Samenstelling

Azitromycine Diverse fabrikanten

Toedieningsvorm
Poeder voor suspensie
Sterkte
40 mg/ml
Verpakkingsvorm
15 ml

Bevat tevens: saccharose ca. 760 mg/ml en aspartaam 6 mg/ml (overeenkomend met 3,4 mg/ml fenylalanine). De hoeveelheid aspartaam kan iets verschillen afhankelijk van de fabrikant.

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
250 mg, 500 mg

Zithromax Pfizer bv

Toedieningsvorm
Poeder voor suspensie
Sterkte
40 mg/ml
Verpakkingsvorm
15 ml

Bevat tevens: saccharose 776 mg/ml.

Toedieningsvorm
Tablet
Sterkte
250 mg, 500 mg

Uitleg symbolen

Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Algemeen: bij infecties met Gram-positieve kokken zijn de penicillinen, voor zover geen resistentie of β-lactamaseremming optreedt, nog steeds de middelen van eerste keus. Macroliden komen pas in aanmerking indien penicillineresistentie of -overgevoeligheid bestaat en verder bij de verwekkers waarbij penicillinen níet werkzaam zijn maar macroliden wel (bv. Legionella pneumophila waar het één van de eerstekeusmiddelen is). Azitromycine heeft o.a. als voordeel boven erytromycine een gunstiger farmacokinetisch profiel, waardoor het slechts eenmaal per dag hoeft te worden gebruikt. Daarnaast is de korte behandelduur van azitromycine (3 evt. 5 dagen) in vergelijking met erytromycine en de andere macroliden een voordeel; bovendien is gebruik van azitromycine goedkoper.

Een acute rinosinusitis geneest vrijwel altijd vanzelf. Pijnstillers (paracetamol), stomen en de nasale toediening van een zoutoplossing of een decongestivum kunnen verlichting geven van de klachten. Antibiotica zijn doorgaans niet nodig. Geef antibiotica bij vermoeden van een bacteriële ontsteking en ernstig ziek zijn en overweeg antibiotica bij een verminderde weerstand en bij koorts die langer dan vijf dagen aanhoudt of opnieuw optreedt. Voor de keuze van antibiotica, wanneer deze geïndiceerd zijn, zie het behandelplan.

Bij acute faryngotonsillitis is bestrijding van de pijn met paracetamol, eerste keus. Antibiotica zijn zelden geïndiceerd. Bij ernstige faryngotonsillitis, bij immuundeficiëntie of op advies van de GGD kan gekozen worden voor een smalspectrum penicilline zoals feneticilline of fenoxymethylpenicilline. Bij een penicilline-overgevoeligheid is azitromycine gedurende drie dagen eerste keus. Alle macroliden zijn even effectief tegen streptokokken, maar azitromycine heeft de voorkeur vanwege de korte gebruiksduur en kosten. Bij een peritonsillair infiltraat of bij onvoldoende effect van een behandeling met smalspectrum penicillinen wordt gekozen voor amoxicilline/clavulaanzuur.

Bij de behandeling van otitis media acuta gaat de voorkeur uit naar een afwachtend beleid met adequate pijnbestrijding. Is na drie dagen het effect op pijn en/of koorts onvoldoende dan wordt gestart met een antimicrobiële behandeling met amoxicilline. Bij risicogroepen (zie het stappenplan) en bij forse algemene ziekteverschijnselen direct starten met een antimicrobiële behandeling.

Bij een bacteriële community-acquired pneumonie (CAP) is behandeling met antibiotica altijd aangewezen. De verwekker van de pneumonie is bepalend voor de keuze van het antibioticum, maar bij een onbekende verwekker is de ernst van de pneumonie bepalend voor de initiële keuze van het antibioticum. Bij behandeling van een milde pneumonie (C(U)RB-65-score: 0–1, PSI-klasse I–II) heeft orale toediening van amoxicilline de voorkeur, bij een penicilline-allergie komen macroliden als azitromycine in aanmerking bij kinderen < 10 jaar en bij zwangeren of vrouwen in de lactatieperiode. Bij vermoeden van een (milde) pneumonie door Legionella pneumophila komt azitromycine wel als initiële behandeling in aanmerking (deze macrolide is daarin tweede keus, levofloxacine en moxifloxacine als fluorchinolonen zijn, ook als orale toediening, de eerste keus hierbij). Bij een matig-ernstige pneumonie (CURB-65-score: 2, PSI-klasse: III–IV) is intraveneuze toediening van benzylpenicilline of amoxicilline aangewezen. Bij een ernstige pneumonie (CURB-65-score:> 2, PSI-klasse: V) die op een normale afdeling wordt behandeld is monotherapie met een i.v. cefalosporine (cefotaxim, ceftriaxon of cefuroxim) aangewezen. Bij een ernstige pneumonie (CURB-65-score:> 2, PSI-klasse: V) die op een intensivecare-afdeling wordt behandeld is monotherapie met i.v.-moxifloxacine dan wel i.v.-combinatietherapie van antibiotica aangewezen (ciprofloxacine met ofwel cefotaxim of ceftriaxon of cefuroxim). Bij een nosocomiale pneumonie wordt de keuze voor een specifiek antibioticum bepaald door de lokale situatie met betrekking tot de aard en de resistentie van de ziekenhuisflora.

Probeer met hygiënische maatregelen uitbreiding van bacteriële huidinfecties of besmetting van anderen tegen te gaan. Behandel oppervlakkige bacteriële huidinfecties met een lokaal antimicrobieel middel. Bij erythrasma heeft, bij uitgebreide en hinderlijke laesies en onvoldoende verbetering na 4 weken, lokale behandeling met een systemisch macrolide (zoals azitromycine) de voorkeur. Ook bij hardnekkige klachten van een folliculitis en indien daarbij tevens sprake is van een penicilline-allergie heeft een macrolide de voorkeur. Bij impetigo en impetiginisatie heeft lokaal fusidinezuur de voorkeur. Bij uitgebreide klachten, algemene ziekteverschijnselen en onvoldoende verbetering op lokale therapie én als daarbij sprake is van een penicilline-allergie is hierbij eveneens een macrolide aangewezen. Bij diepe huidinfecties zijn meestal orale antibiotica geïndiceerd of is operatief ingrijpen noodzakelijk. Bij orale antimicrobiële behandeling heeft een smalspectrum-penicilline de voorkeur. Macroliden (zoals azitromycine) zijn een alternatief wanneer bijvoorbeeld penicillinen niet worden verdragen. Bij bijtwonden heeft een breedspectrum-penicilline de voorkeur.

Na een tekenbeet kan worden afgewacht of preventief worden behandeld met een eenmalige dosering doxycycline of azitromycine. Bij een erythema migrans of Borrelia-lymfocytoom behandelen met doxycycline. Azitromycine of amoxicilline zijn een alternatief indien doxycycline gecontra-indiceerd is.

Door Chlamydia trachomatis veroorzaakte urethritis, cervicitis en conjunctivitis: Volgens de NHG multidisciplinaire richtlijn Seksueel Overdraagbare Aandoeningen (pdf 2,3 MB, 2018) is azitromycine eerste keus bij de behandeling van door Chlamydia trachomatis veroorzaakte urethritis, cervicitis en conjunctivitis. Het is even effectief als doxycycline maar het hoeft slechts eenmalig te worden gebruikt. Volgens dezelfde richtlijn SOA is azitromycine ook eerste keus bij mannen met urethritisklachten met een aangetoonde Mycoplasma genitalium-infectie (bij voorkeur op geleide van een antibiogram). Vaste partner(s) ook behandelen, zonder bij hen op M. genitalium te testen. Wel komt resistentie van M. genitalium voor azitromycine redelijk frequent voor; is dit het geval dan komt moxifloxacine als tweede keus in aanmerking.

Conjunctivitis: Bij een infectieuze conjunctivitis door een banale verwekker is een lokaal antibioticum niet geïndiceerd, behalve bij risicogroepen voor complicaties (bv. na recente oogoperaties, bij chronisch infectieuze oogziekten of immuun-gecompromitteerde patiënten) of soms, als de conjunctivitis langer dan twee weken duurt. In deze gevallen gaat de voorkeur uit naar chlooramfenicol-oogdruppels en/of -oogzalf boven fusidinezuur-ooggel, vanwege een breder werkingsspectrum en minder snelle resistentieontwikkeling.

Behandel een infectieuze conjunctivitis door chlamydia en/of gonokok met een gericht systemisch antibioticum, conform de behandeling van een anogenitale infectie (SOA; zie hierboven). Bij een herpes-simplexvirusconjunctivitis is aciclovir-oogzalf aangewezen. Verwijs, bij een conjunctivitis door het varicella-zostervirus, dezelfde dag naar de oogarts door en start direct met een oraal nucleoside-analogon (valaciclovir of aciclovir).

Indicaties

Infecties, veroorzaakt door micro-organismen die gevoelig zijn voor azitromycine:

  • van de bovenste luchtwegen (sinusitis, faryngitis, tonsillitis) en acute otitis media;
  • van de lagere luchtwegen (acute bronchitis, licht tot matig ernstige pneumonie verkregen buiten het ziekenhuis ('community-acquired' pneumonie (CAP));
  • van huid en weke delen zoals:
    • cellulitis;
    • ecthyma ulcus;
    • erysipelas, erysipeloïd;
    • erythrasma;
    • folliculitis;
    • furunkel;
    • impetigo, impetiginisatie van andere dermatosen;
    • erythema migrans en het Borrelia-lymfocytoom;
    • wondinfectie met uitzondering van geïnfecteerde brandwonden.
  • ongecompliceerde Chlamydia trachomatis-infectie van urethra en cervix;
  • Offlabel: bij mannen met (persisterende) urethritis waarbij een Mycoplasma genitalium-infectie aangetoond is en daarnaast als 'partner-behandeling' bij hun vaste partner(s).

En daarnaast:

  • profylaxe van de ziekte van Lyme na een tekenbeet;
  • profylaxe tegen Mycobacterium avium intracellulare-complex-(MAC-)infectie, bij HIV-geïnfecteerde patiënten in een vergevorderd stadium (CD4-aantal ≤ 100/mm³).

Azitromycine is niet geschikt voor toepassing bij ernstige infecties waarbij snel een hoge bloedconcentratie nodig is, zoals ernstige pneumonie.

Het CBG adviseert azitromycine niet offlabel te gebruiken na een hematopoëtische stamceltransplantatie, zie ook de rubriek Waarschuwingen en voorzorgen achter Onderzoeksgegevens.

Gerelateerde informatie

Dosering

Bij kinderen gebruik maken van de suspensie; hierbij kan per 0,5 ml worden gedoseerd (bv. bij een kind van ca. 14 kg gedurende 3 dagen doseren: 3,5 ml 1×/dag).

Klap alles open Klap alles dicht

Algemene richtlijn:

Volwassenen en kinderen > 45 kg:

500 mg 1×/dag gedurende 3 dagen óf 500 mg 1×/dag op de eerste dag gevolgd door 250 mg 1×/dag op de dagen 2 t/m 5.

Kinderen ≤ 45 kg:

Suspensie: 10 mg/kg lichaamsgewicht 1×/dag gedurende 3 dagen óf 10 mg/kg lichaamsgewicht 1×/dag op de eerste dag, gevolgd door 5 mg/kg lichaamsgewicht 1×/dag op de dagen 2 t/m 5. Er zijn weinig gegevens beschikbaar over het gebruik bij kinderen < 1 jaar.

Streptokokken-faryngitis bij kinderen:

Kinderen:

Suspensie: 10–20 mg/kg lichaamsgewicht 1×/dag, gedurende 3 dagen; maximaal 500 mg/dag. Er zijn weinig gegevens beschikbaar over het gebruik bij kinderen < 1 jaar.

Community-acquired pneumonie:

Volwassenen:

Volgens de SWAB-richtlijn community-acquired pneumonie (mild), onbekende verwekker (2016): 500 mg 1×/dag. Behandelduur: 3 dagen.

Seksueel overdraagbare aandoeningen veroorzaakt door Chlamydia trachomatis:

Volwassenen:

1 g in één gift.

Offlabel: Urethritis door een aangetoonde Mycoplasma genitalium-infectie:

Mannen en hun vaste partners:

Volgens de Multidisciplinaire richtlijn SOA (2018): alléén bij mannen met (persisterende) urethritis-klachten bij wie Mycoplasma genitalium aangetoond is (bij voorkeur in combinatie met een test waarbij de gevoeligheid van Mycoplasma genitalium voor azitromycine bepaald is): 500 mg op dag 1 en 250 mg 1×/dag op dag 2-5. De vaste partner(s) mee behandelen (met dezelfde behandeling) zonder bij hen op de aanwezigheid van M. genitalium te testen.

Profylaxe ziekte van Lyme na een tekenbeet:

Volwassenen (m.n. zwangeren) en kinderen van 8 jaar en ouder:

Volgens de NHG-Behandelrichtlijn Tekenbeet en erythema migrans (2017): Indien een teek langer dan 24 uur op de huid heeft gezeten én deze korter dan 72 uur geleden verwijderd is, kan worden gekozen voor een eenmalige dosis antibiotica, of voor 'watchful waiting'. Aan niet-zwangere personen ≥ 8 jaar wordt, indien niet gecontra-indiceerd, doxycycline (systemisch) gegeven. Dosering: eenmalig 500 mg binnen 72 uur na het verwijderen van de teek.

Kinderen < 8 jaar:

Volgens de NHG-Behandelrichtlijn Tekenbeet en erythema migrans (2017): Indien een teek langer dan 24 uur op de huid heeft gezeten én deze korter dan 72 uur geleden verwijderd is, kan worden gekozen voor een eenmalige dosis antibiotica, of voor 'watchful waiting'. Dosering: eenmalig 10 mg/kg lichaamsgewicht, binnen 72 uur na het verwijderen van de teek.

Erythema migrans:

Volwassenen en kinderen vanaf 9 jaar:

Volgens de NHG-Behandelrichtlijn Tekenbeet en erythema migrans (2017): Bij contra-indicaties voor doxycycline (systemisch) en overgevoeligheid voor amoxicilline kan azitromycine gegeven worden. Dosering: 500 mg 1×/dag gedurende 5 dagen.

Kinderen jonger dan 9 jaar:

Volgens de NHG-Behandelrichtlijn Tekenbeet en erythema migrans (2017): Bij contra-indicaties voor doxycycline (systemisch) en overgevoeligheid voor amoxicilline kan azitromycine gegeven worden. Dosering: 10 mg/kg lichaamsgewicht 1×/dag gedurende 5 dagen.

Profylaxe MAC-infecties bij HIV-geïnfecteerde patiënten:

Volwassenen:

1200 mg 1×/week.

Bij ernstige nierinsufficiëntie: kan de blootstelling aan azitromycine ca. 33% toenemen; eventueel de dosis aanpassen.

Toedieningsinformatie: de suspensie en de tabletten kunnen eventueel met voedsel worden ingenomen. De suspensie schudden vóór gebruik. Na inname van de suspensie kan een bittere nasmaak voorkómen worden door direct na inname vruchtensap te drinken.

Bijwerkingen

Zeer vaak (> 10%): misselijkheid, buikpijn, flatulentie, diarree.

Vaak (1-10%): braken, dyspepsie, anorexie. Huiduitslag, jeuk. Artralgie. Vermoeidheid. Duizeligheid, hoofdpijn, paresthesie, smaakstoornis. Visusstoornis. Doofheid. Verlaagd aantal lymfocyten, verhoogd aantal eosinofielen. Verlaagd bicarbonaat in bloed.

Soms (0,1-1%): hartkloppingen. Gastritis, obstipatie. Hepatitis. Candidiase, vaginale infectie. Overgevoeligheid, angio-oedeem, urticaria, Stevens-Johnsonsyndroom, lichtgevoeligheidsreactie. Oorsuizen, overige gehoorstoornis. Hypo-esthesie, slaperigheid, slapeloosheid. Pijn op de borst, oedeem, malaise, asthenie. Nervositeit. Leukopenie, neutropenie, Verhoogde waarden in het bloed van ASAT, ALAT, bilirubine, creatinine en ureum. Afwijkende kaliumspiegel.

Zelden (0,01-0,1%): prikkelbaarheid. Vertigo. Leverfunctiestoornis.

Verder zijn gemeld: hypotensie, QT-verlenging, 'torsade de pointes', ventriculaire tachycardie. Anafylaxie. Toxische epidermale necrolyse, erythema multiforme, acute gegeneraliseerde exanthemateuze pustulose (AGEP) . Interstitiële nefritis, acuut nierfalen. Fulminante hepatitis, cholestatische icterus, levernecrose, leverfalen. Pancreatitis. Buikkrampen, pseudomembraneuze colitis. Syncope, convulsies, myasthenia gravis, psychomotorische hyperactiviteit, paresthesie, onvermogen om te kunnen ruiken en/of proeven. Nervositeit, agitatie, agressie, angst, depersonalisatie. Verkleuring van de tong en/of tanden. Trombocytopenie, hemolytische anemie.

Bij pasgeborenen (tot 42 dagen oud) is hypertrofische pylorusstenose gemeld, zie ook de rubriek Waarschuwingen en voorzorgen.

Interacties

Voorzichtig bij de combinatie met geneesmiddelen die het QT-interval verlengen zoals klasse IA en III anti-aritmica, antipsychotica, antidepressiva, fluorchinolonen, imidazool- en triazoolantimycotica, ketoconazol, niet-sederende antihistaminica en 5HT₃-antagonisten.

Voorzichtig bij de combinatie met geneesmiddelen die hepatotoxisch zijn; mogelijk kan de combinatie resulteren in fulminante hepatitis en levensbedreigend leverfalen.

Azitromycine verhoogt mogelijk de blootstelling aan Pgp-substraten zoals digoxine en colchicine. Tijdens de behandeling met azitromycine en na staken ervan zijn klinische opvolging en mogelijk controle van de digoxinespiegel nodig.

De toxische grens van ergotamine en derivaten (ergotisme) is eerder bereikt bij gebruik van sommige macrolide antibiotica; de combinatie azitromycine en ergotamine vermijden.

Azitromycine verhoogt de blootstelling aan ciclosporine; bij gelijktijdige toediening de ciclosporinespiegel controleren en zonodig de dosis aanpassen.

Mogelijk versterkt azitromycine de werking van vitamine K-antagonisten.

Antacida verminderen de piekserumconcentratie van azitromycine met ca. 24%; azitromycine ten minste 1 uur vóór of 2 uur na antacida innemen.

Zwangerschap

Azitromycine passeert de placenta (bij dieren).
Teratogenese: Bij de mens is er ruime ervaring met de toepassing van een eenmalige dosis van 1000 mg voor de indicatie Chlamydia trachomatis-infectie van urethra en cervix, waarbij geen nadelige effecten zijn gezien. Redelijke ervaring (met meervoudige doses) bij andere indicaties laat geen kanstoename zien op aangeboren afwijkingen. Een recente studie laat iets meer kans op spontane miskramen zien.
Advies: Kan eenmalig worden gebruikt voor de indicatie Chlamydia trachomatis-infectie van urethra en cervix. Volgens Lareb kan bij de overige indicaties azitromycine gebruikt worden als de eventuele voorkeursmiddelen (bv. penicillinen, cefalosporinen) niet gebruikt kunnen worden.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja.
Farmacologisch effect: Ondanks de lange halfwaardetijd worden waarschijnlijk geen klinisch relevante spiegels bij de zuigeling opgebouwd.
Advies: Weeg het risico van het gebruik van dit geneesmiddel in combinatie met het geven van borstvoeding af.

Contra-indicaties

  • overgevoeligheid voor macroliden.

Waarschuwingen en voorzorgen

Er is kruisresistentie tussen de macroliden onderling en met lincomycinen.

Azitromycine is niet geïndiceerd voor de behandeling van geïnfecteerde brandwonden.

Bij QT-verlenging of kans daarop zoals bij bradycardie, hypokaliëmie, hypocalciëmie, hypomagnesiëmie, cardiale aritmie, ernstig hartfalen, comedicatie met geneesmiddelen die het QT-interval verlengen (zie rubriek Interacties) en bij congenitale of verworven QT-verlenging, voorzichtig zijn. Bij ouderen, omdat bij hen sprake kan zijn van pro-aritmische aandoeningen, extra voorzichtig zijn.

Bij een ernstige nierfunctiestoornis (creatinineklaring < 10 ml/min) vindt een verhoogde blootstelling (33%) plaats; bij een dergelijke gestoorde nierfunctie voorzichtig toepassen.

Leverziekten: hepatitis, cholestatische icterus, levernecrose en leverfalen zijn gemeld, in sommige gevallen fataal; staak het gebruik onmiddellijk bij het optreden van tekenen van hepatitis. Bij een bestaande leveraandoening en een zich snel ontwikkelende asthenie geassocieerd met icterus, donkere urine, bloedingsneiging of hepatische encefalopathie dus zeer voorzichtig zijn.

Wanneer diarree ernstig is en aanhoudt, de diagnose antibiotica-gerelateerde of pseudomembraneuze colitis overwegen.

Zeldzame, ernstige allergische reacties zijn net als bij andere macroliden, gemeld; indien deze optreden het gebruik staken.

Hypertrofische pylorusstenose is bij behandeling van pasgeborenen (tot 42 dagen) gemeld; informeer ouders en verzorgers om contact met de arts op nemen bij aanhoudend braken en irritatie bij het voeden.

Bij psychiatrische en neurologische aandoeningen, voorzichtig zijn; myasthenia gravis kan ontstaan of verergeren.

Sluit bij een SOA, een bijkomende infectie door Treponema pallidum (syfilis) uit.

Onderzoeksgegevens: bij snel recidiverende infecties, behandeling met een ander antibioticum overwegen, omdat de veiligheid en ervaring met langdurige toepassing van azitromycine ontbreekt (behoudens de profylactische toepassing tegen een Mycobacterium avium intracellulare-complex-(MAC-)infectie). De werkzaamheid en veiligheid van azitromycine als profylaxe tegen alsmede als behandeling voor een MAC-infectie bij kinderen is niet vastgesteld. Verder is de hoeveelheid gegevens over het gebruik bij kinderen < 1 jaar beperkt. Het langdurig (offlabel) gebruik van azitromycine na een hematologische stamceltransplantatie lijkt een kanstoename op recidief van de maligniteit en een vroegtijdig overlijden te veroorzaken. Het onderzoek was opgezet om te kijken of profylaxe met azitromycine de incidentie van bronchiolitis obliterans verlaagt; dit bleek echter niet het geval, er was zelfs een trend naar een slechtere longfunctie. Het is niet duidelijk hoe azitromycine de kans op de betreffende bijwerkingen doet toenemen.

Eigenschappen

Bacteriostatisch (bij sommige species bactericide) middel, behorend tot de azaliden, een subklasse van de macroliden. Azitromycine voorkomt de RNA–afhankelijke eiwitsynthese door te binden aan de 50S–ribosomale subunit.

Gewoonlijk gevoelig zijn: Haemophilus influenzae, Moraxella catarrhalis, Neisseria gonorrhoeae, Chlamydophila pneumoniae, Chlamydia trachomatis, Legionella pneumophila, Mycobacterium avium, Mycoplasma pneumonia en Borrelia burgdorferi.

(Verworven) resistentie kan een probleem zijn bij: Staphylococcus aureus, Streptococcus agalactiae, Streptococcus pneumoniae, Streptococcus pyogenes, Ureaplasma urealyticum en Mycoplasma genitalium (resistentie bij M. genitalium: 20-58%).

Ongevoelig zijn: Staphylococcus aureus (meticilline-resistente en erytromycine-resistente stammen), Streptococcus pneumoniae (penicilline resistente stammen), Escherichia coli, Pseudomonas aeruginosa, Klebsiella spp. en Raoultella spp.

Kinetische gegevens

F37%
T max2–3 uur.
V dca. 31,1 l/kg. Azitromycine wordt in hoge mate in de weefsels gebonden; in de weefsels kunnen de spiegels tot 50× hoger zijn dan in plasma. Er vindt vooral accumulatie plaats in leukocyten, waaronder de fagocyten, wat bijdraagt aan accumulatie van azitromycine in ontstekingsweefsel.
Metaboliseringin de lever deels tot niet of nauwelijks actieve metabolieten.
Eliminatievnl. met de feces (onveranderd en als metabolieten) en in mindere mate met de urine.
Overigde terminale plasma-eliminatiehalfwaardetijd volgt de weefseldepletiehalfwaardetijd van 2–4 dagen op de voet.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

azitromycine (oraal) hoort bij de groep macroliden.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook