Samenstelling

Alprazolam Tabletten Diverse fabrikanten

Toedieningsvorm
Tablet
Sterkte
0,25 mg, 0,5 mg
Toedieningsvorm
Tablet met gereguleerde afgifte
Sterkte
0,5 mg, 1 mg, 2 mg

Xanax Pfizer bv

Toedieningsvorm
Tablet met gereguleerde afgifte 'Retard'
Sterkte
0,5 mg, 1 mg, 2 mg

Uitleg symbolen

Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Bij een angststoornis met een geringe ziektelast volstaan voorlichting en zelfhulpadviezen. Bij onvoldoende effect daarvan of bij ernstige ziektelast zijn cognitieve gedragstherapie, een antidepressivum of beide aangewezen. Er is een lichte voorkeur voor SSRI’s boven serotonerge TCA’s vanwege een geringere kans op ernstige bijwerkingen. Bij sociale fobie komen TCA’s niet in aanmerking. Na herstel van de angststoornis is begeleiding bij het stoppen van het antidepressivum en terugvalpreventie belangrijk. Bij examenangst/plankenkoorts kan incidenteel propranolol gegeven worden.

Indien de antidepressiva en cognitieve gedragstherapie niet voldoende effectief zijn, hebben benzodiazepinen een beperkte plaats in de onderhoudsbehandeling van sociale angststoornissen en paniekstoornissen. Daarnaast kunnen benzodiazepinen bij de start van een behandeling met antidepressiva kortdurend worden toegevoegd (maximaal 2-4 weken) om de initieel toenemende angst op te vangen.

Aan de vergoeding van alprazolam zijn voorwaarden verbonden, zie Regeling zorgverzekering, bijlage 2.

Indicaties

Pathologische angst en spanning, die ernstig is, invaliderend is of ernstig lijden veroorzaakt.

Gerelateerde informatie

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Anxiolyse:

Volwassenen:

Gewone tablet: startdosering: 0,25–0,5 mg 3×/dag; gebruikelijke dosering: 0,5– 3 mg per dag verdeeld over meerdere giften. Retardtablet: startdosering: 1 mg per dag in 1–2 giften; gebruikelijke dosering 0,5–3 mg per dag in 1–2 giften.

Bij ouderen, verzwakte patiënten of patiënten met een gestoorde lever- of nierfunctie: gewone tablet: begin- en gebruikelijke dosering 0,25 mg 2–3×/dag. Retardtablet: begin- en gebruikelijke dosering 0,5–1 mg in 1–2 giften, indien nodig en indien de ziekte het toelaat de dosis geleidelijk verhogen.

Bij chronische respiratoire insufficiëntie met hypercapnie lager dan gewoonlijk doseren. Bij staken van de behandeling de dagelijkse dosis iedere 3 dagen met max. 0,5 mg verminderen; bij sommige patiënten is trager afbouwen vereist. Zonder herevaluatie moet de behandeling korter dan 8–12 weken (incl. uitsluipen) duren.

De tablet met gereguleerde afgifte niet kauwen, vermalen of breken, maar heel doorslikken.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): sedatie, slaperigheid, depressie, ataxie, geheugenstoornis, onduidelijke spraak (dysartrie), duizeligheid, hoofdpijn, vermoeidheid, prikkelbaarheid, droge mond, obstipatie.

Vaak (1-10%): verminderde eetlust, verwardheid, angst, slapeloosheid, nervositeit, desoriëntatie, evenwichtsstoornis, coördinatiestoornis, aandachtsstoornis, hypersomnie, asthenie, lethargie, tremor. Visusstoornis (zoals diplopie, wazig zien). misselijkheid, braken. Libidoverandering, Dermatitis. Gewichtsverandering.

Soms (0,1-1%): woede, agressie, vijandigheid, agitatie, stimulatie, hallucinaties, (hypo)manie. Amnesie, spierzwakte. Diarree. Urine-incontinentie. Onregelmatige menstruatie. .

Zelden: bloedbeeldafwijkingen.

Verder zijn gemeld: lichamelijke en psychische afhankelijkheid, onthoudings- en rebound-verschijnselen, abnormale gedachten, hyperprolactinemie, anorexie, toegenomen eetlust, toegenomen speekselproductie, dysfagie, nasale verstopping, licht gevoel in het hoofd, hypotensie, tachycardie. Hepatitis, angio-oedeem, perifeer oedeem, dystonie, psychomotorische hyperactiviteit, overgevoeligheid voor licht. Abnormale leverfunctie, geelzucht. Urineretentie. Seksuele stoornissen, Verhoogde intraoculaire druk.

Vooral bij kinderen en ouderen: paradoxale reacties, zoals rusteloosheid, agitatie, prikkelbaarheid, agressie, woede-aanvallen, wanen, hallucinaties, psychosen, nachtmerries, gedragsstoornissen.

Interacties

Alcohol en andere centraal dempende stoffen versterken het centrale effect van benzodiazepinen. Gelijktijdig gebruik van clozapine vermeerdert de kans op ademhalings- en/of hartstilstand. De euforie en daardoor de psychische afhankelijkheid van opioïden kan worden versterkt. Het spierverslappende effect (kans op vallen) neemt toe bij gelijktijdig gebruik van andere spierverslappers.

Bij gelijktijdig gebruik van stoffen met een sterke invloed op leverenzymen (vnl. CYP3A4) kunnen de concentratie en werking van alprazolam verhogen; daarom wordt gelijktijdig gebruik van de CYP3A4-remmers (zoals HIV-proteaseremmers, ketoconazol, itraconazol en andere antimycotica azoolverbindingen) afgeraden en is voorzichtigheid en mogelijke dosisreductie aanbevolen bij gelijktijdig gebruik van fluvoxamine en cimetidine. Wees voorzichtig bij fluoxetine, orale anticonceptiva, diltiazem en macrolide antibiotica. CYP3A4-inductoren (als rifampicine, fenytoïne, fenobarbital, carbamazepine of sint-janskruid) kunnen de concentratie alprazolam verlagen.

Bij combinatie met digoxine kan alprazolam de plasmaspiegel van digoxine verhogen, met name bij ouderen; let op symptomen van digoxine-intoxicatie.

Zwangerschap

Teratogenese: Bij de mens, onvoldoende gegevens.
Farmacologisch effect: Hypothermie, hypotonie, matige ademhalingsdepressie en voedingsproblemen ('floppy infant syndrome') bij pasgeborenen. Bovendien kan na langdurig gebruik laat in de zwangerschap bij de pasgeborene afhankelijkheid zijn opgetreden en bestaat het risico van onthoudingsverschijnselen (zoals prikkelbaarheid, hypertonie, tremoren, convulsies, onregelmatige ademhaling, braken, diarree en hard huilen) in de postnatale periode.
Advies: Alleen op strikte indicatie gebruiken, kortdurend en in een zo laag mogelijke dosering.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja (in geringe mate).
Advies: Het gebruik van dit geneesmiddel of het geven van borstvoeding ontraden.

Contra-indicaties

  • overgevoeligheid voor benzodiazepinen;
  • myasthenia gravis;
  • ernstige respiratoire insufficiëntie;
  • slaap-apneusyndroom;
  • ernstige leverinsufficiëntie;
  • acute vergiftiging door alcohol of andere centraal werkzame stoffen;
  • acuut nauwe-kamerhoekglaucoom.

Waarschuwingen en voorzorgen

Indien minder dan 7–8 uur beschikbaar is om te slapen en bij hogere doseringen is er meer kans op anterograde amnesie. Amnestische effecten kunnen gepaard gaan met onaangepast gedrag.

De kans op afhankelijkheid neemt toe bij hogere doseringen, een langere gebruiksduur en bij alcohol- en/of drugsmisbruik in de voorgeschiedenis; wees terughoudend bij middelenmisbruik in de voorgeschiedenis en bij uitgesproken persoonlijkheidsstoornissen. Bij herhaald gebruik gedurende enkele weken kan het hypnotisch effect van benzodiazepinen minder worden (tolerantie). Beperk het gebruik in verband met de kans op afhankelijkheid, tolerantie en centrale bijwerkingen tot maximaal 8–12 weken (incl. uitsluipen). Bij benzodiazepinen met een korte werkingsduur kunnen binnen het toedieningsinterval onthoudingsverschijnselen optreden, vooral bij hoge doseringen.

Staak de behandeling bij het optreden van paradoxale reacties.

Ouderen zijn gevoeliger voor de sedatieve effecten van benzodiazepinen, bovendien is bij hen het gevaar van cumulatie groter. Ouderen hebben een erg groot valrisico. Gebruik bij ouderen de laagst mogelijke effectieve dosis.

Verlaag de dosering bij patiënten met een nierfunctiestoornis, lichte of matige leverfunctiestoornis of chronische respiratoire insufficiëntie.

Wees voorzichtig bij patiënten met depressieve symptomen, suïcidale neigingen of aanleg voor acuut nauwe-kamerhoekglaucoom.

De veiligheid en werkzaamheid zijn bij kinderen < 18 jaar niet vastgesteld; vermijd gebruik bij kinderen.

Het gebruik kan leiden tot verminderd reactie- en concentratievermogen; vele dagelijkse bezigheden (bv. autorijden) kunnen daarvan hinder ondervinden. Bij onvoldoende slaapduur is hier meer kans op.

Overdosering

Zie voor symptomen en behandeling www.vergiftigingen.info en www.toxicologie.org/benzodiazepinen. Flumazenil kan in bepaalde gevallen gebruikt worden als antidotum.

Eigenschappen

Benzodiazepine, toegepast als anxiolyticum. Alprazolam heeft als benzodiazepine ook sedatieve, hypnotische, spierverslappende en anticonvulsieve eigenschappen. Vergemakkelijkt de remming van de neurotransmitteractiviteit van gammaboterzuur, wat pre- en postsynaptische inhibitie in het centrale zenuwstelsel medieert.

Kinetische gegevens

Resorptietabl. snel.
F≥ 80%.
T maxtabl. 1–2 uur, Retardtablet 5–11 uur.
Metaboliseringvnl. in de lever, in belangrijke mate oxidatief door CYP3A4, tot α-hydroxy-alprazolam (= even actief als alprazolam) en 4-hydroxy-alprazolam (heeft 10% van de activiteit van alprazolam).
V d1 l/kg.
Eliminatievnl. met de urine.
T 1/212–15 uur, bij ouderen gem. 16 uur.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

alprazolam hoort bij de groep benzodiazepine agonisten.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook