prikkelbaredarmsyndroom

Advies

De behandeling van het prikkelbaredarmsyndroom is vooral niet-medicamenteus. Het effect van farmacotherapie is vaak teleurstellend. Er is geen bewijs voor de effectiviteit van mebeverine. Als obstipatie en/of diarree de belangrijkste klachten zijn, dan wordt een laxans (macrogol) en/of een antidiarreemiddel (loperamide) toegepast.

Behandelplan

Het resultaat van farmacotherapie is vaak teleurstellend, daarom is het van belang de patiënt vooraf goed te informeren over het te verwachten effect van de geneesmiddelen en om tijdens behandeling regelmatig te evalueren. Staak het gebruik bij onvoldoende effectiviteit.

  1. Bespreek niet-medicamenteus beleid

    • Geef voorlichting over de aard en prognose van de klachten
    • Neem ongerustheid weg over een onderliggende ernstige aandoening of slechte prognose
    • Geef adviezen over lichaamsbeweging
    • Geef adviezen over dieet volgens algemene richtlijnen goede voeding, of het FODMAP-beperkt dieet (www.fodmapdieet.nl)

    Bij op de voorgrond staande klachten van obstipatie of diarree en bij onvoldoende effect van het niet-medicamenteuze beleid, overweeg de volgende stap.

    Toelichting

    Er is tot nu toe geen eenduidige verklaring gevonden voor de klachten van prikkelbaredarmsyndroom. Er is geen verhoogd risico van het ontstaan van ernstige darmziekten.

    Veel patiënten ervaren een verband tussen hun voedingspatroon en het optreden van prikkelbaredarmsyndroom-klachten. Het advies 'algemene richtlijnen goede voeding' kan daarbij worden gevolgd, met uitzondering van het advies per dag ten minste 30–40 gram voedingsvezels te eten. Speciaal voor prikkelbaredarmsyndroom-patiënten is het FODMAP-beperkt dieet ontwikkeld; 37–45% van de patiënten ervaart met dit dieet een afname van hun klachten. Het dieet bestaat uit voedingsmiddelen met weinig fermenteerbare oligo-, di-, monosacchariden en polyolen. Goede langetermijngegevens over het effect van het dieet ontbreken. Daarbij is het nog onduidelijk aan welke criteria patiënten moeten voldoen voor een succesvol dieet.

  2. Start macrogol of loperamide

    Bij vooral obstipatie:

    Bij vooral diarree:

    Ga naar de volgende stap indien behandeling van minimaal een jaar onvoldoende effect heeft.

    Toelichting

    Er is nauwelijks onderzoek verricht naar de werkzaamheid van laxantia specifiek bij prikkelbaredarmsyndroom-patiënten met obstipatie. In het algemeen zijn laxantia werkzaam en veilig bij de behandeling van obstipatie. Probleem van gebruik van laxantia bij prikkelbaredarmsyndroom met obstipatie is dat de bijwerkingen van sommige laxantia kunnen overlappen met de symptomen van prikkelbaredarmsyndroom, zoals flatulentie, buikpijn en krampen. Bij prikkelbaredarmsyndroom met vooral obstipatie wordt als laxans gekozen voor een osmotisch werkzaam middel, met een voorkeur voor macrogol omdat lactulose de kans op buikkrampen vermeerdert door gasvorming. Er is geen bewijs voor de effectiviteit van volumevergrotende middelen zoals plantago ovata (psylliumzaad) bij prikkelbaredarmsyndroom.

    Er zijn enkele kleine studies verricht naar het effect van loperamide bij prikkelbaredarmsyndroom. Loperamide blijkt de defecatiefrequentie te verlagen, de consistentie van de feces te verbeteren en het heeft ook effect op de buikpijn.

  3. Overweeg alternatief (tweedelijnszorg)

    Overweeg bij ernstige klachten van pijn en obstipatie die minimaal een jaar bestaan:

    Toelichting

    Linaclotide heeft alleen een plaats in de tweedelijnszorg. Patiënten met prikkelbaredarmsyndroom die ernstige klachten van pijn en obstipatie houden, ondanks behandeling van minimaal een jaar volgens de NHG-standaard, kunnen in de tweedelijnszorg, volgens een vastgesteld protocol, een behandeling krijgen.

Er is geen bewijs voor de effectiviteit van mebeverine bij de behandeling van prikkelbaredarmsyndroom.

Achtergrond

Definitie

Prikkelbaredarmsyndroom is een functionele darmaandoening. De oorzaak is niet precies bekend, maar de aandoening lijkt multifactorieel; mogelijk spelen een verhoogde sensitiviteit en abnormale motiliteit van de darmen, psychosociale factoren en voorafgaande infecties een rol.

Voorwaarde voor het stellen van de diagnose is dat andere aandoeningen redelijkerwijs zijn uitgesloten en dat de patiënt voldoet aan de zogenoemde ROME-III-criteria.

Symptomen

Prikkelbaredarmsyndroom is het meest voorkomende chronische darmprobleem. Kenmerkende klachten zijn:

  • buikpijn en/of buikkrampen;
  • problemen met de stoelgang (diarree en/of obstipatie);
  • opgeblazen/opgezette buik, gasvorming, winderigheid.

Daarnaast komen voor:

  • maagklachten;
  • brandend maagzuur;
  • hoofdpijn;
  • pijn in de rug;
  • vermoeidheid.

Op basis van de klachten zijn er drie subtypen:

  • prikkelbaredarmsyndroom met vooral obstipatie;
  • prikkelbaredarmsyndroom met vooral diarree;
  • een mengvorm.

Het beloop van de klachten is episodisch, periodes met klachten worden afgewisseld met klachtenvrije periodes.

Behandeldoel

Doel is de patiënt gerust te stellen en de klachten minder hinderlijk te maken.

Uitgangspunten

De behandeling van prikkelbaredarmsyndroom is vooral niet-medicamenteus en bestaat naast uitleg en voorlichting voornamelijk uit leefstijladviezen. Veel patiënten geven aan dat de samenstelling van het dieet invloed heeft op hun klachten. Een speciaal voor patiënten met prikkelbaredarmsyndroom ontwikkeld dieet, om uit te proberen op welke voedingsmiddelen men reageert, bevat weinig fermenteerbare oligo-, di-, monosacchariden en polyolen (het zogenoemde FODMAP-beperkt dieet). Goede langetermijngegevens over het effect van het dieet ontbreken en het is nog onduidelijk aan welke criteria patiënten moeten voldoen voor een succesvol dieet. Ook probiotica worden gebruikt, echter niet duidelijk is welk probioticum effectief is.

In de praktijk worden verschillende geneesmiddelen ingezet bij de behandeling van prikkelbaredarmsyndroom, zoals:

  • spasmolytica (mebeverine, scopolaminebutyl, pepermuntolie (enteric coated capsules));
  • pijnstillers;
  • antidepressiva;
  • laxantia;
  • antidiarreemiddelen.

Geregistreerd voor de behandeling van prikkelbaredarmsyndroom zijn mebeverine (1987) en linaclotide (2012). Het bewijs voor de effectiviteit van mebeverine bij de behandeling ontbreekt, maar ook de andere offlabel-voorgeschreven geneesmiddelen zijn onvoldoende onderzocht op effectiviteit. Het gebruik van laxantia en antidiarreemiddelen komt in aanmerking als klachten van obstipatie en diarree op de voorgrond staan.

Linaclotide heeft alleen een plaats in de tweedelijnszorg. Patiënten met prikkelbaredarmsyndroom die ernstige klachten van pijn en obstipatie houden ondanks behandeling van minimaal een jaar volgens de NHG-standaard, kunnen in de tweede lijn, volgens een vastgesteld protocol, een behandeling krijgen.

Geneesmiddelen

laxantia, overigeToon kosten

musculotrope spasmolyticaToon kosten

Literatuur

  1. NHG-Standaard Prikkelbaredarmsyndroom (PDS) (eerste herziening). Huisarts Wet 2012; 55: 204-9.
  2. NHG. Multidisciplinaire richtlijn Diagnostiek en behandeling van het prikkelbaredarmsyndroom. Utrecht, 2011.
  3. Ruepert L, Quartero AO, De Wit NJ, et al. Bulking agents, antispasmodics and antidepressants for the treatment of irritable bowel syndrome. Cochrane Database Syst Rev 2011: CD003460.
  4. Van der Waaij LA, Stevens J. FODMAP-beperkt dieet bij prikkelbaredarmsyndroom. Ned Tijdschr Geneeskd 2014; 158: A7407.
  5. Zorginstituut Nederland. Farmacotherapeutisch rapport linaclotide (Constella®) bij de indicatie symptomatische behandeling van matig tot ernstig prikkelbaredarmsyndroom met constipatie (PDS-C) bij volwassenen. Diemen, 2014.
  6. Zorginstituut Nederland. Afronding advisering linaclotide (Constella®). Brief dd 28 mei 2015.

Zie ook

Geneesmiddelgroep

Vergelijken

prikkelbaredarmsyndroom vergelijken met een andere indicatie.