geneesmiddelgroep

Indicaties

Externe links