Samenstelling

Zie voor hulpstoffen de productinformatie van CBG/EMA of raadpleeg een apotheker.

Allegra fexotabs (hydrochloride) XGVS OTC Opella Healthcare France SAS

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
120 mg

Fexofenadine (hydrochloride) Diverse fabrikanten

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
120 mg, 180 mg

Telfast (hydrochloride) Opella Healthcare France SAS

Toedieningsvorm
Tablet, omhuld
Sterkte
180 mg
Toedieningsvorm
Tablet 'junior', omhuld
Sterkte
30 mg

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Vermijd bij allergische rinitis zoveel mogelijk de prikkels die klachten veroorzaken. Bij gebruik van geneesmiddelen is bij incidentele klachten een niet-sederend antihistaminicum (oraal of nasaal) eerste keus vanwege de snelle werking. Bij intermitterende en milde klachten kan een antihistaminicum (oraal niet-sederend of nasaal) of een nasaal corticosteroïd worden gebruikt. Bij een verstopte neus en bij persisterende en matig ernstige tot ernstige klachten gaat de voorkeur uit naar een nasaal corticosteroïd dat bij onvoldoende effect kan worden gecombineerd met een antihistaminicum (oraal niet-sederend of nasaal). Faalt ook de combinatietherapie en zijn de klachten ernstig, dan kan een allergeen-specifieke, subcutane immunotherapie in aanmerking komen, na zorgvuldige afweging van de voor- en nadelen samen met de patiënt.

Bij een allergische conjunctivitis geven oogdruppels met een antihistaminicum veelal verlichting van de klachten. Voeg bij hardnekkige en hevige conjunctivitisklachten, prednisolon-oogdruppels toe (max. 3 dagen). Bij hevige klachten aan de oogleden, kan aanbrengen van hydrocortisoncrème gedurende enkele dagen effectief zijn. Overweeg bij frequent recidiverende conjunctivitis een onderhoudsbehandeling met een antihistaminicum-oogdruppel; combineer met een (‘niet-sederend’) oraal antihistaminicum bij onvoldoende effect. Behandel een rinoconjunctivitis in eerste instantie met een corticosteroïdneusspray, aangezien de oogklachten hierdoor vaak al afnemen.

Bij jeuk eerst de oorzaak van de jeuk achterhalen en deze zo mogelijk behandelen. Indien het wegnemen van de oorzaak niet mogelijk is, of bij onbekende oorzaak, proberen de jeuk te verminderen door symptomatische behandeling. Niet-medicamenteuze maatregelen kunnen daarbij worden aangewend evenals lokale of systemische behandeling. Systemische, niet-sederende, antihistaminica (zoals fexofenadine) worden geadviseerd wanneer vrijmaking van histamine in de huid een rol speelt, zoals bij urticaria. Indien histamine geen of slechts geringe rol speelt bij het ontstaan van de jeuk, kunnen centraal aangrijpende antihistaminica worden gebruikt. Houd hierbij wel rekening met het sederende effect van deze middelen.

Indicaties

  • Seizoensgebonden allergische rinitis;
  • Chronische idiopathische urticaria.

Gerelateerde informatie

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Allergische rinitis

Volwassenen en kinderen ≥ 12 jaar

120 mg 1×/dag.

Kinderen van 6 t/m 11 jaar

30 mg 2×/dag.

Urticaria

Volwassenen en kinderen ≥ 12 jaar

180 mg 1×/dag.

Bijwerkingen

Ademhalingsstelsel, borstkas en mediastinum

Dyspneu ?

Algemeen en toedieningsplaats

Pijn op de borst ?
Vermoeidheid Soms

Hart

Hartkloppingen ?
Tachycardie ?

Huid en onderhuid

Angio-oedeem ?
Pruritus ?
Rash ?
Urticaria ?

Immuunsysteem

Anafylactische reactie ?
Overgevoeligheid ?

Maagdarmstelsel

Diarree ?
Nausea Vaak

Psyche

Levendige dromen ?
Nachtmerrie ?
Slaapstoornis ?
Zenuwachtigheid ?

Zenuwstelsel

Duizeligheid Vaak
Hoofdpijn Vaak
Sedatie Vaak
  • Tachycardie en palpitaties vooral bij patiënten die een cardiovasculaire aandoening hebben of hebben gehad.

Interacties

Gelijktijdig gebruik van erytromycine of ketoconazol verhoogt de plasmaspiegel van fexofenadine met een factor twee à drie (zonder effect op het QT-interval).

Gelijktijdige inname van antacida die aluminium- en magnesiumhydroxide bevatten, vermindert de biologische beschikbaarheid; een tijdsinterval van twee uur aanhouden.

Antihistaminica beïnvloeden immunotherapie bij allergie.

Zwangerschap

Antihistaminica passeren de placenta.

Teratogenese: Er is ruime ervaring tijdens de zwangerschap. Gegevens uit bijna 3000 zwangerschappen duiden niet op een verhoogd risico op aangeboren afwijkingen.

Advies: Kan waarschijnlijk veilig gebruikt worden.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Ja, in geringe mate. Een nadelig effect bij de zuigeling lijkt onwaarschijnlijk.

Advies: Kan waarschijnlijk veilig worden gebruikt.

Waarschuwingen en voorzorgen

Voorzichtig bij patiënten die een cardiovasculaire aandoening hebben (gehad) vanwege de kans op tachycardie en palpitaties.

Antihistaminica beïnvloeden de uitslagen van allergietesten.

Er zijn onvoldoende gegevens over de effectiviteit en veiligheid bij ouderen en bij mensen met een verminderde nier- of leverfunctie. De veiligheid en werkzaamheid bij kinderen < 6 jaar (Telfast Junior) en < 12 jaar (overige preparaten) zijn niet vastgesteld.

Dit middel kan invloed hebben op de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen. Raadpleeg ‘Rij Veilig met Medicijnen’ van het IVM.

Eigenschappen

Niet-sederend H1-antihistaminicum (geen centraal aangrijpingspunt). Fexofenadine is een farmacologisch actieve metaboliet van terfenadine. Werking: binnen 1 uur, max. na 6 uur.

Kinetische gegevens

Resorptie snel.
T max 1–3 uur.
Metabolisering nauwelijks.
Eliminatie waarschijnlijk vnl. met de feces, 10% onveranderd met de urine.
T 1/2el 11–15 uur.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd