Samenstelling

Allergietablet cetirizine (dihydrochloride) Healthypharm bv

Toedieningsvorm
Tablet
Sterkte
10 mg

Cetirizine (dihydrochloride) Diverse fabrikanten

Toedieningsvorm
Tablet
Sterkte
10 mg
Toedieningsvorm
Drank
Sterkte
1 mg/ml
Verpakkingsvorm
200 ml

Conserveermiddelen: methyl- en propylparahydroxybenzoaat. Bevat tevens: sorbitol en propyleenglycol (49 mg/ml).

Prevalin allerstop Omega Pharma Nederland

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
10 mg

Reactine Johnson & Johnson Consumer bv

Toedieningsvorm
Tablet
Sterkte
10 mg

Zyrtec UCB Pharma bv

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
10 mg
Toedieningsvorm
Drank
Sterkte
1 mg/ml

Uitleg symbolen

Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Vermijd bij allergische rinitis zoveel mogelijk de prikkels die klachten veroorzaken. Bij gebruik van geneesmiddelen is bij incidentele klachten een niet-sederend antihistaminicum (oraal of nasaal) eerste keus vanwege de snelle werking. Bij intermitterende en milde klachten kan een antihistaminicum (oraal niet-sederend of nasaal) of een nasaal corticosteroïd worden gebruikt. Bij een verstopte neus en bij persisterende en matig ernstige tot ernstige klachten gaat de voorkeur uit naar een nasaal corticosteroïd dat bij onvoldoende effect kan worden gecombineerd met een antihistaminicum (oraal niet-sederend of nasaal). Faalt ook de combinatietherapie en zijn de klachten ernstig, dan kan een allergeen-specifieke, subcutane immunotherapie in aanmerking komen, na zorgvuldige afweging van de voor- en nadelen samen met de patiënt.

Bij een allergische conjunctivitis geven oogdruppels met een antihistaminicum veelal verlichting van de klachten. Voeg bij hardnekkige en hevige conjunctivitisklachten, prednisolon-oogdruppels toe (max. 3 dagen). Bij hevige klachten aan de oogleden, kan aanbrengen van hydrocortisoncrème gedurende enkele dagen effectief zijn. Overweeg bij frequent recidiverende conjunctivitis een onderhoudsbehandeling met een antihistaminicum-oogdruppel; combineer met een (‘niet-sederend’) oraal antihistaminicum bij onvoldoende effect. Behandel een rinoconjunctivitis in eerste instantie met een corticosteroïdneusspray, aangezien de oogklachten hierdoor vaak al afnemen.

Bij jeuk eerst de oorzaak van de jeuk achterhalen en deze zo mogelijk behandelen. Indien het wegnemen van de oorzaak niet mogelijk is, of bij onbekende oorzaak, proberen de jeuk te verminderen door symptomatische behandeling. Niet-medicamenteuze maatregelen kunnen daarbij worden aangewend evenals lokale of systemische behandeling. Systemische, niet-sederende, antihistaminica (zoals cetirizine) worden geadviseerd wanneer vrijmaking van histamine in de huid een rol speelt, zoals bij urticaria. Indien histamine geen of slechts geringe rol speelt bij het ontstaan van de jeuk, kunnen centraal aangrijpende antihistaminica worden gebruikt. Houd hierbij wel rekening met het sederende effect van deze middelen.

Aan de vergoeding van cetirizine zijn voorwaarden verbonden, zie Regeling zorgverzekering, bijlage 2.

Indicaties

  • Symptomatische behandeling van neusklachten en oogklachten bij seizoensgebonden en niet-seizoensgebonden allergische rinitis.
  • Chronische urticaria.

Gerelateerde informatie

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Allergische rinitis, chronische urticaria:

Volwassenen en kinderen ≥ 12 jaar:

10 mg 's (1 tablet of 10 ml drank).

Nierfunctiestoornis, volwassenen: bij een matige nierfunctiestoornis (creatinineklaring 30–49 ml/min): 5 mg 1×/dag; bij ernstige nierfunctiestoornis (creatinineklaring 10–30 ml/min) 5 mg 1×/twee dagen; bij een creatinineklaring < 10 ml/min en bij dialysepatiënten: gecontra-indiceerd; > 50 ml/min geen dosisaanpassing nodig.

Nierfunctiestoornis, kinderen ≥ 12 jaar: volgens het Kinderformularium van het NKFK: bij een creatinineklaring van 10–50 ml/min/1,73m²: 5 mg 1×/dag; > 50 ml/min: geen dosisaanpassing nodig.

Kinderen 6–12 jaar:

5 mg (½ tablet of 5 ml drank) 2×/dag.

Bij nierfunctiestoornis: volgens het Kinderformularium van het NKFK: bij een creatinineklaring van 10–50 ml/min/1,73m²: 5 mg 1×/dag; > 50 ml/min geen dosisaanpassing nodig.

Kinderen 2–6 jaar:

Drank: 2,5 mg (= 2,5 ml drank) 2×/dag.

Bij nierfunctiestoornis: volgens het Kinderformularium van het NKFK: bij een creatinineklaring van 10–50 ml/min/1,73m²: 2,5 mg 1×/dag; > 50 ml/min geen dosisaanpassing nodig.

Kinderen 1–2 jaar:

Volgens het Kinderformularium van het NKFK: 0,5 mg/kg lichaamsgewicht/dag verdeeld over 2 doses, max. 5 mg/dag.

Bij nierfunctiestoornis: volgens het Kinderformularium van het NKFK (> 3 mnd.): bij een creatinineklaring van 10–50 ml/min/1,73m²: 0,25 mg/kg lichaamsgewicht 1×/dag; > 50 ml/min geen dosisaanpassing nodig.

Bij alleen een leverfunctiestoornis is geen dosisaanpassing nodig.

Bijwerkingen

Vaak (1-10%): in lichte mate en van voorbijgaande aard: slaperigheid, vermoeidheid, duizeligheid, hoofdpijn, droge mond, misselijkheid en faryngitis. Bij kleine kinderen diarree, slaperigheid, vermoeidheid en rinitis.

Soms (0,1-1%): buikpijn, diarree. Agitatie, paresthesie. Jeuk, huiduitslag. Asthenie, malaise.

Zelden (0,01-0,1%): tachycardie. Agressie, verwardheid, depressie, hallucinatie, slapeloosheid, convulsie. Verminderde leverfunctie (stijging van transaminase-, alkalische fosfatase-, γ-GT- en bilirubinewaarden). Overgevoeligheid, urticaria. Oedeem en gewichtstoename.

Zeer zelden (< 0,01%): angio–oedeem, anafylactische shock. Tic, dysgeusie, syncope, tremor, dystonie, dyskinesie. Accommodatiestoornissen, wazig zien, oculogyrisch effect. Dysurie, enurese. Erythema fixatum, dermatitis. Trombocytopenie.

Verder zijn gemeld: urineretentie. Toegenomen eetlust. Vertigo. Geheugenstoornis. Zelfmoordgedachten, nachtmerrie. Oogpijn. Erectiestoornissen. Acuut gegeneraliseerd pustuleus exantheem. Artralgie. Hepatitis.

Interacties

Interacties met alcohol en andere centraal dempende middelen kunnen niet worden uitgesloten.

Antihistaminica beïnvloeden immunotherapie bij allergie.

Zwangerschap

Antihistaminica passeren de placenta.
Teratogenese: Zowel bij de mens als bij dieren geen aanwijzingen voor schadelijkheid.
Advies: Kan (voor zover bekend zonder gevaar) overeenkomstig het voorschrift worden gebruikt.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja, 25% tot 90% van de plasmaconcentratie van de moeder.
Overig: In het algemeen geldt dat sedatie van de zuigeling de belangrijkste bijwerking is na maternaal gebruik van een antihistaminicum; de meeste kans hierop is er bij oudere antihistaminica. Daarnaast kunnen ook effecten zoals slecht drinken en een droge mond optreden.
Farmacologisch effect: Het is niet waarschijnlijk dat er centrale effecten bij de zuigeling optreden, vanwege de geringe werking op het centraal zenuwstelsel.
Advies: Kan (voor zover bekend zonder gevaar) volgens voorschrift worden gebruikt.

Contra-indicaties

  • ernstig gestoorde nierfunctie (creatinineklaring < 10 ml/min), dialysepatiënten;
  • overgevoeligheid voor hydroxyzine of andere piperazinederivaten, of voor het conserveermiddel (in de drank).

Waarschuwingen en voorzorgen

Bij een risico van convulsies (bv. epilepsie) en bij risicofactoren voor urineretentie (zoals ruggenmerglaesie, prostaathyperplasie) voorzichtig zijn.

Antihistaminica beïnvloeden de uitslagen van allergietesten; het gebruik van cetirizine drie dagen vóór de test staken.

Jeuk en/of urticaria (in sommige gevallen ernstig) kunnen optreden na staken van de behandeling, zelfs indien deze symptomen niet aanwezig waren vóór start van de behandeling. Bij ernstige jeuk en/of urticaria behandeling opnieuw starten waarna de klachten zouden moeten verdwijnen.

Gebruik bij kinderen < 2 jaar wordt ontraden vanwege bepaalde hulpstoffen in de drank.

De hulpstof propyleenglycol kan bij langdurig gebruik en/of gebruik van hoge doses, ernstige bijwerkingen geven, vooral bij een verlaagd metabolisme ervan, zoals bij jonge kinderen. Er gelden doseringslimieten; zie de informatie van de EMA: Questions and answers on propylene glycol (pdf 0,2 MB) hierover.

Overdosering

Symptomen
Verwardheid, diarree, duizeligheid, vermoeidheid, hoofdpijn, malaise, mydriase, jeuk, rusteloosheid, sedatie, slaperigheid, stupor, tachycardie, tremor en urineretentie.

Zie voor meer informatie over symptomen en behandeling de stofmonografie cetirizine op vergiftigingen.info.

Eigenschappen

Selectieve H1-receptorantagonist. Heeft slechts bij hoge doseringen een sederende werking. Heeft tevens een remmende werking op de migratie van eosinofielen, die een rol spelen bij de late fase van allergische reacties. De werking treedt binnen 2 uur in, is maximaal na 4 uur en houdt ten minste 24 uur aan.

Kinetische gegevens

Resorptiesnel. Voedselinname vertraagt de resorptie.
T max60–90 min.
V d0,5 l/kg.
Overigpassage bloed-liquorbarrière: slecht.
Eiwitbindingca. 93%.
Metaboliseringin de lever, in geringe mate.
Eliminatieca. twee derde onveranderd met de urine. Cetirizine wordt niet effectief verwijderd door hemodialyse.
T 1/2el10 uur (volwassenen), 5–6 uur (kinderen), verlengd bij nier- en/of leverinsufficiëntie.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

cetirizine hoort bij de groep antihistaminica, systemisch.

Kosten

Kosten laden…

Zie ook