Samenstelling

Tetanusvaccin Bilthoven Biologicals

Toedieningsvorm
Suspensie voor injectie
Sterkte
0,5 ml
Verpakkingsvorm
flacon

Bevat per dosis ≥ 40 IE tetanustoxoïd . Conserveermiddel: thiomersal. Bevat tevens: aluminiumfosfaat.

Uitleg symbolen

XGVS Dit geneesmiddel is niet opgenomen in het geneesmiddelen vergoedings systeem (GVS).
OTC 'Over the counter', dit geneesmiddel is een zelfzorgmiddel.
Bijlage 2 Aan de vergoeding van dit geneesmiddel zijn bepaalde voorwaarden verbonden, die zijn vermeld op bijlage 2 van de Regeling zorgverzekering.
Aanvullende monitoring Dit geneesmiddel is onderworpen aan aanvullende monitoring. Extra aandacht wordt gevraagd voor onverwachte bijwerkingen. Meldt u dit via het meldformulier van het Lareb.

Advies

Tetanusvaccin kan bij de genoemde indicatie worden voorgeschreven.

Indicaties

Actieve immunisatie tegen tetanus.

Dosering

Klap alles open Klap alles dicht

Primaire vaccinatie:

Driemaal één dosis van 0,5 ml volgens het schema 0, 1 en 7: de eerste injectie is op tijdstip 0, vervolgens 1 en 7 maanden na deze eerste toediening.

Kinderen ontvangen hun basisimmunisatie door middel van combinatievaccins die worden toegediend volgens het Rijksvaccinatieprogramma.

Profylactisch bij verwondingen:

Zie ook de LCI-richtlijn op rivm.nl: stroomschema tetanusvaccinatie bij wonden (pdf 40 kB).

Personen die conform het Rijksvaccinatieprogramma volledig zijn gevaccineerd en voor wie de laatste vaccinatie minder dan 10 jaar geleden is, hoeven bij verwonding géén tetanusimmunoglobuline en géén aanvullende dosis tetanusvaccin toegediend te krijgen.

Personen die met een gestoorde immuunstatus: tetanusimmunoglobuline en één dosis à 0,5 ml.

Personen die niet of onvolledig zijn gevaccineerd: tetanusimmunoglobuline en aanvullende ontbrekende vaccinaties of een primaire vaccinatie (basisimmunisatie met 3 doses) toedienen.

Vrouwen geboren in/na 1950 én ouder dan 20 jaar en mannen geboren in/na 1936 én ouder dan 20 jaar, die vermoedelijk zijn gevaccineerd: één dosis à 0,5 ml.

Vrouwen geboren vóór 1950 en mannen geboren vóór 1936 die vermoedelijk zijn gevaccineerd: tetanusimmunoglobuline en één dosis à 0,5 ml.

Meer details:

Kinderen die deelnemen aan het Rijksvaccinatieprogramma nooit apart tetanusimmunoglobuline geven, maar altijd de eerstvolgende D(aK)TP vaccinatie waar zij in het Rijksvaccinatieprogramma aan toe zouden zijn.

Vóór gebruik het vaccin zwenken. Tetanusvaccin i.m. toedienen, bij voorkeur in de deltaspier. Bij gelijktijdige toepassing van andere vaccins, deze in verschillende ledematen toedienen.

Bijwerkingen

Soms (0,1-1%): roodheid of zwelling op de injectieplaats. Malaise.

Zelden (0,01-0,1%): koorts.

Zeer zelden (< 0,01%): neuropathie.

Verder is gemeld: apneu bij zeer premature kinderen (geboren ≤ 28 weken zwangerschap).

Overgevoeligheidsreactie door thiomersal is mogelijk.

Interacties

Bij gelijktijdige behandeling met immunosuppressiva kunnen mogelijk onvoldoende hoge antistoftiters worden bereikt.

Zwangerschap

Teratogenese: Onbekend. Er zijn geen nadelige effecten bekend van vaccins met ontgifte toxinen. Er zijn geen aanwijzingen dat de kleine hoeveelheid thiomersal nadelige effecten heeft op het ongeboren kind.
Advies: Kan (voor zover bekend zonder gevaar, overeenkomstig het voorschrift) worden gebruikt.

Lactatie

Overgang in de moedermelk: Onbekend. De door de moeder gemaakte antistoffen kunnen mogelijk de zuigeling beschermen. Het is onwaarschijnlijk dat de kleine hoeveelheid thiomersal via de borstvoeding een nadelig effect op de zuigeling heeft.
Advies: Kan (voor zover bekend zonder gevaar) volgens voorschrift worden gebruikt.

Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor thiomersal.

Waarschuwingen en voorzorgen

De immunologische respons kan verminderd zijn bij gelijktijdige immunosuppressieve behandeling en bij immuungecompromitteerden. Aangeraden wordt de vaccinatie uit te stellen of de respons op de vaccinatie te controleren. Bij ongevaccineerden of bij onbekende vaccinatiegeschiedenis een combinatie van tetanusimmunoglobulinen met een volledige (re)vaccinatie geven. Beschouw HIV-geïnfecteerden met een slechte immuunrespons na vaccinatie en andere immuungecompromitteerden als niet-gevaccineerd.

Bij zeer premature kinderen (geboren ≤ 28 weken zwangerschap), met name met een niet volledig ontwikkeld ademhalingsstelsel, het risico van apneu beoordelen en de noodzaak om de ademhalingsfunctie gedurende 48–72 uur te monitoren.

Eigenschappen

Vaccinatie leidt tot de vorming van antistoffen tegen het toxine gevormd door Clostridium tetani. Stimuleert het immunologische geheugen. Een antistofniveau van 0,01 IE/ml wordt beschouwd als beschermend. De bescherming duurt ten minste 10 jaar; er zijn aanwijzingen dat de bescherming > 20 jaar kan aanhouden.

Uitleg afkortingen

F biologische beschikbaarheid (fractie van de dosis die in de systemische circulatie verschijnt)
T max tijdsduur tot maximale bloedspiegel na toediening
V d verdelingsvolume (fictief volume waarin een geneesmiddel zich verdeelt over het lichaam)
T 1/2 plasmahalfwaardetijd (tijd die nodig is om een bepaalde plasmaconcentratie te halveren)
T 1/2el plasmahalfwaardetijd in de eliminatiefase, terminale halfwaardetijd

Groepsinformatie

tetanusvaccin hoort bij de groep vaccins.